About
Missie
Wij verbinden journalistiek, community building en detachering om de samenleving te voeden met betrouwbare data en gelijke ontwikkelkansen te creëren.
Visie
Wij bouwen aan een toekomst waarin transparantie, sociale cohesie en flexibel talent samen zorgen voor impactvolle, data-gedreven besluitvorming.
About
De onderzoekers van Ko'W' Checking zijn professionals van het AgapeUnit-team die zich richten op onafhankelijke, data gedreven berichtgeving. Via onze eigen platform bieden wij de samenleving betrouwbare en feitelijk onderbouwde informatie, gebaseerd op zorgvuldig onderzoek en verificatie. Ko'W' Checking werkt met een eigen redactie en onderzoeksstructuur. Informatie wordt uitsluitend gepubliceerd na interne controle. Indien nodig corrigeren of brengen wij dieptegang in berichten afkomstig van andere nieuwsbronnen wanneer deze onjuist of onvolledig blijken te zijn. Wij bieden organisaties de mogelijkheid om advertenties en promotionele boodschappen te plaatsen op onze website en via onze sociale mediakanalen. Deze commerciële dienstverlening heeft geen invloed op onze redactionele onafhankelijkheid. Ongeacht de achtergrond of doelstellingen van een organisatie, blijven wij feitelijk en onafhankelijk rapporteren. Wij formuleren onze artikelen naar waarheid en zonder redactionele binding aan commerciële of politieke belangen. Transparantie en integriteit vormen hierbij de basis.

Begrotingsregels moeten privaat kapitaal naar ontwikkeling trekken voor het Caribisch gebied en Latijns Amerika

Met overheden in Latijns Amerika en het Caribisch gebied die tegelijk worstelen met hoge schulden, krappe begrotingen, klimaatrisico’s en groeiende infrastructuurtekorten, verschuift de discussie over ontwikkelingsfinanciering steeds sterker naar de kwaliteit van het fiscale bestuur zelf. De analyse van de Inter Amerikaanse Ontwikkelingsbank maakt duidelijk dat private investeerders niet alleen kijken naar losse instrumenten zoals groene obligaties, blended finance of verzekeringsoplossingen, maar vooral naar de vraag of een overheid geloofwaardig, voorspelbaar en institutioneel sterk genoeg is om op lange termijn een betrouwbare partner te zijn. Achter die boodschap schuilt een bredere waarschuwing, namelijk dat landen die privaat kapitaal willen aantrekken eerst moeten bewijzen dat hun begrotingskaders, publieke investeringssystemen en risicobeheer stevig genoeg zijn om onzekerheid te verlagen en rendement mogelijk te maken.

De regio heeft die opgave dringend nodig, omdat de publieke investeringen tussen 2014 en 2024 gemiddeld met meer dan 30 procent zijn gedaald. Die terugval vergroot bestaande infrastructuurtekorten en maakt het moeilijker om wegen, havens, energievoorziening, waterbeheer, scholen, ziekenhuizen en digitale netwerken op het niveau te brengen dat moderne ontwikkeling vraagt. De Wereldbank schat dat ontwikkelingslanden jaarlijks ongeveer 4,5 procent van hun bruto binnenlands product moeten investeren om zulke tekorten te dichten, wat voor veel landen met hoge schulden en beperkte begrotingsruimte simpelweg niet haalbaar is zonder private deelname.

Sterke fiscale kaders worden daardoor niet alleen belangrijk voor boekhoudkundige orde, maar voor marktvertrouwen. Een overheid die haar risico’s kent, haar investeringsprojecten goed beoordeelt, haar schuldenstrategie helder communiceert en haar klimaatkwetsbaarheid serieus verwerkt in begrotingen, geeft investeerders een signaal dat zij niet blind in onzekerheid stappen. Kapitaal volgt niet alleen kansen, maar ook vertrouwen in de instellingen die projecten moeten dragen.

De eerste kans ligt in het sterker maken van publieke investeringssystemen door klimaat en rampenrisico’s vanaf het begin mee te wegen. Een weg, brug, ziekenhuis of energieproject kan financieel aantrekkelijk lijken zolang men alleen naar bouwkosten en verwachte opbrengsten kijkt, maar wordt een toekomstig begrotingsprobleem wanneer het bezwijkt onder een overstroming, aardverschuiving, orkaan of andere voorspelbare natuurramp. Door zulke risico’s vooraf in projectbeoordeling op te nemen, ontstaat een pijplijn van robuustere projecten die voor private investeerders geloofwaardiger en beter financierbaar wordt.

Panama en Costa Rica laten zien hoe deze aanpak concreet vorm kan krijgen. Panama vereist sinds 2022 dat klimaatdreigingen in alle publieke projecten worden geïdentificeerd en heeft sinds 2024 de sociale prijs van koolstof opgenomen in investeringsbeoordelingen. Costa Rica verwerkt klimaatrisico en weerbaarheidsanalyse in zijn nationale publieke investeringssysteem en gebruikt die informatie om prioriteiten te stellen en soevereine groene obligaties beter te onderbouwen.

De tweede kans ligt in fiscale prikkels en samenwerking met de private sector om rampenrisico’s te verminderen voordat schade ontstaat. Goed ontworpen belastingvoordelen, subsidies, kredietlijnen en publiek private regelingen kunnen bedrijven en huishoudens stimuleren om te investeren in sterkere woningen, betere infrastructuur, klimaatbestendige technologie en sneller herstel na rampen. Wanneer private bezittingen beter beschermd zijn, dalen de toekomstige wederopbouwkosten voor de staat en blijft economische activiteit sneller doorgaan na een schok.

Colombia heeft bijvoorbeeld subsidies gecombineerd met kredietlijnen voor de versterking van kwetsbare woningen, terwijl Peru via het mechanisme Obras por Impuestos private partijen toestaat inkomstenbelasting vooruit te betalen om prioritaire publieke investeringen te financieren. In ruil ontvangen bedrijven certificaten die later kunnen worden gebruikt tegen toekomstige belastingverplichtingen, waardoor bestaande fiscale middelen worden omgezet in infrastructuur zonder dat de overheid meteen extra begrotingsruimte hoeft vrij te maken. Op regionaal niveau laat CCRIF zien dat collectieve risico overdracht werkt, omdat het Caribisch en Centraal Amerikaans parametriche fonds inmiddels tientallen uitbetalingen heeft gedaan binnen veertien dagen na rampgebeurtenissen.

De derde kans draait om het opnemen van rampenrisico’s en klimaatverplichtingen in de soevereine balans. In veel traditionele schuldhoudbaarheidsanalyses verschijnen natuurrampen nog te vaak als extreme risico’s ergens in de bijlage, terwijl zij in Caribische staten en andere kwetsbare economieën in werkelijkheid terugkerende begrotingsschokken zijn. Voor ministeries van Financiën betekent dit dat verwachte verliezen, klimaatscenario’s, noodreserves, contingente kredietlijnen, parametriche verzekeringen, catastrofe obligaties en regionale risicopools niet als aparte technische onderdelen mogen worden behandeld, maar als kernonderdelen van de middellange termijn begrotingsplanning.

Die benadering is vooral belangrijk omdat markten steeds beter begrijpen dat klimaatrisico uiteindelijk schuld risico wordt. Wanneer een land herhaaldelijk wordt geraakt door stormen, overstromingen of droogte, stijgen herstelkosten, dalen inkomsten en kan de schuldquote oplopen zonder dat er sprake is van slecht macro economisch beheer. Een overheid die deze risico’s vooraf meet en communiceert, kan investeerders beter laten zien hoe zij toekomstige schokken wil opvangen en welke instrumenten al klaarstaan om begrotingsschade te beperken.

De vierde kans ligt in het bouwen van een volledige architectuur voor duurzame soevereine financiering. Kapitaalmarkten kijken niet alleen naar begrotingstekorten en schulden, maar ook naar de samenhang tussen beleid, uitgaven, schulduitgifte en meetbare impact. Ministeries van Financiën die werken met groene taxonomieën, klimaatclassificatie van publieke uitgaven, duurzame obligatiekaders en controleerbare impactrapportages kunnen een bredere investeerdersbasis aantrekken en soms ook betere financieringsvoorwaarden verkrijgen.

Chili geldt in de regio als belangrijk voorbeeld, omdat het sinds 2019 groene, sociale en duurzame soevereine obligaties heeft uitgegeven en tegelijk een systeem heeft opgebouwd om groene publieke uitgaven te identificeren. Dat maakt het verschil tussen een land dat een groen instrument gebruikt als losse financieringsactie en een land dat een institutionele basis legt waar investeerders vertrouwen uit kunnen halen. Voor internationale beleggers wordt die geloofwaardigheid steeds belangrijker, omdat zij beter willen kunnen onderscheiden tussen echte duurzame financiering en oppervlakkige groene etiketten.

De vijfde kans ligt bij publiek private partnerschappen voor weerbare infrastructuur. PPP’s kunnen in theorie helpen om grote investeringsgaten te dichten, maar in de praktijk lopen veel projecten vast door slecht verdeelde risico’s, zwakke contracten, onduidelijke garanties en onvoldoende voorbereiding. Een vaak onderschat probleem is dat rampenrisico in contracten soms volledig bij de overheid terechtkomt, vooral wanneer force majeure bepalingen de private partij vrijwaren van vrijwel alle klimaatschade en daardoor geen sterke prikkel geven om weerbaarder te ontwerpen.

Chili heeft met Decreet 956 een richting gekozen waarbij catastrofale risico’s explicieter bij de private exploitant en uiteindelijk bij de verzekeringsmarkt worden gelegd. Dat verandert een impliciete staatsverplichting in een contractuele eis en maakt de financiële risicoverdeling duidelijker. Voor investeerders, verzekeraars en infrastructuurbanken is zo’n helder raamwerk belangrijk, omdat bankability niet alleen wordt bepaald door inkomstenstromen, maar ook door de vraag wie betaalt wanneer voorspelbare risico’s werkelijkheid worden.

Deze vijf bouwstenen werken niet los van elkaar, maar versterken elkaar als één systeem. Weerbare publieke investeringsbeoordeling creëert betere projecten, expliciete klimaatverplichtingen op de balans verlagen onzekerheid, duurzame financieringsarchitectuur trekt bredere kapitaalstromen aan, fiscale prikkels sturen privaat gedrag en sterke PPP contracten maken samenwerking met de markt geloofwaardiger. Het resultaat is een signaal aan investeerders dat een land niet alleen geld vraagt, maar zelf de institutionele voorwaarden bouwt waardoor kapitaal veilig en productief kan werken.

Suriname moet deze agenda serieus nemen, omdat toekomstige olie inkomsten alleen onvoldoende zullen zijn om alle infrastructuur, klimaatweerbaarheid, waterbeheer, energie, onderwijs en productieve investeringen te financieren die het land nodig heeft. Een ministerie van Financiën dat privaat kapitaal wil aantrekken, moet vroeg beginnen met het opnemen van klimaatrisico’s in publieke investeringen, het opbouwen van een duurzame financieringsarchitectuur, het voorbereiden van bankable projecten en het helder verdelen van risico’s in publiek private contracten. De praktische richting ligt in een begrotingskader dat niet alleen op uitgavencontrole stuurt, maar ook op vertrouwen, projectkwaliteit en de mogelijkheid om nationale ontwikkeling met private middelen te versnellen zonder de staat later met verborgen verplichtingen achter te laten.

De boodschap van deze analyse is uiteindelijk dat privaat kapitaal niet vanzelf komt omdat landen ontwikkeling nodig hebben. Investeerders reageren op signalen, op geloofwaardige instellingen, op duidelijke contracten, op meetbare risico’s en op overheden die hun eigen huiswerk zichtbaar hebben gedaan. Als Latijns Amerika en het Caribisch gebied fiscale kracht weten te verbinden aan klimaatweerbaarheid en slimme marktstructuren, kan de regio publieke schaarste omzetten in een hefboom voor private investeringen, maar zonder die institutionele discipline blijven zelfs de mooiste financieringsinstrumenten te klein voor de ontwikkelingsopgave.

Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com

Totaal
0
Aandelen
Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Verwante berichten
Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag