Het aanhoudende afvalprobleem rond Ston Oso legt opnieuw een pijnlijke realiteit bloot in Paramaribo, structureel falend beheer, gebrekkige handhaving en een samenleving die worstelt met haar eigen verantwoordelijkheid. Al ruim een week is het directoraat Openbaar Groen en Afvalbeheer (OGA) bezig met opruimwerkzaamheden bij het monumentale pand, waar zich in de loop der tijd een aanzienlijke hoeveelheid illegaal gedumpt vuil heeft opgehoopt. De situatie is echter allesbehalve nieuw. Integendeel, het lijkt eerder een symptoom van een dieperliggend probleem dat zich al jaren voortsleept. Volgens OGA-directeur Anwar Moenne wordt het afval vermoedelijk gedumpt door zwervers, al kan hij niet met zekerheid vaststellen wie precies verantwoordelijk is. Die onzekerheid is tekenend, zonder duidelijke daders blijft effectieve handhaving uit en blijft het probleem zich herhalen. Tegelijkertijd klinkt er vanuit het directoraat een ferme waarschuwing dat de verantwoordelijken aangepakt zullen worden. Dat klinkt daadkrachtig, maar roept ook vragen op over de praktische uitvoerbaarheid ervan. Hoe pak je een probleem aan waarvan de daders niet concreet in beeld zijn?
Het directoraat benadrukt dat het zijn werk doet en zelfs samenwerkt met gedetineerden om de stad schoon te houden. Dat wijst op inzet en creativiteit binnen beperkte middelen, maar het roept ook op, waarom blijft een locatie als Ston Oso keer op keer vervuilen ondanks herhaaldelijke schoonmaakacties? Het antwoord lijkt te liggen in het ontbreken van duurzame oplossingen. Opruimen zonder preventie is dweilen met de kraan open. Voor ondernemers in de directe omgeving, zoals de naastgelegen lederwaren en schoenenwinkel, is de situatie al lang onhoudbaar. Operations director Patrick Liesdek schetst een beeld van jarenlange overlast, waarin verschillende instanties hebben geprobeerd het probleem onder controle te krijgen, zonder blijvend resultaat. Zijn constatering dat er sprake is van symptoombestrijding raakt de kern van het probleem. Zolang de oorzaken, zoals sociale problematiek, gebrek aan toezicht en mogelijk falend stedelijk beleid, niet worden aangepakt, zal het vuil blijven terugkeren.
De aanwezigheid van zwervers en afval creëert bovendien een gevoel van onveiligheid en verloedering, wat het imago van de binnenstad verder aantast. Ston Oso is meer dan een vervallen gebouw, het is een stukje erfgoed dat symbool staat voor geschiedenis en identiteit. Dat juist zo’n plek ten prooi valt aan vervuiling, maakt de situatie des te schrijnender. Opvallend is ook de morele oproep van directeur Moenne aan de samenleving om de omgeving schoon te houden, gekoppeld aan een bijna spirituele redenering over zegen en pech. Hoewel deze boodschap appelleert aan individuele verantwoordelijkheid, kan men zich afvragen of dit voldoende is. De samenleving moet zelf haar omgeving onderhouden. Die uitspraak bevat een kern van waarheid, maar schuift ook een deel van de verantwoordelijkheid weg van de overheid. In werkelijkheid ligt de oplossing waarschijnlijk in een combinatie van beide: burgers die bewuster omgaan met hun leefomgeving én een overheid die zorgt voor handhaving, infrastructuur en sociale ondersteuning. Zolang de aanpak zich blijft beperken tot opruimen achteraf, zonder duidelijke strategie voor preventie en handhaving, zal de geschiedenis zich blijven herhalen. En daarmee blijft niet alleen het afval terugkomen, maar ook de frustratie van iedereen die dagelijks met de gevolgen moet leven.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com.