Terwijl de regering de noodzaak van begrotingsdiscipline en efficiënt overheidsbestuur blijft benadrukken, laten de begrotingscijfers voor 2026 zien dat het Kabinet van de President opnieuw een omvangrijke kostenpost vormt voor de staatskas. Van de geraamde operationele uitgaven van ruim SRD 1,199 miljard wordt bijna SRD 830 miljoen besteed aan lonen en salarissen van personeel. Dat betekent dat bijna 70 procent van het totale budget rechtstreeks opgaat aan personeelskosten. Uit de begrotingsstukken blijkt dat bij het Kabinet van de President en de daaronder ressorterende directoraten en instituten eind maart 2025 in totaal 2.237 personeelsleden op de loonlijst stonden. Voor hun bezoldiging wordt in 2026 een bedrag van SRD 829,2 miljoen uitgetrokken, ruim SRD 127 miljoen meer dan de eerder genoemde vergelijkingsbasis van SRD 701,7 miljoen. De regering verklaart de forse stijging door reguliere salarisverhogingen, schaalbevorderingen, benoemingen, het aantrekken van nieuw kader en consultants, vergoedingen voor commissieleden en diverse toelagen.
Toch roept de aanhoudende groei van de personeelsuitgaven vragen op over de efficiëntie van het overheidsapparaat en de noodzaak van verdere uitbreiding van een toch al omvangrijke organisatie. Opvallend is dat de begroting niet alleen voorziet in salarissen, maar ook medische voorzieningen voor directieleden, gelijkgestelden en gepensioneerden omvat. Tegelijkertijd wordt rekening gehouden met nieuwe aanstellingen, terwijl 56 personeelsleden naar verwachting met pensioen zullen gaan. Naast de personeelskosten wordt SRD 254 miljoen uitgetrokken voor goederen en diensten. Voor sociale premies is SRD 48,1 miljoen begroot, terwijl sociale uitkeringen en schenkingen respectievelijk SRD 17 miljoen en SRD 15 miljoen zullen kosten. Ook de kapitaaluitgaven stijgen aanzienlijk. Waar eerder SRD 23,5 miljoen was geraamd, wordt voor 2026 een bedrag van SRD 36,5 miljoen voorzien. Daarvan gaat SRD 20 miljoen naar de aanschaf van inventaris en SRD 16,5 miljoen naar transportmiddelen.
Volgens de begroting zijn vervangingen noodzakelijk vanwege verouderde kantoorinventaris, maar wordt tegelijkertijd verwezen naar een uitbreiding van de organisatiestructuur van het Kabinet van de President. Critici zullen zich afvragen of een verdere uitbreiding van het presidentieel apparaat verantwoord is op een moment waarop de samenleving nog steeds kampt met hoge kosten van levensonderhoud, druk op de gezondheidszorg en tal van ontwikkelingsvraagstukken die eveneens aanzienlijke financiële middelen vereisen. De begroting maakt duidelijk waar de prioriteiten liggen, het waarborgen van het functioneren van het Kabinet van de President en de uitvoering van presidentieel beleid. De cijfers tonen echter ook een hardnekkige realiteit aan. Net als in voorgaande jaren blijft het grootste deel van de beschikbare middelen niet naar projecten of directe dienstverlening aan burgers gaan, maar naar het in stand houden van het overheidsapparaat zelf. De vraag die daardoor onvermijdelijk op tafel komt, is hoeveel rendement de samenleving daadwerkelijk terugziet van een presidentieel apparaat dat jaarlijks meer dan een miljard SRD kost en waarvan het overgrote deel wordt besteed aan personele lasten.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com