In Silicon Valley kwam Nvidia opnieuw met cijfers die boven de lat uitkomen. Maar op Wall Street klonk eerder een zucht dan applaus, omdat beleggers gewend zijn geraakt aan een vuurwerkshow die elke kwartaalcall overstemt. Het bedrijf rapporteerde voor het kwartaal dat eindigde in januari een omzetstijging van 94 procent tot 68,13 miljard dollar. De aangepaste winst was 1,62 dollar per aandeel, beide hoger dan de marktverwachting. Toch bleef het aandeel na sluiting vrijwel vlak. Dit kwam doordat het ritme van veertien opeenvolgende kwartalen met stevige meevallers de verrassing uit het verhaal heeft gesleten.
De echte kopstoot zat in de vooruitblik, want Nvidia rekent voor het lopende kwartaal op 78 miljard dollar omzet plus of min 2 procent. Analisten zaten gemiddeld rond 72,60 miljard dollar. Die guidance leunt op het simpele feit dat de hyperscalers de geldkraan voor datacenters en AI processors nog steeds openhouden. Ook blijft de vraag naar Nvidia’s accelerators voorlopig niet knikken. Reuters schetste eerder al dat Alphabet, Amazon, Microsoft en Meta samen meer dan 630 miljard dollar aan AI en infrastructuurinvesteringen in 2026 verwachten. Daardoor blijft Nvidia’s orderboek in een uitzonderlijk klimaat draaien.
In de earningscall schoof een andere vraag naar voren, namelijk waarom een bedrijf dat dit jaar naar verwachting rond 100 miljard dollar aan cash kan genereren, zo terughoudend blijft met directe uitkeringen aan aandeelhouders. CFO Colette Kress hield de lijn strak en zei dat Nvidia wil blijven investeren in het AI ecosysteem. CEO Jensen Huang zette er de ideologische vlag bovenop door te stellen dat de output van AI modellen het fundament wordt van toekomstige computing. Die houding past bij een onderneming die liever extra capaciteit, software en infrastructuur stapelt dan een groot deel van de oorlogskas terugstuurt.
Nvidia probeerde tegelijk een hardnekkige zorg te dempen, namelijk dat toeleveringskrapte bij chipproducent TSMC de groei zou afknijpen, door te stellen dat er voldoende voorraad en capaciteit is vastgelegd voor meerdere kwartalen vooruit. De waarschuwing zat in de bijzin, want het bedrijf verwacht dat schaarste vooral de gamingtak raakt. Dit geeft aan dat niet elke productlijn dezelfde prioriteit krijgt wanneer wafers en packaging schaars blijven. Daarmee ontstaat een tweesporenverhaal waarin datacenterchips de metronoom zijn. Tegelijkertijd betalen consumentenproducten sneller de prijs van krapte.
Onder het glanzende oppervlak groeit bovendien de strategische frictie, omdat Nvidia’s omzet steeds meer leunt op een klein aantal megaklanten. Twee afnemers maakten samen 36 procent van de verkoop uit. Eerder vertegenwoordigden drie klanten 34 procent. Rivalen duwen ondertussen op de deur, AMD werkt aan een nieuwe AI serverlijn en Google wint terrein met eigen TPUs, onder meer via een deal met Anthropic. Daarnaast ontwerpen grote spelers intern chips om minder afhankelijk te zijn van één leverancier. Nvidia rekent in zijn huidige prognose bovendien nog niet op datacenteromzet uit China. Al kreeg het van de Amerikaanse overheid wel licenties om kleine hoeveelheden H200 chips te verschepen. Dit laat zien hoe geopolitiek inmiddels in de kwartaalmodellen is ingebakken.
Volg de Facebookpagina en Youtube kanaal voor data, nieuws en inspiratie. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com