Suriname heeft volgens minister Adelien Wijnerman van Financiën en Planning een nieuwe financiële ramp weten af te wenden. Door de uitgifte van nieuwe staatsobligaties eind vorig jaar en een aanvullende lening in februari is voorkomen dat het land opnieuw in een internationale betalingscrisis terechtkwam. Maar achter de opgeluchte toon klinkt ook een waarschuwing, de schuldenlast blijft zwaar drukken en structurele problemen zijn nog lang niet opgelost. Bij het aantreden van de huidige regering lag volgens Wijnerman een financiële tijdbom klaar. De oude Oppenheimer-obligatie, die nog tot 2033 liep, was volgens haar simpelweg niet meer betaalbaar. Zonder ingrijpen dreigde Suriname opnieuw in een default terecht te komen, waarbij het land zijn internationale betalingsverplichtingen niet meer zou kunnen nakomen.
Om dat scenario af te wenden, werd samen met de Bank of America een internationale zoektocht naar investeerders gestart. Tijdens een uitgebreide roadshow werd de toekomstige olie- en gassector als belangrijk argument gebruikt om vertrouwen te winnen op de kapitaalmarkt. Investeerders toonden interesse voor meer dan 4 miljard Amerikaanse dollar. Met die middelen werden oude schulden geherstructureerd en werd ook het omstreden Value Recovery Instrument (VRI) afgekocht. Dat instrument gaf schuldeisers aanspraak op toekomstige olie-inkomsten en werd door critici gezien als een zware last voor toekomstige generaties. Hoewel de regering spreekt van een belangrijke overwinning, blijft de financiële situatie kwetsbaar. De totale schuldratio ligt nog altijd boven de wettelijke grens van 60 procent.
De herfinanciering heeft vooral tijd gekocht, de druk van directe aflossingen is verminderd, maar de structurele schuldenproblematiek is niet verdwenen. Volgens Wijnerman wordt samen met het Bureau voor de Staatsschuld gewerkt aan streng schuldbeheer om de schuld richting 2027 terug te brengen. Tegelijkertijd blijft de overheid geconfronteerd met een moeilijke realiteit, inkomsten verhogen en uitgaven beheersen blijkt in de praktijk een enorme uitdaging. Een van de grootste vraagstukken blijft de energiesector. De regering onderzoekt met IMF-instrumenten hoe subsidies kunnen worden afgebouwd, maar door de internationale oliecrisis ligt een definitieve planning nog niet op tafel. Ondertussen blijven de tekorten in de inning van staatsinkomsten een zwakke plek. Vooral goudsmokkel, productieproblemen en beperkte capaciteit bij de Belastingdienst en douane zorgen ervoor dat Suriname geld misloopt. De erkenning van de minister dat de overheid niet alles in de hand heeft, legt pijnlijk bloot waar de kwetsbaarheid zit. De nieuwe leningen hebben een acute crisis voorkomen, maar zonder stevige hervormingen blijft Suriname afhankelijk van nieuwe financiële reddingsoperaties. De vraag die nu boven de markt hangt, heeft de regering daadwerkelijk de schuldencrisis opgelost of slechts de volgende rekening doorgeschoven naar de toekomst?
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com