Latijns Amerika en het Caribisch gebied staan vier jaar voor de eindstreep van de 2030 Agenda met een harde waarschuwing op tafel, omdat de regio bij het huidige tempo nog maar 19 procent van de duurzame ontwikkelingsdoelen op tijd zal halen. Volgens het nieuwe ECLAC rapport beweegt 42 procent van de doelen wel de goede kant op, maar veel te traag, terwijl 39 procent stilstaat of zelfs achteruitgaat vergeleken met 2015. Die cijfers zijn nog slechter dan een jaar eerder, toen de verwachting op 23 procent lag, en maken duidelijk dat de regio niet alleen vertraging oploopt maar terrein verliest.
Tijdens de negende vergadering van het Forum van de landen van Latijns Amerika en het Caribisch gebied over duurzame ontwikkeling in Santiago werd daarom stevig aangedrongen op sterker multilateralisme, betere regionale samenwerking en meer internationale partnerschappen. ECLAC secretaris José Manuel Salazar Xirinachs wees op geopolitieke fragmentatie, beperkte financiering, hoge schulden, zwakke institutionele capaciteit en lage groei als oorzaken van de achterstand. De boodschap was niet dat de 2030 Agenda moet worden opgegeven, maar dat regeringen, bedrijven, academici, jongeren en maatschappelijke organisaties veel strakker moeten samenwerken om de schade nog te beperken.
Vooral het Caribisch gebied staat er zwak voor, want daar wordt slechts 13 procent van de doelen op koers geacht, tegenover 19 procent in Zuid Amerika en 18 procent in Centraal Amerika en Mexico. Tegelijk dreigt 45 procent van de Caribische doelen te stagneren of terug te vallen, wat laat zien hoe zwaar kleine eilandstaten en kwetsbare economieën worden geraakt door klimaatschokken, schuldenlast, importafhankelijkheid en beperkte uitvoeringscapaciteit. De bespreking richt zich daarom onder meer op water en sanitaire voorzieningen, betaalbare en schone energie, industrie en innovatie, duurzame steden en partnerschappen.
De ernst van de cijfers wordt groter door de internationale context van 2025 en 2026, waarin oorlogen, handelsspanningen, energieonzekerheid en klimaatschade de ruimte voor ontwikkeling verder versmallen. ECLAC stelt dat de regio meer binnenlandse middelen moet mobiliseren, sterker moet plannen en beter moet uitvoeren, omdat goede bedoelingen zonder institutionele slagkracht geen versnelling opleveren. De oproep uit Santiago is daardoor minder een diplomatiek ritueel dan een noodsignaal dat duurzame ontwikkeling niet langer als bijzaak kan worden behandeld.
Voor Suriname is deze waarschuwing direct relevant, omdat de achterstand op de 2030 Agenda raakt aan thema’s die het land dagelijks voelt, zoals waterbeheer, energiezekerheid, onderwijs, woningbouw, productieve investeringen en klimaataanpassing. Beleid vraagt daarom om minder losse projecten en meer meetbare uitvoering, met duidelijke prioriteiten, betere data, sterkere lokale samenwerking en een serieuze koppeling tussen begroting en duurzame doelen. Landen die de SDG’s alleen als internationale rapportagetaal zien, missen de kans om ze te gebruiken als praktisch kompas voor betere dienstverlening en economische weerbaarheid.
De regio staat daarmee op een beslissend moment, omdat de resterende jaren tot 2030 te kort zijn voor uitstel en te belangrijk voor cynisme. Hoop alleen is niet genoeg, maar zonder bestuurlijke wil, samenwerking en uitvoeringsdiscipline wordt de achterstand alleen maar groter. De cijfers uit Santiago zeggen uiteindelijk dat Latijns Amerika en het Caribisch gebied nog kunnen bijsturen, maar alleen wanneer regeringen de agenda niet langer presenteren als belofte voor later, maar als werkprogramma voor nu.
Het gehele The 2030 Agenda in Latin America and the Caribbean kunt u hier downloaden
Volg de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal voor data, nieuws en inspiratie. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com