De Surinaamse Luchtvaartmaatschappij (SLM) lijkt steeds meer een bodemloze put te worden waarin overheidsgeld verdwijnt, terwijl reizigers de prijs betalen in de vorm van vertragingen, annuleringen, onzekerheid en gebrekkige dienstverlening. Tegen die achtergrond verlangt VHP-assembleelid Ameerani Jarbandhan volledige duidelijkheid van de regering over de financiële middelen die maandelijks in de nationale luchtvaartmaatschappij worden gestoken. De kritiek van Jarbandhan raakt aan een probleem dat al jaren boven de SLM hangt, de overheid blijft geld beschikbaar stellen om de maatschappij operationeel te houden, maar voor de samenleving blijft onvoldoende zichtbaar wat daar structureel tegenover staat. Een nationale luchtvaartmaatschappij kan belangrijk zijn voor de bereikbaarheid en economische ontwikkeling van Suriname, maar dat belang kan geen vrijbrief zijn voor onbeperkte financiële ondersteuning zonder harde voorwaarden, meetbare resultaten en transparantie. De opeenstapeling van incidenten maakt de situatie steeds moeilijker te verdedigen.
Volgens Jarbandhan worden opnieuw passagiers gestrand en gaat het niet om een incident dat op zichzelf staat. De afgelopen maanden en jaren zouden reizigers herhaaldelijk zijn geconfronteerd met langdurige vertragingen, geannuleerde vluchten en technische problemen waardoor vliegtuigen niet konden vertrekken. Voor een luchtvaartmaatschappij is betrouwbaarheid geen luxe, maar een basisvoorwaarde. Passagiers kopen geen ticket voor onzekerheid. Zij plannen vakanties, familiebezoeken, zakelijke afspraken en medische of andere noodzakelijke reizen rond een vertrektijd die door de maatschappij wordt beloofd. Wanneer vluchten vervolgens zonder adequate opvang worden geannuleerd of passagiers dagenlang moeten wachten, wordt niet alleen het vertrouwen in de SLM beschadigd, maar ook de reputatie van Suriname als geheel. Jarbandhan verwijst onder meer naar problemen op de Mid-Atlantische route en situaties waarbij passagiers in Nederland en Miami zijn gestrand. Ook technische mankementen zouden hebben geleid tot annuleringen op het laatste moment. In sommige gevallen zouden reizigers dagenlang hebben moeten wachten zonder adequate opvang of compensatie.
Dat zijn geen kleine operationele ongemakken. Het zijn signalen van een organisatie die volgens critici onvoldoende grip heeft op haar eigen bedrijfsvoering. Als dezelfde problemen zich blijven herhalen, kan niet telkens worden volstaan met de mededeling dat sprake is van een ongelukkige samenloop van omstandigheden. Structurele problemen vereisen structurele oplossingen. Tegelijkertijd blijft de overheid financiële middelen beschikbaar stellen. Juist daar ligt de kern van de kritiek. De samenleving heeft recht op inzicht in de omvang van deze financiële steun, de voorwaarden waaronder die wordt verstrekt en de resultaten die daarvoor worden geleverd. Elke Surinaamse dollar die de overheid uitgeeft, komt uiteindelijk uit publieke middelen. Dat geld kan maar één keer worden besteed. Wanneer grote bedragen voortdurend naar een verlieslatende of operationeel instabiele staatsmaatschappij vloeien, betekent dit automatisch dat andere publieke prioriteiten onder druk komen te staan. Jarbandhan wijst daarbij op leerkrachten, verpleegkundigen, politiefunctionarissen en militairen. Volgens haar verdienen velen binnen deze beroepsgroepen tussen SRD 17.000 en SRD 19.000 per maand en wachten zij op salarisverhogingen. Daartegenover staat volgens haar een presidentiële bezoldiging van SRD 149.000 per maand, exclusief toelagen. Zij stelt bovendien dat de bezoldiging van de president gekoppeld is aan die van een algemeen directeur.
Het contrast dat hiermee wordt onthuld, is schrijnend. Aan de ene kant staan werknemers die dagelijks essentiële publieke diensten leveren en volgens de aangeleverde informatie met relatief lage inkomens moeten rondkomen. Aan de andere kant staat een overheid die tegelijkertijd aanzienlijke middelen moet blijven vrijmaken om een staatsluchtvaartmaatschappij operationeel te houden. Daarmee komt ook het bredere vraagstuk van politieke prioriteiten op tafel. Financiële middelen zijn schaars. Een regering kan niet tegelijkertijd onbeperkt beloven dat alle problemen worden aangepakt en vervolgens weigeren inzichtelijk te maken waar het geld daadwerkelijk naartoe gaat. Ook rond de woonvoorzieningen van de president verlangt Jarbandhan meer transparantie. Zij heeft hierover formele vragen gesteld aan president Jennifer Simons. De samenleving mag verwachten dat dergelijke informatie controleerbaar en volledig wordt verstrekt. Transparantie mag geen gunst zijn die pas wordt verleend wanneer de druk vanuit het parlement of de samenleving te groot wordt. Het debat over SLM moet daarom verder gaan dan de vraag of de maatschappij moet blijven vliegen. Het echte debat gaat over de manier waarop publiek geld wordt beheerd en verantwoord.
Als de regering van oordeel is dat SLM strategisch noodzakelijk is voor Suriname, dan moet zij dat kunnen onderbouwen met cijfers, een concreet herstelplan, duidelijke prestatiedoelstellingen en volledige financiële verantwoording. Een nationale luchtvaartmaatschappij die structureel op overheidsgeld moet rekenen, kan zich niet veroorloven tegelijkertijd structureel onbetrouwbaar te zijn. Publieke steun moet gepaard gaan met publieke verantwoording. Suriname kan zich geen beleid veroorloven waarbij miljarden worden uitgegeven zonder dat burgers kunnen zien wat het rendement daarvan is. Iedere financiële injectie in SLM moet daarom worden beoordeeld tegen de resultaten, de maatschappelijke kosten en de alternatieve bestedingsmogelijkheden. De kritiek van Jarbandhan legt daarmee een ongemakkelijke werkelijkheid open, zal de samenleving terecht blijven verlangen naar volledige openheid. Niet alleen over hoeveel geld er naar de SLM gaat, maar vooral over waarom dat geld daarheen gaat, welke resultaten ervoor worden verwacht en wanneer de overheid bereid is consequenties te verbinden aan tegenvallende prestaties. Publiek geld is geen privévermogen van een regering. Het behoort toe aan de samenleving. Wie dat geld uitgeeft, is daarom verplicht iedere besteding te kunnen verdedigen. Zeker wanneer burgers ondertussen zelf steeds harder moeten bezuinigen en essentiële beroepsgroepen wachten op betere arbeidsvoorwaarden. SLM kan alleen op duurzaam draagvlak rekenen wanneer niet alleen haar vliegtuigen blijven vliegen, maar ook haar financiële huishouding, dienstverlening en verantwoordelijkheid tegenover de samenleving aantoonbaar op koers zijn.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com