Met de vernieuwde aanbesteding voor Amaila Falls trekt Guyana een oud energiedroomproject opnieuw uit de politieke schaduw en plaatst het midden in de nieuwe strijd om betrouwbare, grootschalige en schonere stroom. De regering vraagt opnieuw voorstellen onder een Build Own Operate Transfer model voor een waterkrachtcentrale van minimaal 165 megawatt. Dit is inclusief dam, centrale, onderstation en bijkomende infrastructuur. Daarnaast moeten biedingen uiterlijk 9 april 2026 om 09.00 uur worden ingediend bij de National Procurement and Tender Administration Board. Daarmee laat Georgetown zien dat Amaila niet langer alleen een historisch symbool is van uitstel en verdeeldheid. Het project wordt opnieuw gepositioneerd als een harde bouwsteen van de nationale energiekoers.
De technische contouren van het project maken meteen duidelijk dat het om meer gaat dan een gewone centrale in de jungle. De aanvraag voorziet in een reservoir van 23 vierkante kilometer, laat de transmissielijn buiten deze aanbesteding en verplicht de ontwikkelaar alle geotechnische risico’s rond dam en reservoir te dragen. Tegelijk houdt de staat ruimte open voor herontwerp van de installatie op basis van nieuwere turbinetechnologie. Daardoor kan het uiteindelijke vermogen mogelijk boven de 165 megawatt uitkomen. Onafhankelijk toezicht op ontwerp en bouw moet extra controle bieden. Verder loopt de uitvoering via een speciale projectvennootschap en worden eerder verkregen vergunningen en licenties naar de ontwikkelaar overgedragen, inclusief eventuele actualisering waar dat nodig blijkt.
Die herstart zegt ook iets over hoe serieus Guyana zijn energiesysteem probeert te herschikken. De regering verlangt van inschrijvers aantoonbare ervaring met minstens drie grote waterkrachtprojecten van minimaal 100 megawatt in de afgelopen vijftien jaar. Daarnaast eist men financiële stukken, EPC ervaring, lokale inhoudsplannen, uitvoeringsmethodiek en een uitgewerkte kostenspecificatie. De beoordeling draait niet alleen om technische haalbaarheid, maar ook om de laagste voorgestelde stroomprijs in de PPA. Bovendien kijkt men naar de snelheid van oplevering en het vermogen om financiering rond te krijgen. Daarmee probeert Georgetown zichtbaar te voorkomen dat Amaila opnieuw verzandt in politieke belofte zonder uitvoerbaar financieel en technisch fundament.
Achter deze aanbesteding ligt een veel grotere energierekening voor de toekomst. Guyana koppelt Amaila nadrukkelijk aan zijn Low Carbon Development Strategy 2030, waarin waterkracht als sleutel wordt gezien om het land uit dure, vervuilendere en kwetsbare elektriciteitsstructuren te trekken. De LCDS noemt Amaila al jaren als het logische startpunt van Guyana’s energieomslag. Daarbij wijst het rapport erop dat het land over ongeveer 8,5 gigawatt aan potentieel waterkrachtvermogen beschikt verspreid over 33 locaties, waarvan Amaila als eerste grote stap is geselecteerd. In de praktijk wordt het project dus niet alleen verkocht als groene stroom. Het wordt ook gepresenteerd als strategisch anker in een economie die tegelijk groeit op olie en gas en zich toch een geloofwaardige lage koolstofidentiteit wil aanmeten.
De timing is des te opvallender omdat Amaila niet op zichzelf staat, maar wordt ingepast in een bredere energiemix waarin ook het gas to energy project in Wales snel opschuift. Recente Guyanese berichtgeving stelt dat in Wales uiteindelijk ongeveer 600 megawatt kan worden ontwikkeld. Fase één is bedoeld om de stroomproductie sterk uit te breiden en de gemiddelde elektriciteitskosten ongeveer te halveren. Amaila moet daar een grote hernieuwbare tegenhanger van worden. Guyana bouwt dus niet één enkel antwoord op zijn energievraag. Het land probeert tegelijk een nieuw systeem te smeden waarin gas, hydro en zon elkaar moeten versterken.
Politiek draagt Amaila nog altijd de littekens van het verleden, want het project werd meer dan tien jaar geleden al naar voren geschoven maar liep vast nadat het in 2013 onvoldoende steun kreeg in de Nationale Assemblee. Dat verklaart waarom de nieuwe ronde meer leest als een poging tot institutionele rehabilitatie dan als een eenvoudige aanbesteding. Georgetown wil zichtbaar bewijzen dat wat ooit symbool stond voor bestuurlijke stilstand alsnog kan uitgroeien tot een geloofwaardig vlaggenschip van de Guyanese ontwikkelingsstaat.
Suriname moet deze case bestuderen, omdat de energietoekomst van de regio steeds minder alleen draait om nieuwe productie. Het draait steeds meer om wie erin slaagt grote infrastructuurprojecten politiek, technisch en financieel door te drukken voordat de volgende groeigolf volledig losbarst. Een buurland dat olie, gas, waterkracht en logistiek tegelijk probeert te organiseren, bouwt vanzelf een steviger basis voor industrie, investeringen en concurrentiekracht dan een land dat zijn energieverhaal te lang versnipperd laat. Paramaribo doet er daarom verstandig aan Amaila niet te bekijken als louter Guyanees binnenlands nieuws. Het moet als een signaal worden gezien dat de strijd om goedkope, stabiele en strategische energie in de regio al volop aan de gang is.
Volg de Facebookpagina and Youtube kanaal voor data, nieuws en inspiratie. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com