Minister Diana Pokie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting heeft opnieuw erkend wat binnen haar ministerie al jarenlang pijnlijk zichtbaar is, achterstanden, gebrekkige controles, inefficiënte werkprocessen en een grotendeels handmatig systeem. Het ministerie dat verantwoordelijk is voor de ondersteuning van de meest kwetsbare groepen in de samenleving blijkt zelf te kampen met een structuur die dringend aan modernisering toe is. Volgens Pokie kunnen problemen die zich jarenlang hebben opgestapeld niet binnen één jaar worden opgelost. Die constatering is op zichzelf begrijpelijk, maar mag geen vrijbrief worden om falend beleid en organisatorische tekortkomingen eindeloos te blijven verdedigen. Wie verantwoordelijkheid draagt voor een ministerie, erft niet alleen de problemen van voorgangers, maar krijgt ook de opdracht om zichtbaar, meetbaar en daadkrachtig orde op zaken te stellen. Het is moeilijk te rechtvaardigen dat ongeveer 90 procent van de werkzaamheden binnen een ministerie dat dagelijks met grote hoeveelheden dossiers en sociale voorzieningen werkt, nog altijd handmatig wordt uitgevoerd. In een tijd waarin digitalisering geen luxe meer is maar een basisvoorwaarde voor behoorlijk bestuur, is een dergelijk systeem een recept voor fouten, vertraging, willekeur en gebrekkige controle.
Juist bij Sociale Zaken zijn de gevolgen daarvan ernstig. Het gaat immers niet om een administratieve dienst waar een dossier enkele weken langer kan blijven liggen. Het gaat om mensen die afhankelijk zijn van financiële ondersteuning, sociale voorzieningen en andere vormen van overheidssteun. Wanneer controlemechanismen tekortschieten, wordt niet alleen overheidsgeld verspild, maar kunnen mensen die daadwerkelijk hulp nodig hebben buiten de boot vallen. Pokie erkent zelf dat de zogenoemde checks and balances momenteel onvoldoende functioneren. Daarmee wordt feitelijk bevestigd dat het systeem onvoldoende waarborgen biedt om misbruik, fouten en onterechte uitbetalingen tijdig te signaleren. Dat is een fundamenteel probleem. Sociale voorzieningen moeten terechtkomen bij degenen die er recht op hebben. Daarvoor is een betrouwbaar controlesysteem noodzakelijk. De aangekondigde inzet van tablets om dossiers te digitaliseren en beter te controleren wie daadwerkelijk recht heeft op ondersteuning, is daarom noodzakelijk. Maar digitalisering mag niet eindigen als een modern jasje over een ouderwets systeem.
Apparatuur aanschaffen is eenvoudig. Een volledig controleerbare, transparante en efficiënte administratie opzetten vereist daarnaast duidelijke procedures, verantwoordelijkheden, training en voortdurende controle. Ook de situatie rond de ruim zeventig wijkkantoren legt een ander probleem bloot. Het ministerie wil kantoren clusteren en renoveren, het aantal gehuurde panden verminderen en meer gebruikmaken van overheidspanden. Dat klinkt verstandig, zeker wanneer hierdoor structureel kan worden bespaard op huurkosten. Maar het feit dat een ministerie met tientallen wijkkantoren nu pas serieus bezig is met clustering en efficiënter vastgoedgebruik, onderstreept hoe lang structurele hervormingen zijn uitgesteld. Het opnieuw operationeel maken van het wijkkantoor Houttuin in een voormalig onderwijsgebouw dat in bruikleen is gegeven, kan een praktische stap zijn. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat zulke maatregelen slechts cosmetische oplossingen worden. Een ander gebouw lost geen administratieve chaos op. Een gerenoveerd kantoor maakt een slecht georganiseerd systeem niet automatisch efficiënt. Hetzelfde geldt voor het hoofdgebouw van het ministerie, dat gefaseerd wordt gerenoveerd. Pokie stelt terecht dat de overheid tegenover de eis dat medewerkers hun werk uitvoeren ook moet zorgen voor een menswaardige werkomgeving.
Ambtenaren kunnen moeilijk maximale prestaties leveren wanneer zij dagelijks in gebrekkige omstandigheden moeten werken. Maar ook hier geldt dat een comfortabele werkomgeving slechts één kant van het verhaal is. De belastingbetaler betaalt niet alleen voor gebouwen, maar vooral voor dienstverlening. Een gerenoveerd ministerie met moderne werkplekken, terwijl dossiers blijven liggen en controles tekortschieten, is uiteindelijk meer dan mooiere verpakking rond dezelfde problemen. De kwestie van de Moni Karta maakt bovendien duidelijk hoe belangrijk duidelijke verantwoordelijkheden zijn. Mensen die hun kaart na eerdere distributierondes niet hebben opgehaald, krijgen nog één laatste mogelijkheid. Daarna worden de middelen teruggebracht naar Sociale Zaken. Dat is een noodzakelijke stap om te voorkomen dat financiële middelen onnodig blijven circuleren of onvoldoende worden gecontroleerd. Ook het voornemen om de verantwoordelijkheid voor de bankpassen volledig bij de bank te leggen, verdient aandacht.
Heldere verantwoordelijkheidsverdeling is essentieel. Wanneer overheid en financiële instellingen ieder een afgebakende taak hebben, moet ook duidelijk zijn wie waarvoor aanspreekbaar is wanneer het misgaat. De kern van het probleem ligt echter dieper dan achterstallig onderhoud, oude gebouwen of ontbrekende tablets. Sociale Zaken heeft te maken met een bestuurlijke achterstand die jarenlang heeft kunnen groeien. Het is dan ook niet voldoende om te zeggen dat één jaar te kort is om alles op te lossen. De samenleving heeft behoefte aan bewijs dat de problemen daadwerkelijk worden aangepakt. Pokie heeft gelijk dat jarenlange problemen niet in twaalf maanden verdwijnen. Maar juist daarom moet de hervorming zichtbaar, controleerbaar en meetbaar zijn. Er moeten duidelijke deadlines komen, processen moeten worden gedigitaliseerd, verantwoordelijkheden moeten worden vastgelegd en controles moeten aantoonbaar worden aangescherpt. De kwetsbare burger kan niet de dupe blijven van een overheid die jarenlang achter de feiten aanloopt. Sociale Zaken hoort een vangnet te zijn voor mensen die hulp nodig hebben, niet een bureaucratische hindernisbaan waarin achterstanden, handmatige dossiers en gebrekkige controles de dienstverlening bepalen. Het verleden kan verklaren waarom de problemen bestaan. Het mag echter geen permanente rechtvaardiging worden waarom ze blijven bestaan. De minister heeft daarmee niet alleen een hervormingsplan nodig, maar vooral resultaten. Want uiteindelijk telt niet hoeveel problemen jarenlang zijn opgebouwd, maar hoeveel daarvan daadwerkelijk worden afgebroken.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com