About
Mission
We connect journalism, community building and posting to feed society with reliable data and create equal development opportunities.
Vision
We are building a future where transparency, social cohesion and flexible talent combine to create impactful, data-driven decision-making.
About
De onderzoekers van Ko'W' Checking zijn professionals van het AgapeUnit-team die zich richten op onafhankelijke, data gedreven berichtgeving. Via onze eigen platform bieden wij de samenleving betrouwbare en feitelijk onderbouwde informatie, gebaseerd op zorgvuldig onderzoek en verificatie. Ko'W' Checking werkt met een eigen redactie en onderzoeksstructuur. Informatie wordt uitsluitend gepubliceerd na interne controle. Indien nodig corrigeren of brengen wij dieptegang in berichten afkomstig van andere nieuwsbronnen wanneer deze onjuist of onvolledig blijken te zijn. Wij bieden organisaties de mogelijkheid om advertenties en promotionele boodschappen te plaatsen op onze website en via onze sociale mediakanalen. Deze commerciële dienstverlening heeft geen invloed op onze redactionele onafhankelijkheid. Ongeacht de achtergrond of doelstellingen van een organisatie, blijven wij feitelijk en onafhankelijk rapporteren. Wij formuleren onze artikelen naar waarheid en zonder redactionele binding aan commerciële of politieke belangen. Transparantie en integriteit vormen hierbij de basis.

Guyana investeert in zonne-energie en elektrisch vervoer en laat zien dat technologische vooruitgang begint met kennis en uitvoering

De economische en technologische ontwikkeling van Guyana krijgt opnieuw een belangrijke impuls nu de regering samen met internationale ontwikkelingspartners een modern laadstation voor elektrische voertuigen in gebruik heeft genomen op de Turkeyen Campus van de University of Guyana, waarmee het land een volgende stap zet naar schoner transport, een efficiëntere energievoorziening en de ontwikkeling van gespecialiseerde technische kennis. De installatie, die op donderdag 5 november 2026 officieel werd geopend, beschikt over een laadvermogen van 60 kilowatt en wordt ondersteund door zonnepanelen met een gezamenlijk vermogen van 15 kilowatt, waardoor elektrische voertuigen gedeeltelijk met lokaal opgewekte zonne-energie kunnen worden opgeladen. Achter deze investering schuilt echter een veel belangrijkere ontwikkeling dan de opening van een nieuw laadstation, omdat Guyana de uitbreiding van zijn energie-infrastructuur rechtstreeks verbindt aan technische opleidingen, internationale financiering en de opbouw van nationale deskundigheid. Het initiatief maakt duidelijk dat een land zijn economische toekomst niet uitsluitend veiligstelt door nieuwe technologie aan te schaffen, maar vooral door eigen professionals op te leiden die dergelijke voorzieningen kunnen installeren, onderhouden en verder ontwikkelen. De investering is bijzonder betekenisvol voor een economie die de komende jaren aanzienlijke inkomsten uit de olieproductie verwacht, maar tegelijkertijd probeert te voorkomen dat de nationale ontwikkeling volledig afhankelijk wordt van fossiele brandstoffen.

De nieuwe laadvoorziening maakt onderdeel uit van de Low Carbon Development Strategy 2030, waarmee de Guyanese regering economische groei wil combineren met de uitbreiding van hernieuwbare energie, de bescherming van natuurlijke hulpbronnen en de modernisering van het nationale transportsysteem. De officiële ingebruikname vond plaats in aanwezigheid van premier Mark Phillips, vertegenwoordigers van de Guyana Energy Agency, de University of Guyana en internationale ontwikkelingsorganisaties die betrokken zijn bij de financiering en technische begeleiding. Het laadstation is ontworpen om twee elektrische voertuigen gelijktijdig van elektriciteit te voorzien en beschikt over een overkapping waarop zonnepanelen zijn geïnstalleerd. De opgewekte zonne-energie kan rechtstreeks worden gebruikt voor het opladen van voertuigen, terwijl overtollige elektriciteit via een regeling voor teruglevering beschikbaar wordt gesteld aan het netwerk van Guyana Power and Light. Daarmee wordt de installatie niet uitsluitend gebruikt als een afzonderlijk laadpunt, maar eveneens als een kleinschalige voorziening waarmee duurzame elektriciteitsopwekking en het bestaande openbare elektriciteitsnet met elkaar worden verbonden.

Een belangrijk technisch onderscheid is dat het laadstation een vermogen van 60 kilowatt heeft, terwijl de zonnepanelen gezamenlijk maximaal 15 kilowatt onder geschikte omstandigheden kunnen produceren. Dit betekent dat de installatie bij volledige belasting niet uitsluitend op zonne-energie kan functioneren en aanvullende elektriciteit uit het openbare netwerk nodig heeft om het maximale laadvermogen te bereiken. De voorziening moet daarom worden beschouwd als een laadstation dat door zonne-energie wordt ondersteund en op het elektriciteitsnet is aangesloten, in plaats van een volledig zelfstandig systeem dat onder alle omstandigheden uitsluitend op zonne-energie werkt. Dit onderscheid is belangrijk omdat bij de ontwikkeling van duurzame energieprojecten regelmatig onvoldoende aandacht wordt besteed aan het verschil tussen geïnstalleerd vermogen, werkelijke elektriciteitsproductie en de totale energievraag van gebruikers. De hoeveelheid elektriciteit die zonnepanelen dagelijks produceren, hangt bovendien af van zoninstraling, weersomstandigheden, technische verliezen en de beschikbare capaciteit van de installatie. Een betrouwbaar laadnetwerk vereist daarom niet alleen zonnepanelen en laadapparatuur, maar ook een stabiele elektriciteitsvoorziening die voldoende capaciteit heeft om voertuigen te bedienen wanneer de vraag groter is dan de beschikbare zonneproductie.

De financiële opzet van het project laat zien hoe internationale ontwikkelingsmiddelen kunnen worden gecombineerd met nationale investeringen om nieuwe technologie toegankelijker te maken. Via het Just Energy Transition Seed Funding initiatief werd een bijdrage van 250.000 Amerikaanse dollar beschikbaar gesteld uit het gezamenlijke fonds voor duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties. De Guyanese overheid stelde daarnaast ongeveer 16,2 miljoen Guyanese dollar beschikbaar, overeenkomend met circa 77.642 Amerikaanse dollar, waardoor de gecombineerde financiering voor het bredere initiatief uitkwam op ongeveer 327.642 Amerikaanse dollar. Het is belangrijk dat dit bedrag niet wordt beschouwd als uitsluitend de aanschafprijs van het laadstation op de universiteitscampus, aangezien de middelen betrekking hebben op een uitgebreider programma waarin meerdere laadvoorzieningen en technische opleidingen zijn opgenomen. De investering laat daarmee zien dat internationale samenwerking vooral waardevol wordt wanneer financiële ondersteuning niet beperkt blijft tot het plaatsen van apparatuur, maar eveneens wordt gebruikt om instellingen en medewerkers voor te bereiden op het langdurige beheer van nieuwe technologie.

Het nationale programma voorziet in vier laadstations die worden ondersteund door zonne-energie, waarbij de voorzieningen op verschillende locaties worden gekoppeld aan technische opleidingen en praktische demonstraties. Naast de installatie op de universiteitscampus worden faciliteiten ontwikkeld bij het Mahaicony Technical and Vocational Training Centre en de Linden Electricity Company, terwijl de vierde voorziening bij het Board of Industrial Training in Tuschen, Regio Drie, wordt voorbereid. Deze spreiding is economisch relevant omdat een land dat elektrisch vervoer wil stimuleren niet uitsluitend laadmogelijkheden moet aanbieden in de hoofdstad, maar eveneens rekening moet houden met regionale verbindingen en de beschikbaarheid van technische ondersteuning buiten de belangrijkste stedelijke gebieden. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat de aanwezigheid van enkele nieuwe laadstations wordt gepresenteerd als bewijs dat het nationale transportsysteem al volledig is voorbereid op grootschalig elektrisch vervoer. De werkelijke overgang vereist een betrouwbaar netwerk van voorzieningen, voldoende onderhoudscapaciteit, betaalbare voertuigen en een energievoorziening die kan meegroeien met de toekomstige vraag.

De toenemende belangstelling voor elektrische voertuigen in Guyana maakt deze uitbreiding steeds belangrijker, omdat volgens gegevens van de Guyana Energy Agency tegen eind oktober 2026 meer dan 1.090 elektrische voertuigen waren geïmporteerd. De vraag naar publieke laadvoorzieningen neemt eveneens toe, waarbij het aantal geregistreerde laadsessies binnen het nationale netwerk steeg van 231 in januari naar meer dan duizend in oktober. Deze ontwikkeling maakt duidelijk dat elektrisch vervoer niet langer uitsluitend een experimentele toepassing is voor een kleine groep technologiegebruikers, maar geleidelijk onderdeel wordt van de nationale transportmarkt. De nieuwe installatie op de Turkeyen Campus had zelfs vóór de officiële opening al meer dan tweehonderd laadsessies verwerkt, wat erop wijst dat er daadwerkelijk gebruik wordt gemaakt van de beschikbare infrastructuur. Het succes van de verdere uitbreiding zal echter afhangen van de toegankelijkheid van laadpunten, de kosten per kilowattuur en de mate waarin autobezitters erop kunnen vertrouwen dat hun voertuigen onderweg voldoende energie kunnen krijgen. Zonder dat vertrouwen kan de belangstelling voor elektrisch vervoer achterblijven, zelfs wanneer de aanschafprijs van voertuigen aantrekkelijker wordt.

De grootste economische waarde van het project ligt mogelijk niet bij de laadapparatuur zelf, maar bij de opleiding van 22 gespecialiseerde technische trainers die kennis hebben opgedaan over zonnepanelen, elektrische voertuigen en het beheer van laadinfrastructuur. In totaal namen 24 personen uit zes Guyanese regio’s deel aan een gespecialiseerd opleidingsprogramma, waarvan 22 de kwalificatie van mastertrainer behaalden. Zij kunnen een belangrijke rol spelen bij het overdragen van technische vaardigheden aan toekomstige monteurs, installateurs en andere professionals die nodig zijn om de groeiende markt voor elektrisch vervoer te ondersteunen. De opleiding omvatte onder meer de installatie van fotovoltaïsche systemen, technische veiligheid, laadtechnologie en onderhoud aan elektrische voertuigen. Deze combinatie is essentieel omdat de komst van nieuwe technologie niet automatisch betekent dat een land beschikt over voldoende deskundigen om storingen te verhelpen, systemen veilig te beheren en nieuwe installaties zelfstandig uit te voeren. Door te investeren in trainers ontstaat bovendien een vermenigvuldigingseffect, aangezien één opgeleide professional gedurende meerdere jaren kennis kan overdragen aan nieuwe groepen studenten en technici.

De aanpak kreeg tijdens de opening extra aandacht doordat Mahender Sharma, directeur van de Guyana Energy Agency, benadrukte dat een belangrijk deel van de installatiewerkzaamheden door eigen medewerkers en vrijwilligers werd uitgevoerd. De betrokken organisaties kozen ervoor om de plaatsing van de zonnepanelen niet volledig uit te besteden aan externe ondernemingen, maar de uitvoering tegelijkertijd te gebruiken als praktische leeromgeving voor medewerkers en studenten. Deze beslissing is van groot belang voor de ontwikkeling van nationale technische capaciteit, omdat theoretische opleidingen alleen onvoldoende zijn wanneer studenten geen ervaring opdoen met werkelijke installaties, veiligheidsprocedures en onderhoudswerkzaamheden. Het zelf uitvoeren van dergelijke projecten kan daarnaast bijdragen aan lagere kosten en een beter begrip van de gebruikte technologie, mits de werkzaamheden plaatsvinden onder deskundige begeleiding en volgens de geldende technische normen. Guyana probeert daarmee te voorkomen dat het bij iedere uitbreiding van zijn duurzame energievoorziening opnieuw volledig afhankelijk wordt van buitenlandse installateurs en technische consultants.

De betrokkenheid van de University of Guyana maakt het project eveneens bijzonder interessant, omdat de universiteitscampus niet uitsluitend dient als locatie voor een publieke laadvoorziening, maar ook als omgeving waarin studenten rechtstreeks kunnen kennismaken met de praktische toepassing van nieuwe energietechnologie. Onderwijsinstellingen kunnen een belangrijke rol spelen bij het onderzoeken van de prestaties van zonnepanelen, het analyseren van elektriciteitsverbruik en het ontwikkelen van verbeteringen waarmee laadvoorzieningen efficiënter kunnen functioneren. Studenten krijgen hierdoor de mogelijkheid om de theorie van elektrotechniek, energiebeheer en duurzame mobiliteit te verbinden aan meetbare resultaten uit de praktijk. De samenwerking tussen overheid, universiteit en internationale ontwikkelingspartners kan bovendien bijdragen aan onderzoeksprogramma’s waarmee de economische haalbaarheid van elektrisch vervoer onder lokale omstandigheden wordt beoordeeld. De werkelijke kosten en voordelen van elektrische voertuigen hangen immers af van factoren zoals elektriciteitstarieven, brandstofprijzen, onderhoud, batterijprestaties en de kwaliteit van de nationale infrastructuur.

De energietransitie in Guyana kent daarnaast een interessante economische tegenstelling, omdat het land zich tegelijkertijd ontwikkelt tot een belangrijke producent van aardolie en investeert in technologie die het binnenlandse gebruik van fossiele transportbrandstoffen kan verminderen. Deze twee ontwikkelingen hoeven elkaar niet noodzakelijk uit te sluiten, maar vragen wel om een duidelijke nationale strategie waarin inkomsten uit bestaande grondstoffenactiviteiten worden gebruikt om nieuwe economische mogelijkheden te ontwikkelen. Een land dat beschikt over aanzienlijke olieopbrengsten kan ervoor kiezen zijn welvaart vooral te besteden aan consumptie en traditionele infrastructuur, maar kan deze middelen eveneens inzetten voor technische opleidingen, duurzame energie, digitale dienstverlening en industriële activiteiten die op langere termijn minder afhankelijk zijn van grondstoffenprijzen. Guyana lijkt met het programma voor elektrisch vervoer te erkennen dat economische diversificatie niet vanzelf ontstaat wanneer de staatsinkomsten groeien, maar het resultaat moet zijn van gerichte investeringen in kennis en infrastructuur. De uiteindelijke waarde van deze aanpak zal worden bepaald door de mate waarin duurzame projecten financieel houdbaar blijven en daadwerkelijk bijdragen aan lagere operationele kosten en nieuwe werkgelegenheid.

De uitbreiding van elektrische mobiliteit vraagt bovendien om een realistische beoordeling van de technische en financiële voorwaarden, omdat de aanschaf van elektrische voertuigen slechts één onderdeel vormt van een veel grotere economische verandering. De nationale elektriciteitsvoorziening moet voldoende betrouwbaar zijn om groeiende laadbehoeften op te vangen, terwijl monteurs en hulpdiensten moeten worden voorbereid op de specifieke veiligheidsrisico’s van hoogspanningssystemen en voertuigbatterijen. Ook de beschikbaarheid van reserveonderdelen, geschikte diagnoseapparatuur en veilige procedures voor het behandelen van beschadigde batterijen verdient aandacht. Wanneer deze voorwaarden onvoldoende zijn ontwikkeld, kan de uitbreiding van elektrische voertuigen nieuwe afhankelijkheden en onderhoudsproblemen veroorzaken. De overgang naar schoner vervoer moet daarom niet worden beoordeeld op basis van het aantal ingevoerde voertuigen of de hoeveelheid geplaatste laadstations, maar vooral op de kwaliteit van het volledige systeem dat nodig is om deze voertuigen gedurende hun economische levensduur betrouwbaar te gebruiken.

Voor Suriname biedt deze ontwikkeling een bijzonder bruikbaar voorbeeld van de manier waarop relatief gerichte investeringen kunnen worden verbonden aan technische opleidingen en de verdere modernisering van de nationale energievoorziening. De verwachte start van grootschalige offshore olieproductie in 2028 biedt mogelijkheden om nieuwe financiële middelen beschikbaar te maken voor infrastructuur en onderwijs, maar het is belangrijk dat dergelijke investeringen niet uitsluitend worden gericht op grote projecten die afhankelijk blijven van buitenlandse deskundigheid. Een programma waarin de Anton de Kom Universiteit, NATIN, technische opleidingsinstituten, EBS en particuliere ondernemingen samenwerken aan kleinschalige zonneparken en laadvoorzieningen zou kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van nationale kennis en nieuwe commerciële activiteiten. Daarbij moet vooraf zorgvuldig worden onderzocht welke locaties technisch geschikt zijn, hoeveel elektriciteit beschikbaar is en onder welke voorwaarden investeringen economisch verantwoord kunnen worden uitgevoerd. De grootste meerwaarde ontstaat wanneer studenten en technici niet alleen leren hoe apparatuur functioneert, maar ook betrokken worden bij de installatie, het onderhoud en het verbeteren van de systemen. Suriname beschikt over voldoende mogelijkheden om internationale samenwerking te benutten voor de ontwikkeling van duurzame technologie, maar moet voorkomen dat financiële ondersteuning voornamelijk wordt besteed aan apparatuur die na oplevering onvoldoende lokaal kan worden onderhouden.

De officiële ingebruikname van het laadstation op de Turkeyen Campus bevestigt uiteindelijk dat technologische ontwikkeling niet noodzakelijk begint met omvangrijke nationale projecten of miljardeninvesteringen, maar ook kan ontstaan vanuit een goed georganiseerd programma waarin financiering, technische kennis en praktische uitvoering elkaar versterken. Guyana heeft met de combinatie van vier geplande zonneondersteunde laadvoorzieningen, internationale samenwerking en de opleiding van 22 mastertrainers een belangrijke stap gezet naar de ontwikkeling van eigen deskundigheid op het gebied van elektrische mobiliteit. De verdere economische betekenis zal afhangen van de betrouwbaarheid van de laadstations, de groei van het aantal gebruikers en de mate waarin de opgeleide professionals hun kennis kunnen doorgeven aan nieuwe generaties technici. De investering toont tegelijkertijd aan dat een land zijn toekomstige welvaart niet uitsluitend hoeft te verbinden aan de productie van grondstoffen, maar bestaande economische mogelijkheden kan benutten om nieuwe technologieën en vaardigheden te ontwikkelen. De werkelijke vooruitgang van een samenleving wordt immers niet alleen bepaald door de hoeveelheid financiële middelen die beschikbaar komt of de moderne apparatuur die wordt aangeschaft, maar vooral door het vermogen van eigen instellingen en professionals om die middelen om te zetten in duurzame kennis, betrouwbare voorzieningen en economische mogelijkheden waarvan de bevolking gedurende vele jaren kan profiteren.

Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com

Total
0
Shares
Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Related Posts
Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag Agape Unit Surinaamse vlag