De bestaande werkwijze voor import en vergunningaanvragen blijft tot en met 31 oktober 2026 van kracht. Vanaf 1 november moet de overgang naar de aangepaste procedures plaatsvinden. Het uitstel geeft ondernemers meer tijd, maar legt tegelijkertijd een dieper probleem zichtbaar, de gewijzigde regels zijn kennelijk nog onvoldoende uitgewerkt om zonder risico in de praktijk te worden ingevoerd. De Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB) heeft de afgelopen periode intensief overleg gevoerd met het ministerie van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie (EZOTI) over de uitvoering van het gewijzigde Besluit Negatieve Lijst. Daarbij zijn door ondernemers verschillende knelpunten naar voren gebracht. Het feit dat voor de invoering extra tijd nodig is om deze problemen op te lossen, maakt duidelijk dat regelgeving op papier nog geen werkbare procedure in de praktijk oplevert. Voor ondernemers is dat geen detail. Importprocedures raken rechtstreeks aan bestellingen, verschepingen, voorraadbeheer en financiële planning. Wanneer pas na het plaatsen van een bestelling of het verschepen van goederen duidelijk wordt welke documenten of vergunningen noodzakelijk zijn, kan een administratief probleem snel uitgroeien tot vertraging en extra kosten. De VSB benadrukt daarom het belang van tijdige en duidelijke informatie. Bedrijven moeten vooraf kunnen vaststellen aan welke voorwaarden zij moeten voldoen.
Dat is in het bijzonder van belang voor kleinere ondernemingen, die niet altijd beschikken over een eigen inklaringsdeskundige of gespecialiseerde medewerker die voortdurend op de hoogte is van wijzigingen in regelgeving. Juist daar wringt de overgang naar de nieuwe procedures. Het ministerie voorziet weliswaar informatiesessies voor het bedrijfsleven, maar informatie achteraf is iets anders dan een voorspelbaar systeem waarin ondernemers vooraf precies kunnen bepalen welke stappen zij moeten zetten. Goede regelgeving vereist niet alleen duidelijke regels, maar ook een uitvoering die voor gebruikers begrijpelijk, toegankelijk en consistent is. Een ander knelpunt ligt bij de praktische samenwerking tussen overheidsdiensten. EZOTI voert afzonderlijk overleg met onder meer de Douane over technische en praktische problemen. Een belangrijk onderdeel daarvan is het gebruik van de juiste HS-codes voor goederen. Die codes zijn essentieel voor de classificatie van goederen en daarmee voor de verdere afhandeling van importen. Dat hierover nog overleg nodig is, onderstreept hoe kwetsbaar een systeem wordt wanneer verschillende instanties en digitale processen niet volledig op elkaar aansluiten. Ondernemers kunnen uiteindelijk moeilijk verantwoordelijk worden gehouden voor vertragingen of fouten die voortkomen uit onduidelijkheid tussen overheidsinstanties. Voorlopig kunnen bedrijven hun aanvragen nog volgens de bestaande procedure indienen. Ook het Suriname Electronic Single Window (SESW) blijft daarbij een belangrijk kanaal. Volgens de VSB is de wijze waarop aanvragen worden ingediend van invloed op de manier waarop informatie en meldingen bij de Douane terechtkomen.
Daarmee wordt duidelijk dat de overgang niet uitsluitend een administratieve wijziging is, maar ook gevolgen heeft voor de digitale verwerking en controle van importaanvragen. De VSB ondersteunt correcte naleving van de regels. Die positie is logisch, voorspelbare regelgeving en naleving zijn noodzakelijk voor een ordelijke handelsomgeving. Maar naleving kan niet los worden gezien van rechtszekerheid. Ondernemers moeten kunnen vertrouwen op procedures die vooraf duidelijk zijn en die niet voortdurend veranderen terwijl goederen al onderweg zijn. Eerder is met EZOTI afgesproken dat de bestaande vergunningprocedures verder in kaart worden gebracht en dat andere overheidsinstanties en het bedrijfsleven bij de verdere uitwerking worden betrokken. Die aanpak kan helpen om de kloof tussen beleidsvorming en dagelijkse uitvoering te verkleinen. Het uitstel tot 1 november biedt daarvoor ruimte. Maar die extra maand mag niet eindigen in opnieuw een overgangsprobleem. Als de overheid ondernemers daadwerkelijk zekerheid wil bieden, moeten de nieuwe procedures vóór de invoering helder, uitvoerbaar en onderling afgestemd zijn. Anders dreigt een wijziging die bedoeld is om het importproces te verbeteren, juist nieuwe administratieve onzekerheid en vertraging te veroorzaken. Voor het bedrijfsleven gaat het uiteindelijk niet alleen om het naleven van nieuwe regels. Het gaat om de zekerheid dat die regels op tijd bekend zijn, dat overheidsinstanties ze op dezelfde manier toepassen en dat ondernemers hun bedrijfsvoering daarop kunnen baseren. Zonder die voorspelbaarheid blijft iedere nieuwe procedure een risico voor degene die haar in de praktijk moet uitvoeren.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com