Suriname heeft tijdens het VN High-Level Political Forum on Sustainable Development (HLPF) in New York zijn inzet voor duurzame ontwikkeling krachtig onderstreept. Een delegatie onder leiding van Elizabeth Bradley, directeur Internationale Samenwerking van het ministerie van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking, vertegenwoordigde het land tijdens het forum. Centraal stond de ministeriële verklaring waarin Suriname zijn nationale ontwikkelingsagenda verbond aan de vijf Sustainable Development Goals (SDG’s) die dit jaar centraal stonden, schoon water, duurzame energie, industrie en innovatie, duurzame steden en gemeenschappen en sterke partnerschappen voor de doelen. De deelname vond plaats op een cruciaal moment voor de internationale gemeenschap. Halverwege het traject richting de Agenda 2030 wordt de balans opgemaakt van de wereldwijde vooruitgang. Het VN rapport The Sustainable Development Goals Report 2026 schetst daarbij een zorgwekkend beeld, slechts 36 procent van de meetbare doelstellingen ligt op schema of toont beperkte vooruitgang. Een groot aantal doelen blijft achter, stagneert of vertoont zelfs een achteruitgang. Vooral ontwikkelingslanden ondervinden grote druk door een groeiende financieringskloof, dalende internationale ontwikkelingshulp en de steeds zichtbaardere gevolgen van klimaatverandering.
VN-secretaris-generaal António Guterres benadrukte tijdens deze evaluatie dat de beslissingen van vandaag bepalend zijn voor het behalen van de duurzame ontwikkelingsdoelen. Tegen deze achtergrond presenteerde Suriname zijn inspanningen als voorbeeld van een land dat ondanks structurele uitdagingen blijft werken aan langetermijnoplossingen. De Surinaamse bijdrage bouwde voort op de resultaten uit de tweede Vrijwillige Nationale Evaluatie, die tijdens HLPF 2025 werd gepresenteerd. Daarin werden belangrijke ontwikkelingen beschreven, waaronder verbeterde toegang tot veilig drinkwater in landelijke gebieden, hervormingen binnen het onderwijs, klimaatslimme landbouwinitiatieven en uitbreiding van sociale beschermingsmaatregelen. Ook werd de strategie rond de ontwikkeling van de olie en gassector toegelicht, waarbij economische groei moet worden gecombineerd met het behoud van Surinames koolstofnegatieve status. Tijdens HLPF 2026 gaf Suriname een overzicht van concrete nationale stappen richting een duurzamere toekomst. Op het gebied van energie werd het streven bevestigd om uiterlijk in 2060 volledig over te stappen op hernieuwbare elektriciteitsvoorziening. Momenteel wordt ongeveer 40 tot 50 procent van de elektriciteitsproductie geleverd door waterkracht. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan de uitbreiding van betrouwbare 24 uurs elektriciteit naar inheemse en tribale gemeenschappen in het binnenland, waardoor ook afgelegen gebieden beter toegang krijgen tot essentiële voorzieningen en economische kansen. Ook op het gebied van water en leefomgeving werden vorderingen gepresenteerd.
Steeds meer dorpen krijgen toegang tot veilig drinkwater via oppervlaktewaterfiltratiesystemen. Daarnaast wordt gewerkt aan de modernisering van de kleinschalige goudsector, waarbij het gebruik van kwik geleidelijk moet worden uitgefaseerd. Deze aanpak moet niet alleen milieuschade beperken, maar ook bijdragen aan een meer verantwoorde economische ontwikkeling. Naast milieudoelstellingen blijft economische diversificatie een belangrijke pijler binnen het Surinaamse ontwikkelingsbeleid. Het land benadrukte tijdens het forum dat nieuwe economische sectoren moeten worden ontwikkeld om de afhankelijkheid van enkele inkomstenbronnen te verminderen. In dezelfde periode als het HLPF werd het Nationaal Huisvestingsprogramma gelanceerd, gericht op betaalbare financieringsmogelijkheden voor lage en middeninkomensgezinnen en het verbeteren van toegang tot adequate huisvesting. Op internationaal niveau bevestigde Suriname opnieuw zijn klimaatambities door zijn derde Nationally Determined Contribution (NDC) in te dienen. Daarbij werd de inzet herhaald om meer dan 90 procent van het nationale bosareaal duurzaam te behouden. Met zijn uitgestrekte bossen levert Suriname een belangrijke bijdrage aan mondiale klimaatdoelstellingen en biodiversiteitsbescherming.
Als lid van de Alliance of Small Island States (AOSIS) pleitte Suriname daarnaast voor een betere erkenning van de specifieke kwetsbaarheden van kleine ontwikkelingslanden. Het land benadrukte het belang van verdere toepassing van de Multidimensional Vulnerability Index, zodat kwetsbaarheid een grotere rol krijgt binnen internationale financieringsbesluiten. Ook werd de bijdrage van Suriname aan het ECLAC Development Account 16 project benadrukt, gericht op het versterken van de uitvoeringscapaciteit voor de SIDS agenda. De boodschap van Suriname tijdens het HLPF was duidelijk, duurzame ontwikkeling vraagt niet alleen om nationale hervormingen, maar ook om sterke en betrouwbare internationale samenwerking. Het land wees op de noodzaak van voorspelbare klimaatfinanciering, een eerlijke waardering van de rol van bossen als koolstofopslag, ondersteuning van inheemse en tribale gemeenschappen en financieringsmechanismen die rekening houden met de unieke omstandigheden van kwetsbare landen. Bij de afsluiting van de Surinaamse bijdragen riep Elizabeth Bradley, tevens voorzitter van de Nationale SDG Commissie, de internationale gemeenschap op om gezamenlijke ambities om te zetten in concrete acties. Volgens Suriname kan de Agenda 2030 alleen worden gerealiseerd wanneer landen hun verantwoordelijkheid nemen, partnerschappen versterken en duurzame ontwikkeling vertalen naar tastbare resultaten voor huidige en toekomstige generaties.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com