De zware regenval die grote delen van Paramaribo-Noord onder water zette, heeft niet alleen straten en erven blank gezet, maar ook opnieuw de zwakke plekken binnen het overheidsapparaat blootgelegd. Terwijl bewoners zich afvragen waarom sluizen en gemalen niet tijdig in werking waren, ontstaat nu een publieke woordenstrijd tussen minister Stephen Tsang en vakbondsvoorzitter Rodney Cabenda. Cabenda ontkent fel dat medewerkers opzettelijk zouden hebben nagelaten de sluizen en gemalen in Paramaribo-Noord te bedienen. Volgens hem gaat het niet om sabotage of onwil, maar om een structureel probleem dat al langer bekend is bij de leiding van het ministerie van OWRO, een schrijnend personeelstekort. De cijfers die hij noemt zijn veelzeggend. Tussen de David Simonstraat en Leonsberg bevinden zich tien sluizen en gemalen, terwijl er slechts tien werknemers beschikbaar zijn om al deze objecten te beheren. Dat betekent in de praktijk dat één werknemer verantwoordelijk is voor één volledig object, zonder ruimte voor uitval, rust of adequate bezetting tijdens noodsituaties.
Volgens Cabenda zouden minimaal twee werknemers per shift per object noodzakelijk zijn om het systeem naar behoren te laten functioneren. Daarmee verschuift de discussie van individuele schuld naar bestuurlijke verantwoordelijkheid. Want als de minister al langer op de hoogte was van het tekort, waarom zijn er dan geen maatregelen getroffen vóórdat Paramaribo-Noord opnieuw onder water liep? Opmerkelijk is bovendien dat de wateroverlast plaatsvond op een nationale vrije dag. Cabenda wijst erop dat werknemers volgens de personeelswet niet verplicht kunnen worden tot overwerk. Met andere woorden, als de overheid weet dat cruciale infrastructuur afhankelijk is van personeel dat op vrije dagen niet verplicht inzetbaar is, waarom bestaat er dan geen permanent noodrooster of calamiteitendienst? De reactie van minister Tsang roept daarom ook vragen op. De bewindsman liet eerder weten verbaasd en misnoegd te zijn geweest toen bleek dat sluizen en gemalen onbemand waren en pompen uitstonden na de hevige regenval.
Hij kondigde direct een onderzoek aan en sloot disciplinaire maatregelen niet uit indien sprake zou zijn van opzet. Maar die harde toon lijkt volgens critici vooral een poging om de aandacht af te leiden van jarenlang achterstallig beleid. Want een onderzoek naar werknemers alleen zal weinig oplossen als het fundamentele probleem ligt bij onderbemanning, gebrekkige planning en onvoldoende investeringen in waterbeheer. Voor bewoners van Paramaribo-Noord maakt het uiteindelijk weinig uit wie gelijk heeft in deze discussie. Hun woningen, straten en bezittingen stonden opnieuw onder water. Wat zij willen horen, zijn geen beschuldigingen over en weer, maar concrete oplossingen die voorkomen dat elke zware regenbui opnieuw uitmondt in chaos. De kwestie legt pijnlijk bloot hoe kwetsbaar essentiële infrastructuur wordt wanneer overheidsdiensten jarenlang kampen met tekorten, inefficiëntie en gebrek aan voorbereiding. Als zelfs sluizen en gemalen, cruciaal voor de waterhuishouding van de hoofdstad afhankelijk zijn van minimale bezetting zonder degelijk noodplan, dan is de recente wateroverlast niet slechts een incident, maar een waarschuwing.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com