Met nieuwe economische blauwdrukken probeert Zuid Afrika de uitbreiding van BRICS Plus niet te laten eindigen in diplomatieke taal, topontmoetingen en groepsfoto’s, maar om te bouwen tot een concreet instrument voor handel, investeringen, industriële groei en werkgelegenheid voor gewone burgers. Pretoria ziet dat de wereldhandel snel verschuift, dat opkomende economieën meer ruimte opeisen en dat landen die alleen grondstoffen uitvoeren zichzelf blijven vastzetten in een model waarin de hoogste winsten elders worden gemaakt. De nieuwe strategie moet daarom de positie van Zuid Afrika binnen het vergrote BRICS verband versterken en tegelijk voorkomen dat het land opnieuw vooral leverancier wordt van ruwe materialen voor fabrieken buiten de eigen grenzen.
De kern van het probleem is dat Zuid Afrika wel handel drijft met BRICS partners, maar dat die handel niet altijd eerlijk in waarde is verdeeld. Het land exporteert te vaak grondstoffen en importeert daarna duurdere eindproducten, waardoor banen, technologische kennis en industriële marges verdwijnen naar economieën die wél verwerken, produceren en verkopen met hogere toegevoegde waarde. De nieuwe plannen richten zich daarom op verwerkte mineralen, industriële producten, agrarische goederen met meer marktwaarde en productieprocessen die geld, vaardigheden en werkgelegenheid binnen Zuid Afrika moeten houden.
Het vergrote BRICS Plus verband brengt inmiddels Brazilië, Rusland, India, China, Zuid Afrika, Egypte, Ethiopië, Iran, de Verenigde Arabische Emiraten, Indonesië en in een bepaalde vorm ook Saudi Arabië dichter bij elkaar. Deze groep vertegenwoordigt bijna de helft van de wereldbevolking en een steeds groter deel van de mondiale economie, waardoor Pretoria hierin een kans ziet om handelsverhoudingen opnieuw te wegen. Voor Zuid Afrika gaat het niet alleen om meer export, maar om eerlijkere toegang tot markten, minder tariefongelijkheid en een positie waarin lokale bedrijven niet telkens achteraan aansluiten terwijl buitenlandse producenten makkelijker binnenkomen.
Een belangrijk onderdeel van de strategie is de koppeling tussen BRICS Plus en de Afrikaanse Continentale Vrijhandelszone, omdat Zuid Afrika zichzelf wil positioneren als industriële toegangspoort tot het continent. Samenwerking met Afrikaanse BRICS partners zoals Egypte en Ethiopië moet helpen om regionale waardeketens op te bouwen, waarbij grondstoffen, productie, verwerking, transport en markttoegang beter op elkaar aansluiten. Dat zou betekenen dat goederen niet langer alleen uit Afrika vertrekken om elders waarde te krijgen, maar dat Afrikaanse landen samen meer stappen in de productieketen naar zich toetrekken.
Deze benadering sluit aan bij Agenda 2063 van de Afrikaanse Unie, waarin een welvarend, vreedzaam en zelfbewust Afrika centraal staat dat zijn ontwikkeling niet langer laat bepalen door externe belangen alleen. Zuid Afrika wil BRICS Plus gebruiken om grote projecten in energie, transport, digitale infrastructuur en groene industrie te financieren, waarbij de New Development Bank een belangrijke rol moet spelen. De hoop is dat deze bank ontwikkelingsfinanciering kan bieden met minder zware voorwaarden dan traditionele financieringsbronnen, al zal de echte test liggen in snelheid, transparantie en de vraag of projecten werkelijk banen en productie opleveren.
Een van de meest opvallende voorstellen is het idee van een formeel handelsverdrag binnen BRICS Plus, omdat Zuid Afrika vindt dat de huidige handelsrelaties te ongelijk zijn. Het land heeft relatief lage tarieven, waardoor goederen uit andere lidstaten gemakkelijker toegang krijgen tot de Zuid Afrikaanse markt dan Zuid Afrikaanse producten tot sommige partnerlanden. Een duidelijk verdrag met eerlijkere regels, lagere handelsbarrières en voorspelbare afspraken zou ondernemers meer zekerheid geven om te investeren, uit te breiden en productie voor bredere markten op te bouwen.
De plannen bouwen voort op eerdere samenwerking tussen India, Brazilië en Zuid Afrika, maar zij moeten breder en praktischer worden dan oude diplomatieke concepten. Samenwerking rond digitale betalingen, hernieuwbare energie, vaardigheden, industriële ontwikkeling en technologieoverdracht kan pas waarde krijgen wanneer lokale bedrijven toegang krijgen tot kennis, kapitaal en afzetmarkten. Voor de Zuid Afrikaanse burger telt uiteindelijk niet of BRICS groter klinkt op wereldfora, maar of er fabrieken openen, jongeren worden opgeleid, boeren betere prijzen krijgen en gemeenschappen nieuw economisch perspectief zien.
De nadruk op werkgelegenheid maakt de strategie politiek zwaar, omdat Zuid Afrika al jaren worstelt met hoge werkloosheid, trage groei en diepe sociale ongelijkheid. De regering wil BRICS Plus partnerschappen gebruiken om sectoren te versterken die fatsoenlijke banen kunnen creëren, waaronder geavanceerde productie, mijnbouwverwerking, landbouw, toerisme en de groene economie. Vooral jongeren moeten hiervan profiteren, omdat een economie die geen ruimte biedt aan nieuwe generaties uiteindelijk niet alleen economisch stagneert, maar ook maatschappelijk instabiel wordt.
Tegelijk probeert Pretoria zijn relaties met traditionele markten in Europa en Noord Amerika niet op te blazen, omdat het land begrijpt dat strategische autonomie niet hetzelfde is als blind kamp kiezen. Zuid Afrika wil sterker worden binnen BRICS Plus en tegelijk belangrijke bestaande handelsrelaties behouden, waardoor het land zich positioneert als speler die tussen machtsblokken kan bewegen zonder zijn eigen belang te verliezen. Die balans vraagt diplomatieke finesse, want wie te veel naar één kant buigt, kan investeringen, markten en politieke ruimte elders verliezen.
Met India als aankomend BRICS voorzitter in 2026 werkt Zuid Afrika aan aanbevelingen over handel, investeringen, digitale betalingen en praktische hervorming van de groep. De inzet is dat het vergrote verband resultaten oplevert voor ontwikkelingslanden en niet blijft steken in verklaringen over een eerlijkere wereldorde. BRICS Plus zal alleen geloofwaardig zijn wanneer het landen helpt om hun economieën productiever te maken, hun industrieën te versterken en hun burgers meer kansen te geven dan zij vandaag hebben.
De Surinaamse overheid kan deze ontwikkeling zien als een waarschuwing dat grondstoffenrijkdom zonder verwerking, kennis en handelsstrategie uiteindelijk vooral anderen rijk maakt. Een land dat olie, gas, goud, bossen, landbouwgrond en water bezit, moet niet tevreden zijn met export van ruwe waarde, maar moet vroeg nadenken over lokale verwerking, markttoegang, financiering, regionale waardeketens en opleiding van mensen die de economie werkelijk kunnen dragen. De Zuid Afrikaanse zoektocht toont dat internationale blokken alleen nuttig zijn wanneer een land precies weet wat het eruit wil halen en niet simpelweg meeloopt met grote woorden over multipolariteit.
Zuid Afrika probeert met deze blauwdrukken een harde economische correctie door te voeren, waarbij BRICS Plus wordt ingezet als hefboom voor handel, industrie, banen en meer zelfbeschikking binnen een veranderende wereldeconomie. De plannen klinken ambitieus, maar zij zullen pas betekenis krijgen wanneer ondernemers financiering vinden, fabrieken productie draaien, jongeren werk krijgen en regionale handel minder wordt gehinderd door bureaucratie, tarieven en zwakke infrastructuur. Pretoria zet hiermee een duidelijke boodschap neer, namelijk dat de nieuwe wereldorde niet alleen moet worden besproken aan vergadertafels, maar zichtbaar moet worden in lonen, machines, exportproducten en gemeenschappen die eindelijk voelen dat internationale samenwerking iets oplevert.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com