Suriname heeft een eerste zending humanitaire hulpgoederen naar Venezuela gestuurd, een gebaar dat op het eerste gezicht getuigt van solidariteit, menselijkheid en goed nabuurschap. De hulp is bestemd voor de bevolking van Venezuela, die zwaar is getroffen door de verwoestende aardbeving van 24 juni 2026. Vanaf de Johan Adolf Pengel Internationale Luchthaven vertrok een hulpvlucht met 1.000 voedselpakketten, elk van ongeveer tien kilogram. De pakketten bevatten basisproducten zoals bonen, bloem en sardines. Minister van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking Melvin Bouva presenteerde de hulp als een concrete uiting van solidariteit. Hij werd daarbij vergezeld door minister van Defensie Uraquit Ramsaran. Volgens de regering stopt de ondersteuning bovendien niet bij deze eerste zending. Deze week wordt nog eens 52 ton rijst naar Venezuela verscheept. Via zeevracht volgt daarnaast ongeveer 9 ton aan levensmiddelen en kleding. Humanitaire hulp aan een buurland dat door een natuurramp is getroffen, is op zichzelf geen probleem. Integendeel, een land dat in staat is om mensen in nood te helpen, mag die verantwoordelijkheid niet zomaar uit de weg gaan. Solidariteit hoort niet afhankelijk te zijn van grenzen. Wanneer een bevolking door een ramp wordt getroffen, is hulp noodzakelijk en menselijk. Maar precies daar ontstaat voor Suriname een ongemakkelijke tegenstelling.
Het land dat vandaag voedselpakketten, rijst, kleding en andere goederen naar Venezuela stuurt, heeft zelf grote moeite om zijn eigen sociale problemen structureel aan te pakken. Armoede, stijgende kosten van levensonderhoud, kwetsbare huishoudens, gebrekkige sociale voorzieningen en onzekerheid over inkomen zijn voor veel Surinamers geen abstracte beleidskwesties, maar dagelijkse realiteit. Voor die mensen klinkt de boodschap van internationale solidariteit anders wanneer zij tegelijkertijd zien dat binnenlandse problemen hardnekkig blijven voortbestaan. Het gaat daarom niet om de vraag of Venezuela hulp verdient. Natuurlijk verdient een getroffen bevolking hulp. De werkelijke kwestie is of de Surinaamse regering voldoende verantwoordelijkheid neemt voor haar eigen bevolking, terwijl zij zich internationaal profileert als een solidaire partner. Een regering wordt uiteindelijk niet alleen beoordeeld op mooie woorden over vriendschap en solidariteit, maar vooral op haar vermogen om prioriteiten te stellen. Elke ton rijst die wordt verscheept, iedere voedselzending en iedere vorm van internationale steun heeft waarde. Maar internationale solidariteit mag nooit worden gebruikt als een gemakkelijk succesverhaal terwijl binnenlands beleid tekortschiet. Minister Bouva sprak over waarden als humaniteit, solidariteit en goed nabuurschap. Dat zijn belangrijke waarden. Maar humaniteit begint niet uitsluitend bij de grens. Goed nabuurschap richting Venezuela kan prima samengaan met goed burgerschap richting de eigen bevolking.
Sterker nog, een regering die werkelijk solidair wil zijn, zou beide verantwoordelijkheden serieus moeten nemen. Suriname hoeft niet te kiezen tussen Venezuela helpen en zijn eigen bevolking ondersteunen. Het land moet in staat zijn om beide te doen, maar wel op een manier die financieel verantwoord, transparant en verdedigbaar is. De regering moet daarom duidelijk kunnen aantonen dat deze hulp geen negatieve gevolgen heeft voor noodzakelijke sociale programma’s en dat de beschikbare middelen verstandig worden ingezet. De beelden van voedselpakketten richting Venezuela kunnen diplomatiek goed uitpakken. Ze versterken de relatie met een bevriend buurland en geven Suriname internationaal een menselijk gezicht. Maar achter dat beeld ligt een grotere verantwoordelijkheid. Solidariteit mag geen instrument worden voor politieke profilering. Suriname mag trots zijn wanneer het anderen kan helpen. Maar die trots wordt pas geloofwaardig wanneer ook de Surinamer die moeite heeft om rond te komen, daadwerkelijk merkt dat zijn eigen regering hem niet vergeet. Een land dat zegt dat solidariteit geen grenzen kent, moet er tegelijkertijd voor zorgen dat solidariteit thuis niet ophoudt bij mooie woorden. Venezuela verdient hulp. De Surinaamse bevolking verdient minstens dezelfde betrokkenheid, aandacht en daadkracht.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com