De mogelijke verstrekking van een vierde online casinovergunning heeft een fundamentele vraag over orde, toezicht en gelijke toepassing van de wet opnieuw op tafel gelegd, omdat een sector met grote geldstromen en een zwaar risico op witwassen niet kan functioneren op basis van geruchten, onduidelijke cijfers en regels waarvan de uitvoering voor het parlement en de samenleving niet zichtbaar is.
VHP fractieleider Asis Gajadien heeft president Jennifer Simons formeel om opheldering gevraagd over de uitvoering van de Wet Hazardspelen, de voorgeschreven afbouw van gamecenters en verkooppunten en signalen dat er mogelijk een extra vergunning is verleend boven het wettelijk toegestane maximum van drie. Zijn vragen zijn maandag via DNA voorzitter Ashwin Adhin, op grond van artikel 86 van het Reglement van Orde van De Nationale Assemblée, aan de president voorgelegd.
De kwestie draait niet uitsluitend om de vraag of een vierde vergunning bestaat, maar vooral om de betrouwbaarheid van de hele vergunningstructuur. Indien die extra vergunning inderdaad is verstrekt, moet de regering duidelijk maken aan wie, op welke datum en op basis van welke wettelijke bepaling dat is gebeurd. Ook moet helder worden hoe een aanvullende vergunning past binnen een stelsel dat volgens Gajadien een grens van drie online casinovergunningen kent.
De wetgeving rond hazardspelen werd in september 2023 aangenomen met de belofte dat de ongecontroleerde groei van bettingkantoren, gamecenters en verkooppunten zou worden teruggedrongen. Nadat de online vergunningen ongeveer acht tot tien maanden later zouden zijn verleend, begon ook de wettelijke afbouwperiode te lopen. In het eerste jaar moet volgens de regeling minimaal 35 procent van de bestaande locaties verdwijnen, gevolgd door een vermindering van 50 procent van het resterende aantal in het tweede jaar. Het derde jaar moet leiden tot het wettelijk toegestane eindniveau.
Die afbouw is geen administratieve formaliteit, maar een toets voor de geloofwaardigheid van het beleid. Jarenlang groeiden verkooppunten uit tot een zichtbaar onderdeel van woonwijken, handelsstraten en buurten, met alle sociale en financiële gevolgen van dien. Wanneer vergunninghouders wel de inkomsten van een gereguleerde markt ontvangen, maar de verplichting om locaties af te bouwen niet of slechts gedeeltelijk uitvoeren, verliest de wet haar corrigerende werking en wordt regulering slechts een dekmantel voor voortzetting van de oude situatie.
Gajadien vraagt daarom om cijfers die tot nu toe onvoldoende publiek zichtbaar zijn. Hij wil weten hoeveel vergunningen zijn verleend, wanneer dat gebeurde, hoeveel gamecenters en verkooppunten bij aanvang actief waren en hoeveel daarvan vandaag nog bestaan. De gegevens moeten volgens hem per vergunninghouder worden uitgesplitst, zodat niet langer met algemene verklaringen kan worden volstaan. Ook vraagt hij welke controles de Gaming Board heeft uitgevoerd, welke sancties zijn toegepast bij overtredingen en binnen welk tijdpad de verdere afbouw zal plaatsvinden.
De parlementariër benadrukt dat zijn vragen niet tegen een bepaalde onderneming zijn gericht. Namen als Suribet en Su Live Betting worden genoemd omdat zij bekende marktspelers zijn, maar de kern van zijn verzoek is dat iedere vergunninghouder aan dezelfde voorschriften moet worden gehouden. Een overheid die regels selectief toepast, creëert niet alleen oneerlijke concurrentie, maar zet ook de deur open voor politieke beïnvloeding en achterdocht in een sector die juist maximale transparantie nodig heeft.
De zaak raakt eveneens rechtstreeks aan het traject rond de Caribbean Financial Action Task Force. Kansspelen behoren internationaal tot de sectoren die extra gevoelig zijn voor witwassen, verborgen geldstromen en misbruik van digitale betaalstructuren. Alleen een wet aannemen is daarom niet genoeg. Toezichthouders moeten kunnen aantonen welke financiële gegevens vergunninghouders registreren, welke transacties worden gecontroleerd, hoe ongebruikelijke patronen worden gemeld en welke gevolgen volgen wanneer bedrijven zich niet aan de regels houden.
Suriname kan zich in dit stadium geen toezichtsmodel veroorloven dat vooral op papier bestaat, zeker niet nu het land tegenover internationale beoordelaars moet bewijzen dat wetgeving ook werkelijk wordt uitgevoerd. Een openbaar overzicht van vergunningen, locaties, controles, sancties en afbouwresultaten zou niet alleen het parlement beter in staat stellen zijn taak uit te voeren, maar ook voorkomen dat iedere nieuwe vergunning automatisch wordt gezien als een gunst die buiten het zicht van de samenleving wordt verleend.
Zolang de regering geen volledige duidelijkheid geeft over het aantal vergunningen en de afbouw van de vele gamecenters, blijft de vraag overeind of de kansspelsector werkelijk wordt geordend of slechts beter wordt verpakt.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com