De toespraak van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties veranderde donderdagavond vrijwel onmiddellijk in een zichtbaar diplomatiek treffen, nadat tientallen vertegenwoordigers opstonden en de zaal verlieten zodra hij aan zijn rede begon. Slechts enkele tientallen aanwezigen bleven op hun plaats zitten, waardoor de lege stoelen een krachtiger politiek signaal afgaven dan menig voorbereid statement vanaf het spreekgestoelte. Netanyahu reageerde zichtbaar geërgerd en bestempelde de vertrekkende diplomaten als morele lafaards, waarna hij de overige aanwezigen met dezelfde opvatting uitnodigde eveneens te vertrekken.
Netanyahu liet zich door het protest niet uit het veld slaan en beschuldigde de betrokken landen van ondankbaarheid, omdat Israël volgens hem ook hun veiligheid beschermt tegen regionale dreigingen. Hij beweerde dat verschillende regeringsleiders Israël achter gesloten deuren bedanken voor militaire operaties waartegen zij zich in het openbaar verzetten. Volgens de Israëlische premier laat de massale uittocht daarom niet alleen vijandigheid zien, maar ook een vorm van politieke hypocrisie die binnen internationale instellingen steeds zichtbaarder wordt.
De demonstratieve leegloop stond niet op zichzelf, omdat tijdens zijn toespraak een groot aantal diplomatieke conflicten samenkwam rond Gaza, Syrië, Turkije, Iran en de bredere positie van Israël in het Midden Oosten. Israël presenteert zijn militaire handelen als noodzakelijke zelfverdediging, maar wordt internationaal steeds scherper aangesproken op de enorme menselijke gevolgen en de uitbreiding van zijn activiteiten buiten de eigen internationaal erkende grenzen. De bijna lege zaal toonde daarmee hoe diep de kloof tussen de Israëlische regering en een aanzienlijk deel van de internationale gemeenschap inmiddels is geworden.
De confrontatie kreeg extra gewicht toen Netanyahu zich rechtstreeks richtte tot de Syrische president Ahmed Al Sharaa, die een dag eerder had geëist dat Israël zich terugtrekt uit Syrisch grondgebied en de bezette Golanhoogten. Israëlische troepen trokken na de val van het bewind van Bashar Al Assad in december 2024 verder de door de Verenigde Naties bewaakte bufferzone binnen, waarna ook aanvallen en militaire operaties dieper op Syrisch grondgebied volgden. Damascus verlangt dat de Israëlische strijdkrachten terugkeren naar de posities van vóór 8 december 2024 en dat de afspraken uit 1974 over de scheiding van de strijdkrachten opnieuw volledig worden gerespecteerd.
Al Sharaa benadrukte tijdens zijn eigen toespraak dat de Golanhoogten Syrisch grondgebied blijven en dat zijn regering de Israëlische aanwezigheid niet zal accepteren als een voldongen feit. Hij stelde dat Israëlische aanvallen het herstel van Syrië ondermijnen en een land dat probeert op te staan na jaren van oorlog opnieuw in onzekerheid duwen. De Syrische president liet tegelijkertijd ruimte voor toekomstige veiligheidsafspraken, maar maakte duidelijk dat vrede volgens Damascus niet kan worden gebouwd op voortgezette bezetting.
De Golanhoogten werden in 1967 tijdens de Zesdaagse Oorlog door Israël op Syrië veroverd en in 1981 eenzijdig geannexeerd, maar die inlijving wordt door de Verenigde Naties niet erkend. Secretaris generaal António Guterres verklaarde in juli dat de situatie rond het gebied totaal onacceptabel is en dat de territoriale integriteit van Syrië moet worden gerespecteerd. De internationale juridische positie botst daarmee rechtstreeks met het standpunt van de Israëlische regering, die de hoogvlakte als strategisch en historisch onlosmakelijk met Israël verbonden beschouwt.
Netanyahu gaf tijdens zijn rede geen enkele aanwijzing dat hij bereid is het bezette gebied terug te geven en verklaarde dat Israël zijn grondgebied zal blijven verdedigen zoals het dat volgens hem altijd heeft gedaan. Met zijn bewering dat Joden al sinds de tijd van Mozes op de Golanhoogten aanwezig waren, plaatste hij een religieus en historisch argument tegenover de geldende internationale resoluties. Zijn woorden maakten duidelijk dat de Israëlische regering territoriale aanspraken niet uitsluitend vanuit hedendaags internationaal recht beoordeelt, maar ook vanuit veiligheid, geschiedenis en geloof.
Ook de Turkse president Recep Tayyip Erdogan kreeg een frontale aanval te verwerken, nadat hij Israël opnieuw van genocide in Gaza had beschuldigd. Netanyahu noemde Erdogan een tiran en prees de Amerikaanse president Donald Trump juist als de belangrijkste bondgenoot waarop Israël kan rekenen. De tegenstelling onderstreepte hoe sterk Israël voor diplomatieke en militaire steun op Washington leunt, terwijl de verhoudingen met verschillende Europese, Arabische en islamitische landen steeds verder verslechteren.
De beschuldigingen over genocide vormen inmiddels veel meer dan uitsluitend politieke retoriek, omdat de International Association of Genocide Scholars een resolutie aannam waarin het Israëlische optreden in Gaza onder de juridische definitie van genocide werd geplaatst. Amnesty International kwam na eigen onderzoek eveneens tot de conclusie dat Israël genocide tegen Palestijnen in Gaza heeft gepleegd, terwijl meerdere wetenschappers en mensenrechtenexperts vergelijkbare beoordelingen hebben gepubliceerd. Israël verwerpt die conclusies nadrukkelijk en stelt dat zijn krijgsmacht Hamas bestrijdt, burgers probeert te ontzien en wordt geconfronteerd met militanten die opereren vanuit dichtbevolkte gebieden.
Netanyahu beschuldigde landen en organisaties ervan miljarden uit te geven aan het verspreiden van leugens over Israël en richtte zijn woede eveneens op de burgemeester van New York, Zohran Mamdani. Tegen iedereen die Israël van genocide beschuldigt, sprak hij de woorden dat zij zich moesten schamen, waarmee hij de internationale kritiek niet inhoudelijk ontleedde, maar moreel terugsloeg. De Israëlische premier koos daarmee opnieuw voor een strategie waarin tegenstanders niet slechts worden tegengesproken, maar worden neergezet als laf, misleidend of vijandig.
Het tafereel in New York liet zien hoe diplomatie verandert wanneer regeringsleiders internationale kritiek beantwoorden met beschuldigingen en delegaties hun afkeuring tonen door de dialoog letterlijk te verlaten. Diplomatieke verontwaardiging kan begrijpelijk zijn, maar lege stoelen lossen geen oorlog op en harde redevoeringen herstellen geen vertrouwen wanneer internationaal recht verschillend wordt toegepast naargelang de politieke bondgenoot. De Verenigde Naties dreigen daardoor steeds vaker een podium te worden waarop conflicten worden uitgespeeld, terwijl de ruimte voor onderhandelingen, compromissen en controle op machtsuitoefening verder afneemt.
In een wereld waarin historische claims, militaire veiligheid en internationaal recht steeds vaker met elkaar botsen, kunnen Caribische landen zich nauwelijks veroorloven hun buitenlandse beleid uitsluitend op emotie of tijdelijke bondgenootschappen te baseren. Landen met beperkte militaire en economische macht beschermen hun belangen het best door consequent dezelfde rechtsbeginselen te verdedigen, ongeacht welke staat daarvan wordt beschuldigd. Suriname behoudt alleen geloofwaardigheid wanneer het bij internationale conflicten feiten, humanitaire bescherming en het volkenrecht zwaarder laat wegen dan politieke sympathie.
De lege stoelen tijdens de toespraak van Netanyahu vormden uiteindelijk geen overwinning voor zijn tegenstanders en evenmin een bewijs dat de Israëlische premier zijn gelijk heeft gehaald. Netanyahu liet opnieuw zien dat hij internationale isolatie liever gebruikt om zijn achterban te mobiliseren dan om zijn koers te heroverwegen, terwijl zijn critici met hun vertrek duidelijk maakten dat hun geduld vrijwel is verdwenen. Het scherpste beeld van de avond was daarom niet de premier achter het spreekgestoelte, maar een zaal waarin afwezigheid de taal van diplomatie had overgenomen.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com