Suriname zet begin 2 januari het publieke leven bewust een stap terug, omdat de regering na het geweldsdrama in Commewijne ruimte wil maken voor collectieve rouw en erkenning van het verlies dat families en gemeenschap heeft geraakt. Het besluit, dat via Binnenlandse Zaken is gecommuniceerd, is bedoeld als zichtbaar gebaar van medeleven en nationale solidariteit, juist in een periode waarin veel mensen normaal gesproken vooruitkijken naar een nieuwe start.
Op de dag van nationale rouw zullen vlaggen bij openbare gebouwen en bij schepen die aan de steiger liggen halfstok hangen, vanaf de vroege ochtend tot aan zonsondergang. De oproep wordt nadrukkelijk breder getrokken dan de overheid alleen, omdat ook burgers en het bedrijfsleven worden gevraagd hetzelfde te doen, zodat het signaal niet versnipperd raakt maar als één gezamenlijke houding herkenbaar blijft.
Ook mediabedrijven wordt verzocht hun programmering aan te passen, zodat de toon van de dag aansluit bij de ernst van de gebeurtenis en de behoefte aan rust en reflectie. In de praktijk betekent dat dat het land niet alleen stilstaat in woorden, maar ook in zichtbare routines, waarbij waardigheid en terughoudendheid het tempo bepalen.