Tijdens een paneldiscussie over de ontwikkeling van Suriname passeerden vrijwel alle bekende thema’s de revue, beter onderwijs, mentale gezondheid, een efficiëntere overheid en beleid gebaseerd op feiten. De vraag die echter boven de bijeenkomst bleef hangen is of Suriname opnieuw blijft steken in goede intenties of eindelijk de stap zet naar concrete uitvoering. Minister van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur Dirk Currie legde terecht de nadruk op de cruciale rol van de leerkracht. Onderwijsverbetering begint immers niet bij nieuwe beleidsdocumenten, maar in het klaslokaal. Investeren in de opleiding en permanente bijscholing van leerkrachten is essentieel als Suriname jongeren wil voorbereiden op een snel veranderende wereld. Toch is deze boodschap niet nieuw. Al jarenlang wordt gesproken over kwaliteitsverbetering binnen het onderwijs. De uitdaging ligt daarom niet langer in het formuleren van de juiste analyse, maar in het daadwerkelijk vrijmaken van middelen en het consequent uitvoeren van hervormingen.
Ook de bijdrage van onderminister Raj Jadnanansing over mentale gezondheid raakte een gevoelige snaar. De toenemende mentale druk op jongeren is een realiteit die niet langer genegeerd kan worden. Het idee om leerkrachten beter te trainen in het herkennen van signalen van mentale problemen is verstandig. Eveneens verdient het aanbeveling om weerbaarheid, omgaan met tegenslagen en emotionele vaardigheden structureel op te nemen in het curriculum. De ingebruikname van een mental health-hulplijn is een stap vooruit, maar zal slechts effectief zijn als deze onderdeel wordt van een breder en duurzaam ondersteuningssysteem. Minister Lalini Gopal bracht een ander belangrijk punt naar voren, de overheid kan de problemen van jongeren niet alleen oplossen. Samenwerking met maatschappelijke organisaties, religieuze instellingen en gemeenschappen is noodzakelijk. Opvallend was haar nadruk op evaluatie en statistieken. In Suriname worden regelmatig projecten gelanceerd, terwijl achteraf vaak onvoldoende wordt onderzocht wat daadwerkelijk heeft gewerkt en wat niet. Zonder die evaluatie blijft beleid vooral gebaseerd op goede bedoelingen.
Diezelfde boodschap kwam terug in de bijdrage van minister Marinus Bee. Zijn stelling dat het geen ambitie mag zijn dat de overheid de grootste werkgever van het land blijft, raakt een fundamenteel probleem binnen de Surinaamse economie. Een efficiëntere overheid die meer resultaat levert met minder bureaucratie is noodzakelijk. De aangekondigde Public Service Reform kan daarin een belangrijke rol spelen, mits deze niet verzandt in rapporten en commissies, maar leidt tot meetbare verbeteringen in dienstverlening en productiviteit. Misschien wel de meest fundamentele bijdrage kwam van president Jennifer Simons. Zij wees op een probleem dat vrijwel alle beleidsgebieden raakt, het gebrek aan betrouwbare data. Te vaak worden beleidskeuzes gemaakt op basis van aannames, schattingen of politieke indrukken. Zonder actuele cijfers over onderwijs, gezondheid, armoede, werkgelegenheid en jeugdontwikkeling blijft het moeilijk om de juiste prioriteiten te stellen en resultaten te meten. De rode draad van de discussie was duidelijk, Suriname heeft geen gebrek aan inzichten. Er is brede overeenstemming over wat moet gebeuren. De echte uitdaging ligt in het omzetten van die kennis in daadkrachtig beleid, structurele investeringen en consequente evaluatie. Want uiteindelijk zullen niet de speeches, maar de resultaten bepalen of jongeren beter onderwijs krijgen, mentaal sterker worden, de overheid efficiënter functioneert en het land zich daadwerkelijk ontwikkelt. Suriname heeft behoefte aan minder beleidsretoriek en meer meetbare vooruitgang. Dat is de opdracht die na deze discussie blijft liggen.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com