De aankondiging klinkt ambitieus, de Wegenautoriteit Suriname start binnenkort met een grootschalig onderhoudsprogramma voor primaire wegen in Groot-Paramaribo, Nickerie en Para. Met een prijskaartje van SRD 125 miljoen belooft het project betere verkeersveiligheid, mobiliteit en zelfs economische vooruitgang. Maar achter deze belofte rijzen kritische vragen, is dit eindelijk een duurzame aanpak of opnieuw een dure pleister op een structureel probleem? Directeur Ridgeley Kasantirto presenteert het plan als een noodzakelijke moderniseringsslag. De cijfers zijn indrukwekkend, de Wegenautoriteit is verantwoordelijk voor maar liefst 890 kilometer aan primaire wegen. Wie dagelijks over deze wegen rijdt, weet echter dat de realiteit vaak minder indrukwekkend is. Verzakkingen, spoorvorming en ernstige slijtage zijn al jaren geen uitzondering, maar eerder de norm. De uitvoering is verdeeld onder drie bedrijven, Baitali Group in Nickerie, Caremco Holding NV in Groot-Paramaribo en I-Roads N.V. in Para.
Volgens de Wegenautoriteit hebben deze bedrijven het aanbestedingsproces correct doorlopen. Toch blijft de vraag hangen die vaker opduikt bij grote infrastructurele projecten, hoe transparant en streng was deze selectie werkelijk? Aanbestedingen in Suriname liggen regelmatig onder een vergrootglas en dat is niet zonder reden. Burgers willen niet alleen weten dat er gewerkt wordt, maar ook hoe en tegen welke prijs. SRD 125 miljoen is immers geen klein bedrag in een economie die onder druk staat. De Wegenautoriteit benadrukt dat het hier gaat om een structurele aanpak. Maar wat betekent dat concreet? In het verleden zijn vaker onderhoudsprogramma’s uitgevoerd, met tijdelijke verbeteringen als resultaat. Na enkele regenrijke seizoenen keert de schade echter vaak terug. De selectie van wegen is gebaseerd op vooronderzoek, waarbij ernstige gebreken zijn vastgesteld. Dat klinkt logisch, maar ook reactief, pas wanneer de situatie verslechtert, wordt ingegrepen. Een echt structureel beleid zou juist preventief onderhoud centraal stellen, iets waar tot nu toe weinig bewijs van is.
Volgens Kasantirto zullen consultants toezicht houden en fungeren als ogen en oren van het project. Zij moeten de kwaliteit bewaken en adviseren welke trajecten prioriteit krijgen. Dit klinkt geruststellend, maar roept tegelijk vragen op over eerdere projecten, ontbrak dit toezicht toen of faalde het systeem? Zonder strikte controle dreigt het risico dat deadlines worden overschreden en dat de kwaliteit ondermaats blijft, een bekend patroon bij infrastructurele werken in de regio. Als alles volgens planning verloopt, starten de werkzaamheden binnen drie tot vier weken. Dat geeft weinig ruimte voor vertraging, maar des te meer druk om snel te leveren. En precies daar schuilt vaak het probleem, snelheid gaat ten koste van duurzaamheid. De recente aanpak van de Avobakaweg wordt aangehaald als voorbeeld, maar één succesvol project garandeert geen consistent beleid op nationale schaal. Het grotere plaatje blijft cruciaal. Goede wegen zijn onmisbaar voor economische ontwikkeling, maar alleen als ze duurzaam zijn. Anders verandert SRD 125 miljoen al snel in een terugkerende kostenpost, in plaats van een investering. De komende maanden zullen uitwijzen of dit onderhoudsprogramma daadwerkelijk een keerpunt vormt, of slechts de zoveelste herhaling in een cyclus van herstel en verval. Eén ding is zeker, de verwachtingen zijn hoog en het geduld van de burger wordt steeds korter.
Volg de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal voor data, nieuws en inspiratie. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com