Het ministerie van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening (OWRO) blijft ernstig beperkt in de uitvoering van zijn kerntaken door een tekort aan goed functionerende machines. Minister Stephen Tsang erkent dat een aanzienlijk deel van het beschikbare materieel regelmatig buiten gebruik is. Daarmee wordt een probleem blootgelegd dat verder gaat dan een tijdelijk gebrek aan machines, jarenlang achterstallig onderhoud en beperkte middelen ondermijnen de uitvoeringscapaciteit van het ministerie. Juist in de droge periode, wanneer wegen, bermen en andere infrastructurele voorzieningen relatief makkelijker kunnen worden aangepakt, blijkt OWRO onvoldoende uitgerust om de noodzakelijke werkzaamheden op eigen kracht uit te voeren. De periode die bij uitstek geschikt is om achterstanden weg te werken, moet daarom worden benut met materieel dat deels ontbreekt of in de garage staat. Volgens Tsang beschikt het ministerie nog altijd over te weinig machines. Van het materieel dat wel beschikbaar is, verkeert een deel in slechte staat. Voertuigen en werktuigen kampen met mankementen en hebben te maken met jarenlang achterstallig onderhoud. Hierdoor wordt de beschikbare capaciteit verder uitgehold. Een machine die op papier onderdeel is van het overheidsmaterieel, levert in de praktijk weinig op wanneer die langdurig buiten gebruik is.
Dat OWRO bepaalde machines inmiddels via aanbesteding moet inhuren, is een directe illustratie van deze tekortkomingen. Onder meer kolkenzuigers worden extern ingezet om de meest urgente werkzaamheden uit te voeren. Tegelijkertijd staat de eigen kolkenzuiger van het ministerie volgens Tsang in de garage. De overheid beschikt daarmee formeel over materieel, maar kan daar niet altijd daadwerkelijk op rekenen. Deze situatie heeft directe gevolgen voor de snelheid waarmee onderhoud kan worden uitgevoerd. Wegen, bermen en waterafvoer vragen om voortdurend onderhoud. Wanneer de capaciteit beperkt is, stapelen problemen zich op en wordt de overheid steeds afhankelijker van tijdelijke oplossingen en externe aannemers. Tsang wijst erop dat inmiddels op verschillende wegen gaten zijn gedicht en dat op sommige locaties zichtbare verbeteringen zijn gerealiseerd. Dat is positief, maar het neemt de structurele kwetsbaarheid van de uitvoering niet weg. Incidenteel herstel is iets anders dan een onderhoudssysteem dat voldoende capaciteit heeft om problemen tijdig aan te pakken en nieuwe achterstanden te voorkomen. Daar komt een tweede probleem bij, de financiële ruimte van OWRO lijkt beperkt te blijven. Voor 2027 verwacht Tsang geen substantiële verruiming van het budget.
Het beschikbare bedrag zou slechts iets hoger liggen dan het jaar ervoor. Dat betekent dat het ministerie de komende periode opnieuw zal moeten proberen meer werk te verrichten met middelen die slechts beperkt meegroeien. De toezeggingen die Tsang zegt te hebben gekregen van president en minister van Financiën en Planning om het ministerie op andere manieren tegemoet te komen, moeten uiteindelijk worden vertaald in concrete uitvoeringsmogelijkheden. Zonder voldoende geld voor aanschaf, onderhoud en vervanging van materieel blijft het ministerie afhankelijk van noodoplossingen. Een machinepark kan immers niet structureel worden onderhouden met incidentele ondersteuning. De problemen beperken zich bovendien niet tot wegenonderhoud. Ook bij wateroverlast, bermbeheer en illegale vuilstortplaatsen speelt de beperkte uitvoeringscapaciteit een belangrijke rol. OWRO heeft inmiddels een handhavingsteam ingesteld waarin onder meer het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG), bestuursdiensten, politie, milieupolitie en Openbaar Groen samenwerken.
Die samenwerking kan de aanpak versterken, maar ook hier blijft effectieve uitvoering afhankelijk van mensen, materieel en middelen. De kern van het probleem ligt daarmee niet alleen bij het aantal machines, maar bij de staat waarin het overheidsmaterieel verkeert en de mate waarin structureel wordt geïnvesteerd in onderhoud en vervanging. Wanneer machines jarenlang onvoldoende worden onderhouden, wordt uiteindelijk duurder en moeilijker herstel noodzakelijk. Tegelijkertijd blijft het ministerie voor urgente werkzaamheden aangewezen op ingehuurd materieel. De huidige droge periode biedt OWRO ruimte om achterstanden zichtbaar weg te werken. Maar zolang het eigen machinepark onvoldoende beschikbaar is en de begrotingsruimte beperkt blijft, dreigt het ministerie vooral achter de feiten aan te lopen. De inzet van externe machines kan de acute druk verlichten, maar vormt geen duurzame oplossing voor een structureel verzwakt overheidsapparaat. Voor OWRO ligt de uitdaging daarom niet alleen in het uitvoeren van werkzaamheden vandaag, maar vooral in het herstellen van een uitvoeringscapaciteit die jarenlang onvoldoende is onderhouden. Zonder een structurele aanpak van materieel, onderhoud en financiering zullen achterstanden zich opnieuw opstapelen zodra de huidige inhaalslag voorbij is.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com