Het ministerie van Financiën en Planning presenteert zich de laatste maanden steeds nadrukkelijker als de spil waar het economisch herstel om draait, omdat pas na een grondige doorlichting duidelijk werd hoe scheef de balans werkelijk was tussen groeicijfers en het dagelijks bestaan van de bevolking. En met een schuldenpakket dat de begroting jarenlang zou verstikken en weinig ruimte overliet voor dokters, leraren en wegenbouwers.
In dat financiële web speelt het Bureau voor de Staatsschuld een sleutelfiguur, omdat daar de leningen worden beheerd en gerapporteerd en uit die rapporten kwam naar voren dat vooral de buitenlandse schuld tegen een te hoge prijs en met ongunstige afspraken was binnengehaald, waardoor rente en aflossing zulke happen uit de begroting namen dat investeringen alleen nog op goed geluk konden worden gedaan wanneer er toevallig geld overbleef. De conclusie in de top van regering en ministerie was dat deze koers onhoudbaar was en dat een grote schoonmaak op de kapitaalmarkt nodig was om lucht te creëren voor basisvoorzieningen in zorg, onderwijs en infrastructuur.
Die schoonmaak heeft de vorm gekregen van een grootscheepse herfinancieringsoperatie, zorgvuldig voorbereid met cijfermatige analyses en meerjarenprojecties, waarmee dure oude leningen versneld worden afbetaald met nieuwe middelen die tegen betere voorwaarden zijn aangetrokken. Bank of America Securities fungeerde als gids in dit proces en organiseerde een intensieve reeks presentaties voor tientallen internationale beleggers, waarbij de minister van Financiën samen met haar team en de verantwoordelijke bewindspersoon voor olie en gas niet alleen de ernst van de situatie schetste. Maar vooral het verhaal van een land dat aan de vooravond staat van hogere productie en verduurzaming en dat niet langer gegijzeld wil worden door slecht ontworpen schuldenafspraken.
De respons van de markt was veelzeggend, want gerenommeerde investeerders schreven voor een veelvoud in op de nieuwe obligaties, waarna uiteindelijk een zorgvuldig geselecteerd bedrag is gecommitteerd dat precies groot genoeg is om de dure oude staatslening af te lossen, commerciële kredieten af te bouwen en een omstreden constructie op te kopen die toekomstige olie inkomsten aan particuliere investeerders koppelde. Die constructie, het zogeheten value recovery instrument, groeide elk jaar in waarde nog voordat er ook maar één druppel olie was verkocht en dreigde binnen afzienbare tijd een bijna ondraaglijke aanslag te worden op toekomstige royalty’s, omdat een aanzienlijk deel van de opbrengsten automatisch naar schuldeisers zou stromen.
Door dit instrument nu volledig af te kopen, worden toekomstige inkomsten uit offshore olievelden weer volledig Surinaams eigendom en kunnen zij via het Spaar en Stabilisatiefonds worden aangewend voor de samenleving in plaats van als zekerheid voor externe financiers te dienen. De nieuwe leningen zijn gewone staatsobligaties zonder claim op oliebronnen en met een langere looptijd en lagere rente dan het pakket dat wordt vervangen, terwijl de eerste reeks rentebetalingen alvast is gereserveerd op een aparte rekening, zodat de druk op de begroting in de eerste jaren aantoonbaar afneemt. Dat betekent niet dat de totale nominale schuld meteen daalt, maar wel dat de jaarlijkse kasstroom veel beter beheersbaar wordt en dat er geen sluipende rente sneeuwbal meer ligt te wachten die via het VRI tot een onbetaalbare berg zou uitgroeien.
Het ministerie benadrukt dat de vrijgekomen ruimte niet bedoeld is om nieuwe feestjes te financieren, maar om achterstallige investeringen in scholen, ziekenhuizen en infrastructuur structureel op te voeren en tegelijk een sociaal vangnet overeind te houden. Om die belofte waar te maken wordt de belastinginning verder aangescherpt, worden oude achterstanden bij de fiscus ingevorderd en sluit de regering nieuwe afspraken met multilaterale partners, waarbij het Internationaal Monetair Fonds vooral een rol speelt in het versterken van instellingen en het bewaken van begrotingsdiscipline. Periodieke rapportages aan de nieuwe obligatiehouders moeten bovendien voorkomen dat Suriname opnieuw in de mist van ondoorzichtige leningen verdwijnt, omdat cijfers en beleid nu met vaste regelmaat aan de buitenwereld worden getoond.
Wie door al deze technische termen heen leest, ziet een strategische verschuiving die voor de toekomst van Suriname van grote betekenis is, omdat de greep van een kleine groep kapitaalverschaffers op toekomstige olie en gasinkomsten wordt losgemaakt en vervangen door bredere financiering die beter past bij een kleine open economie. Wanneer de beloofde prudentie in uitgaven en de strakkere belastinginning daadwerkelijk worden volgehouden, ontstaat de kans dat de huidige operatie het begin markeert van een cultuur waarin staatsmiddelen zorgvuldig worden beheerd, schulden verstandig worden geprijsd en natuurlijke hulpbronnen eindelijk vooral werken in het voordeel van de Surinaamse bevolking.