About
Missie
Wij verbinden journalistiek, community building en detachering om de samenleving te voeden met betrouwbare data en gelijke ontwikkelkansen te creëren.
Visie
Wij bouwen aan een toekomst waarin transparantie, sociale cohesie en flexibel talent samen zorgen voor impactvolle, data-gedreven besluitvorming.
About
De onderzoekers van Ko'W' Checking zijn professionals van het AgapeUnit-team die zich richten op onafhankelijke, data gedreven berichtgeving. Via onze eigen platform bieden wij de samenleving betrouwbare en feitelijk onderbouwde informatie, gebaseerd op zorgvuldig onderzoek en verificatie. Ko'W' Checking werkt met een eigen redactie en onderzoeksstructuur. Informatie wordt uitsluitend gepubliceerd na interne controle. Indien nodig corrigeren of brengen wij dieptegang in berichten afkomstig van andere nieuwsbronnen wanneer deze onjuist of onvolledig blijken te zijn. Wij bieden organisaties de mogelijkheid om advertenties en promotionele boodschappen te plaatsen op onze website en via onze sociale mediakanalen. Deze commerciële dienstverlening heeft geen invloed op onze redactionele onafhankelijkheid. Ongeacht de achtergrond of doelstellingen van een organisatie, blijven wij feitelijk en onafhankelijk rapporteren. Wij formuleren onze artikelen naar waarheid en zonder redactionele binding aan commerciële of politieke belangen. Transparantie en integriteit vormen hierbij de basis.

Guyana bouwt agrarische machtshub voor een Caribisch gebied dat zichzelf nog altijd niet voedt

Guyana wil zich niet langer uitsluitend profileren als de snelgroeiende olieproducent van het Caribisch gebied, maar bouwt in Georgetown aan een regionaal kenniscentrum dat wetenschap, landbouwtechnologie en praktische productie met elkaar moet verbinden, zodat de regio minder afhankelijk wordt van duur geïmporteerd voedsel en beter bestand raakt tegen klimaatschokken, plantenziekten en verstoringen van internationale handelsketens. Het geplande centrum moet uitgroeien tot een knooppunt waar Braziliaanse expertise wordt aangepast aan Caribische omstandigheden en vervolgens wordt doorgegeven aan onderzoekers, landbouwers, technici en beleidsmakers.

Het Braziliaanse ministerie van Landbouw en Veeteelt en het Inter Amerikaans Instituut voor Samenwerking op Landbouwgebied hebben daarvoor een overeenkomst gesloten die de overdracht en aanpassing van technologie moet versnellen, wetenschappelijke kennis moet versterken en vernieuwende oplossingen voor tropische landbouwsystemen beschikbaar moet maken. De overeenkomst werd in San José ondertekend door de Braziliaanse onderminister van Landbouw Cleber Soares en IICA directeur generaal Muhammad Ibrahim tijdens een vergadering van het uitvoerend comité van het instituut, waarin landbouwministers uit verschillende landen van het Amerikaanse continent zitting hebben.

De nieuwe afspraken bouwen voort op een intentieverklaring die in juni door Brazilië, Guyana en IICA werd ondertekend over de oprichting van een duurzaam landbouwcentrum voor de Amerika’s. Georgetown wordt daarmee de thuisbasis van een platform voor technische samenwerking, wetenschappelijk onderzoek, scholing en landbouwkundige innovatie, waarbij de ambitie verder reikt dan de ontwikkeling van Guyana alleen. Landen in het Caribisch gebied en Midden Amerika moeten via het centrum toegang krijgen tot kennis die anders verspreid blijft over onderzoeksinstituten, ministeries en internationale organisaties.

Een breed netwerk moet voorkomen dat het project een geïsoleerd onderzoeksgebouw wordt zonder directe aansluiting op de landbouwpraktijk. Het Braziliaanse ministerie, onderzoeksorganisatie EMBRAPA en IICA gaan samenwerken met het Guyanese onderzoeks en voorlichtingsinstituut NAREI, het Caribbean Agricultural Research and Development Institute, CARICOM en aanvullende instellingen die zich later bij het programma kunnen aansluiten. Nieuwe werkgebieden kunnen eveneens worden toegevoegd, zodat de samenwerking zich kan aanpassen wanneer veranderende klimaatomstandigheden, ziekten of marktontwikkelingen daarom vragen.

Braziliaanse onderzoekers brengen ervaring mee met gewassen, veeteelt, waterbeheer, bodemherstel en productiesystemen die zijn ontwikkeld voor tropische omstandigheden. Brazilië wordt daarbij gepresenteerd als voorbeeld van een land dat door langdurige investeringen in wetenschap, technologie en landbouwinnovatie veranderde van netto voedselimporteur in een uitvoerder naar ongeveer 190 landen. Guyana wil die kennis niet eenvoudig kopiëren, maar aanpassen aan kleinere landbouwbedrijven, verschillende bodemsoorten, beperkte markten en de kwetsbare klimaatomstandigheden van Caribische staten.

Onderzoekers en technici uit de regio moeten trainingen kunnen volgen bij EMBRAPA op het gebied van waterbeheer, geïntegreerde bosbouw, landbouw en veeteelt, herstel van aangetaste grond en klimaatbestendige productiemethoden. Het centrum moet tevens nieuwe technieken ondersteunen die jonge mensen en vrouwen aantrekkelijkere kansen bieden binnen de landbouw, omdat vergrijzing, beperkte mechanisatie en een tekort aan geschoolde arbeidskrachten de productie in verschillende landen afremmen. Familiebedrijven krijgen bijzondere aandacht, zodat technologische vernieuwing niet uitsluitend terechtkomt bij grote producenten die al over kapitaal, machines en internationale contacten beschikken.

De prioriteitenlijst omvat onderzoek naar duurzame tropische landbouw, verhoging van productiviteit, uitbreiding van het aantal gewassen, verbetering van voedselzekerheid en verantwoord gebruik van natuurlijke hulpbronnen. Landbouwrisico’s, diergezondheid, plantgezondheid en de bestrijding van grensoverschrijdende plagen en ziekten behoren eveneens tot het programma, omdat een besmetting zich in een regio met intensief personenverkeer en voedseltransport snel over meerdere landen kan verspreiden. Problemen rond kunstmestvoorziening, de gevolgen van El Niño en de toenemende schade door extreem weer geven het centrum daarbij een urgentie die verder gaat dan economische groei.

Een voorbereidende fase van negentig dagen moet de basis leggen voor de werkzaamheden, waarna de activiteiten volgens de planning in de tweede helft van 2026 beginnen. President Mohamed Irfaan Ali heeft het initiatief omarmd als onderdeel van zijn strategie om Guyana tot een belangrijke voedselleverancier voor het Caribisch gebied te maken. Nieuwe technologie moet volgens die visie niet alleen meer productie opleveren, maar ook verwerking en toegevoegde waarde stimuleren, de zaadproductie versterken en een technisch ecosysteem creëren waarin onderzoek sneller wordt omgezet in commerciële landbouw.

De komst van het centrum legt tegelijk een pijnlijke regionale tegenstelling bloot, want het Caribisch gebied beschikt over vruchtbare grond, water, kennis en een grote voedselmarkt, maar blijft zwaar afhankelijk van importen uit verre landen. Hoge transportkosten, beperkte opslagcapaciteit, gebrekkige verbindingen tussen eilanden, uiteenlopende kwaliteitsnormen en trage grensprocedures maken regionale handel vaak moeilijker dan invoer van buiten het gebied. Technologische innovatie kan de opbrengst verhogen, maar lost weinig op wanneer landbouwproducten na de oogst niet efficiënt kunnen worden gekoeld, verwerkt, gecertificeerd, vervoerd en verkocht.

Het werkelijke gevaar ligt daarom niet bij een gebrek aan plannen, maar bij de mogelijkheid dat het centrum verandert in een goed gefinancierde etalage waar conferenties, studies en ondertekeningen belangrijker worden dan zaaizaad, demonstratievelden en meetbare productiegroei. Boeren moeten toegang krijgen tot betaalbare technieken, krediet, landbouwvoorlichting en betrouwbare afzet, anders blijft de wetenschappelijke kennis opgesloten binnen instellingen. Regionale overheden zullen daarnaast handelsbarrières moeten verwijderen en gezamenlijke standaarden moeten ontwikkelen, omdat Guyana geen Caribische voedselschuur kan worden wanneer voedsel aan de grens vastloopt of op de plaats van bestemming onbetaalbaar wordt.

De Surinaamse overheid moet dit initiatief daarom ook analyseren, aangezien beide landen vergelijkbare bodems, klimaatomstandigheden en landbouwmogelijkheden bezitten, maar Guyana zich sneller positioneert als regionaal centrum voor kennis, productie en investeringen. Surinaamse landbouwinstellingen, onderwijsorganisaties, ondernemers en producentenverenigingen zouden vroegtijdig aansluiting moeten zoeken bij onderzoeksprogramma’s, trainingen en demonstratieprojecten, zodat het land niet later tegen betaling hoeft in te kopen wat het vandaag samen kan helpen ontwikkelen.

Het centrum in Guyana zal uiteindelijk niet worden beoordeeld op het aantal internationale partners, ondertekende documenten of officiële bezoeken, maar op de vraag of Caribische boeren meer produceren, consumenten minder betalen en de regio na een klimaatramp sneller voedsel op tafel krijgt. Slaagt die opdracht, dan kan Georgetown het laboratorium worden van een nieuwe Caribische voedselmacht, maar blijft de uitvoering steken in overleg en symboliek, dan krijgt de regio opnieuw een indrukwekkend instituut dat vooral bewijst hoe goed zij plannen kan maken en hoe slecht zij zichzelf nog altijd kan voeden.

Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com

Totaal
0
Aandelen
Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Verwante berichten
Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag