Tijdens de afsluiting van de Bestuurskunde Week aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname klonken grote woorden en ambitieuze beloftes. Marinus Bee, minister van Binnenlandse Zaken, hield een inspirerende toespraak waarin hij studenten opriep om het verschil te maken en te kiezen voor integriteit. Maar achter de motiverende toon schuilt een ongemakkelijke vraag, wie draagt werkelijk de verantwoordelijkheid voor verandering, de studenten van morgen of de leiders van vandaag? De Bestuurskunde Week, gestart op 13 april, stond in het teken van Van grondstoffen naar duurzame ontwikkeling, beleidskeuzes voor de volgende generatie. Een thema dat naadloos aansluit bij de groeiende verwachtingen rondom de toekomstige olie- en gasinkomsten van Suriname. Bee benadrukte dat juist deze nieuwe generatie beleidsmakers het systeem moet hervormen. Iedereen kan het verschil maken en riep studenten op zich te profileren als nieuwe leiders.
Die oproep klinkt krachtig, maar schuift ook een deel van de verantwoordelijkheid door. Want terwijl studenten worden aangespoord om integriteit te omarmen, blijft de vraag hangen in hoeverre het huidige systeem onder leiding van ervaren politici diezelfde standaard al waarmaakt. Integriteitsverandering begint immers niet in collegezalen, maar in bestuurskamers. Opvallend was Bee’s verwijzing naar mogelijke besparingen binnen zijn eigen ministerie. Hij stelde dat door efficiënter beleid jaarlijks maar liefst 500 miljoen bespaard kan worden. Een indrukwekkend bedrag, maar ook een impliciete erkenning dat er momenteel aanzienlijke inefficiënties bestaan. Waarom zijn deze maatregelen nog niet volledig doorgevoerd? En wat houdt de implementatie tegen? Daarnaast pleitte de minister voor investeringen in de menselijke factor en het systeem van Suriname, met het oog op een verantwoorde besteding van toekomstige olie-inkomsten.
Het is een bekend refrein in beleidskringen, maar in de praktijk blijkt duurzame ontwikkeling vaak moeilijker te realiseren dan te verkondigen. Zonder concrete stappen en transparante uitvoering dreigen zulke uitspraken te blijven steken in goede bedoelingen. Ook het benadrukken van gendergelijkheid als beleidsprioriteit is een belangrijk signaal. Toch blijft het essentieel dat deze ambities meetbaar en zichtbaar worden in beleid en praktijk en niet slechts onderdeel blijven van politieke retoriek. Met zijn slotwoorden, Zonder geschoolde mensen gaan we dit land niet kunnen opbouwen, raakte Bee een kernwaarheid. Onderwijs en ontwikkeling zijn cruciaal. Maar scholing alleen is niet genoeg. Zonder een systeem dat eerlijk, transparant en consequent functioneert, lopen zelfs de best opgeleide jongeren vast in dezelfde structuren die ze geacht worden te veranderen. De boodschap aan studenten is duidelijk, jullie zijn de toekomst. Maar de echte test ligt bij de huidige machthebbers. Want integriteit kan niet alleen worden onderwezen, het moet vooral worden voorgeleefd.
Volg de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal voor data, nieuws en inspiratie. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com