President Simons heeft tijdens recente gesprekken duidelijk gemaakt dat de hervorming van het onderwijssysteem alleen duurzaam kan slagen wanneer deze zorgvuldig en gefaseerd wordt uitgevoerd. Volgens het staatshoofd is het noodzakelijk om realistische stappen te zetten en de fundering van het onderwijs te versterken, in plaats van in te zetten op snelle verbeteringen die op de lange termijn geen effect hebben.
De regering stelt twee prioriteiten centraal in de komende hervormingsperiode, het verhogen van de onderwijskwaliteit en het structureel verbeteren van de status, positie en arbeidsvoorwaarden van leerkrachten. Simons benadrukte dat de rol van de leerkracht essentieel is voor nationale ontwikkeling. De leerlingen die het best presteren op school willen we vragen om in het onderwijs te gaan. Omdat we de standing van het beroep van leerkracht omhoog moeten brengen. Daarmee geeft zij aan dat het onderwijs opnieuw aantrekkelijk moet worden voor talentvolle jongeren, zodat de basis van het nationale onderwijssysteem wordt versterkt. De president verwees naar internationale voorbeelden die aantonen dat de meest succesvolle onderwijssystemen tot stand kwamen door langdurige trajecten van hervormingen. Landen die wereldwijd bekendstaan om hun hoge onderwijskwaliteit, investeerden decennialang in betere lonen, professionele ontwikkeling, striktere toelatingseisen en continue kwaliteitsverbetering.
Zulke trajecten, vragen niet alleen visie maar ook discipline en geduld.
Daarnaast waarschuwde de president voor ondoordachte financiële ingrepen. Hoewel zij erkent dat loonsverhogingen voor onderwijsgevenden noodzakelijk zijn, wees ze erop dat abrupte en ongecontroleerde verhogingen serieuze risico’s met zich meebrengen. Een te snelle toename van de geldhoeveelheid kan namelijk leiden tot koersstijgingen, inflatie en economische onrust. Daardoor verliezen werknemers op termijn juist de koopkracht die zij dachten erbij te krijgen. Volgens Simons moet de regering daarom zorgvuldig afwegen welke stappen financieel verantwoord en economisch duurzaam zijn.
De regering wil in nauwe samenwerking met onderwijsorganisaties werken aan een breed gedragen en uitvoerbaar tijdpad voor verbetering van arbeidsvoorwaarden, gekoppeld aan een uitgebreide kwaliteitsagenda. Hierbij zullen vooral de basisjaren in het onderwijs extra aandacht krijgen. Deze fase vormt volgens het staatshoofd de belangrijkste pijler voor de cognitieve en sociale ontwikkeling van kinderen, en is daarom cruciaal voor de toekomst van Suriname. Door in te zetten op zowel structurele kwaliteitsverhoging als een herwaardering van het leerkrachtenberoep, streeft de regering naar een onderwijssysteem dat niet alleen voldoet aan de huidige behoeften, maar ook bestand is tegen toekomstige uitdagingen. De president benadrukte dat de weg lang kan zijn, maar dat volgehouden inzet uiteindelijk zal leiden tot een sterker, moderner en duurzamer Surinaams onderwijs.