Vierentwintig deelnemers hebben in Lelydorp de basispluimveetraining van het directoraat Veeteelt van het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) succesvol afgerond. Met de uitreiking van certificaten onderstreept het ministerie opnieuw zijn inzet voor de ontwikkeling van de pluimveesector en de nationale voedselproductie. Toch rijst de vraag in hoeverre dergelijke trainingen daadwerkelijk bijdragen aan een structurele versterking van de sector, die al jaren kampt met uiteenlopende uitdagingen. De groep bestond uit tien vrouwen en veertien mannen, variërend van actieve pluimveehouders tot starters, voormalige kwekers en personen die zich na de training op de pluimveehouderij willen toeleggen. Volgens ressortverantwoordelijke Veeteelt Shaiz Soekhoe zorgde deze diversiteit voor een levendige uitwisseling van praktijkervaringen en nieuwe inzichten. De deelnemers brachten elk hun eigen ervaringen en uitdagingen mee, waardoor tijdens de bijeenkomsten niet alleen theorie werd behandeld, maar ook praktische oplossingen werden besproken voor problemen waarmee pluimveehouders dagelijks worden geconfronteerd.
Tijdens de opleiding kregen de deelnemers les in onder meer huisvesting, voeding, verzorging, anatomie van pluimvee en bedrijfsadministratie. Volgens de deelnemers biedt de training een stevige basis om de productie te verbeteren, verliezen te beperken en beter voorbereid te zijn op het ondernemerschap binnen de agrarische sector. Het ministerie stelt dat de trainingen bijdragen aan de professionalisering van de sector, de versterking van de voedselzekerheid en de duurzame ontwikkeling van de nationale landbouw. De overheid benadrukt dat goed opgeleide pluimveehouders uiteindelijk moeten bijdragen aan een grotere lokale productie, waardoor Suriname minder afhankelijk wordt van de import van pluimveeproducten. De praktijk leert echter dat kennis slechts één onderdeel vormt van een veel groter vraagstuk. Pluimveehouders worden al geruime tijd geconfronteerd met hoge kosten voor veevoer, beperkte toegang tot financiering, stijgende productiekosten en onzekerheden rond de afzet van hun producten. Ook schommelingen in de prijzen van grondstoffen en de afhankelijkheid van geïmporteerde productiemiddelen drukken zwaar op de winstgevendheid van veel bedrijven.
Zonder een samenhangend beleid dat ook deze knelpunten aanpakt, dreigt de impact van dergelijke trainingen beperkt te blijven. Deskundigen wijzen erop dat scholing vooral effect heeft wanneer deze wordt ondersteund door betaalbare kredietmogelijkheden, een stabiel investeringsklimaat en een beleid dat lokale producenten daadwerkelijk in staat stelt te concurreren. Anders bestaat het risico dat de opgedane kennis in de praktijk onvoldoende kan worden benut. Hoewel de opleiding deelnemers onmiskenbaar nieuwe vaardigheden en inzichten biedt, zal de werkelijke meerwaarde pas zichtbaar worden wanneer deze kennis kan worden omgezet in rendabele bedrijven. Dat vereist niet alleen goed opgeleide ondernemers, maar ook een stabiele markt, betaalbare productiemiddelen en een consistente ondersteuning vanuit de overheid. Pas wanneer opleiding en beleidsmaatregelen hand in hand gaan, kan de pluimveesector uitgroeien tot een sterke pijler onder de Surinaamse voedselvoorziening en economie. Met het voortzetten van deze praktijkgerichte opleidingen zet LVV een stap richting capaciteitsopbouw binnen de sector. De uitdaging blijft echter om die investering in kennis te laten aansluiten op de economische realiteit waarmee Surinaamse pluimveehouders dagelijks worden geconfronteerd.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com