CARICOM kwam deze week bijeen in Paramaribo voor de 29ste vergadering van de Council for Foreign and Community Relations (COFCOR), maar achter de diplomatieke taal en keurige persconferenties klonk vooral een harde realiteit door, het Caribisch gebied vreest irrelevant te worden in een snel veranderende wereldorde. Nieuwbakken COFCOR-voorzitter Melvin Bouva hield tijdens de slotpersconferentie een opvallend scherpe waarschuwing. Volgens hem zijn eenheid en collectieve actie geen vrijblijvende idealen meer, maar pure noodzaak. Vrij vertaald, CARICOM-landen beseffen dat zij afzonderlijk nauwelijks nog gewicht in de schaal leggen tegenover grootmachten als China, de Verenigde Staten, Saoedi-Arabië en de Europese Unie. Het was dan ook minder triomfantelijk dan ze op papier klinkt. Achter gesprekken over samenwerking met Saudi Arabia, Japan, Singapore en de United Arab Emirates schuilt vooral de zoektocht naar economische overleving.
CARICOM probeert duidelijk nieuwe bondgenoten te vinden nu traditionele partners steeds minder betrouwbaar lijken. Dat blijkt onder meer uit het voorstel voor een gezamenlijk mechanisme met Saoedi-Arabië en de gesprekken over een mogelijke handelsdeal met de VAE. Die overeenkomst moet de Caribische toegang tot markten in het Midden-Oosten, Afrika en Azië vergroten, een teken dat de regio haar economische afhankelijkheid van het Westen probeert te verminderen. Tegelijkertijd wringt daar precies de schoen. Want terwijl CARICOM spreekt over strategische autonomie, groeit de afhankelijkheid van buitenlandse machten juist verder. Het Caribisch gebied beschikt zelf nauwelijks over de financiële slagkracht om grote infrastructurele, klimaat- of veiligheidsproblemen zelfstandig aan te pakken. Daardoor blijft de regio aangewezen op externe financiering, technische steun en diplomatieke goodwill. Ook de discussie rond de hervorming van de United Nations toont die bezorgdheid. COFCOR waarschuwde expliciet dat internationale hervormingen niet mogen leiden tot minder technische aanwezigheid in kleine staten.
Achter die diplomatieke formulering zit een concrete angst, dat kleine landen steeds verder worden gemarginaliseerd terwijl grote landen en multilaterale instellingen hun macht centraliseren. De situatie in Haiti bleef eveneens een pijnpunt tijdens de vergadering. CARICOM herhaalde haar steun voor door Haïtianen geleide oplossingen, maar de harde waarheid is dat de regio al jaren geen doorbraak weet te forceren in de crisis. Ondertussen verslechtert de humanitaire situatie verder en blijft internationale hulp ontoereikend. Opvallend is dat CARICOM tegelijk spreekt over uitbreiding van de gemeenschap, met mogelijke toetreding van Bermuda als volwaardig lid en French Guiana als geassocieerd lid. Dat lijkt minder ingegeven door regionale romantiek dan door geopolitieke noodzaak, hoe groter het blok, hoe sterker de onderhandelingspositie. De top in Paramaribo maakte uiteindelijk één ding glashelder, CARICOM voelt de druk van een nieuwe geopolitieke realiteit. Kleine staten beseffen dat zij zonder gezamenlijke strategie dreigen te verdwijnen uit het centrum van internationale besluitvorming. De vraag is echter of mooie verklaringen en diplomatieke ontmoetingen voldoende zullen zijn om die dreigende irrelevantie daadwerkelijk tegen te houden.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com