Met elf volwaardige leden, tien partnerlanden en een gezamenlijke bevolking die bijna de helft van de wereldbevolking omvat, heeft BRICS zich ontwikkeld van een economisch label voor opkomende landen tot een geopolitiek platform dat openlijk aanspraak maakt op meer invloed binnen handel, financiële instellingen, technologie en internationale besluitvorming.
Het verhaal begon in 2001, toen econoom Jim O’Neill de term BRIC gebruikte voor Brazilië, Rusland, India en China. De vier landen begonnen in 2006 met formeel overleg en hielden drie jaar later hun eerste top. Zuid-Afrika trad in 2010 toe, waarna BRICS ontstond als politieke naam en samenwerkingsverband. De uitbreiding van de afgelopen jaren heeft het blok veranderd van een overleg tussen vijf grote economieën in een veel bredere, maar ook ingewikkeldere coalitie.
BRICS telt inmiddels Brazilië, Rusland, India, China, Zuid-Afrika, Egypte, Ethiopië, Indonesië, Iran, Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten als leden. De partnergroep bestaat uit Belarus, Bolivia, Cuba, Kazachstan, Maleisië, Nigeria, Thailand, Oeganda, Oezbekistan en Vietnam. Het onderscheid is belangrijk, want partnerlanden kunnen deelnemen aan overleg, maar hebben niet dezelfde positie of beslissingsmacht als de elf leden, waarbij consensus noodzakelijk blijft.
De economische cijfers geven BRICS politieke gewicht, maar zij worden vaak te makkelijk als bewijs van een gezamenlijke machtsbasis gepresenteerd. De lidstaten zijn samen goed voor bijna de helft van de wereldbevolking en ongeveer veertig procent van de mondiale productie, gemeten in koopkracht. In nominale dollars ligt hun gezamenlijke economische omvang lager, maar nog steeds boven de dertig biljoen dollar. Dat maakt BRICS belangrijk, maar niet automatisch eensgezind, want China, India, Rusland, Brazilië, Iran en de Golfstaten hebben uiteenlopende handelsbelangen, veiligheidsrelaties en politieke prioriteiten.
De kracht van BRICS ligt in het feit dat veel landen uit het mondiale Zuiden niet langer willen accepteren dat instellingen als het Internationaal Monetair Fonds, de Wereldbank, de Verenigde Naties en de Wereldhandelsorganisatie vooral worden gevormd door de naoorlogse machtsverhoudingen. Het blok pleit daarom voor hervorming van mondiale besluitvorming, meer ruimte voor handel in nationale valuta, betere toegang tot financiering en sterkere vertegenwoordiging van ontwikkelingslanden.
De zwakte van BRICS ligt in diezelfde omvang. Een groep die China en India, Rusland en Brazilië, Iran en de Verenigde Arabische Emiraten, Saudi-Arabië en Ethiopië samenbrengt, beschikt over grote markten en grondstoffen maar draagt ook oude rivaliteiten, grensgeschillen en tegengestelde belangen met zich mee. Een akkoord over een gezamenlijke munt, een alternatief betalingssysteem of één buitenlands beleid blijft daarom veel moeilijker dan politieke toespraken soms doen vermoeden.
De verhouding tussen China en India wordt de belangrijkste test. Beide landen zijn demografische en economische zwaargewichten, maar delen ook een lange betwiste grens en een geschiedenis van militair wantrouwen. Diplomatieke gesprekken zijn de afgelopen periode intensiever geworden en beide landen hebben afgesproken te werken aan meer uitwisseling, herstel van directe vluchtverbindingen en betere contacten tussen bedrijven en instellingen. Die toezeggingen zijn betekenisvol, maar vormen nog geen bewijs dat de diepe strategische verschillen zijn verdwenen.
India wil tijdens zijn voorzitterschap de nadruk leggen op veerkracht, innovatie, samenwerking en duurzaamheid. Die agenda steunt op drie pijlers, politieke en veiligheidsdialoog, economische en financiële samenwerking en contacten tussen samenlevingen. Handelsministers hebben al gewerkt aan een economisch partnerschap tot 2030, ketens die minder kwetsbaar zijn voor geopolitieke schokken en betere toegang tot krediet voor kleine bedrijven.
Voor Suriname biedt BRICS kansen, maar alleen wanneer het land met een heldere eigen agenda aan tafel zit. Toegang tot markten, technologie, duurzame landbouwkennis, infrastructuurfinanciering en verwerking van grondstoffen kan waardevol zijn, zolang contracten transparant blijven, lokale ondernemers profiteren en samenwerking niet leidt tot nieuwe afhankelijkheid van grote staten of buitenlandse financiers.
De BRICS-top op 12 en 13 september in New Delhi zal daarom meer zijn dan een bijeenkomst van leiders die een grotere rol in de wereld eisen. Het wordt een toets voor de vraag of een blok met zoveel bevolking, kapitaal, grondstoffen en politieke ambitie ook in staat is om belangenverschillen te overbruggen en concrete oplossingen te leveren voor handel, voedsel, energie, digitale ontwikkeling en groei.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com