Een krachtige El Niño kan tegen het einde van volgend jaar bijna 49 miljoen extra mensen in acute voedselonzekerheid duwen, waardoor het aantal mensen dat in crisis of erger terechtkomt in 45 kwetsbare landen kan oplopen tot 274 miljoen. Achter die cijfers schuilt geen ver verwijderde klimaatwaarschuwing, maar een dreigende kettingreactie van droogte, mislukte oogsten, lagere inkomens, duurdere markten en gezinnen die steeds minder kunnen kopen. De vraag is niet of het weer verandert, maar of regeringen en hulporganisaties snel genoeg handelen voordat de eerste oogsten uitvallen.
El Niño is de opwarming van delen van de tropische Stille Oceaan die weerspatronen wereldwijd kan verstoren. De huidige ontwikkeling kan volgens de prognoses uitzonderlijk zwaar worden, met een kans van 81 procent op een zeer krachtige gebeurtenis en zeewatertemperaturen die hoger liggen dan in tientallen jaren zijn gemeten. Een krachtig El Niño patroon betekent niet dat ieder land dezelfde ramp tegemoet gaat, maar wel dat regio’s die al kwetsbaar zijn voor droogte, overstromingen, conflicten of hoge voedselprijzen tegelijk een extra schok kunnen krijgen.
Centraal Amerika en Zuidelijk Afrika dreigen het hardst te worden geraakt. In Centraal Amerika kan het aantal mensen met acute voedselonzekerheid met 83 procent toenemen, terwijl Zuidelijk Afrika een stijging van bijna 75 procent tegemoet kan gaan. Zuidelijk Afrika, Zuid Amerika en het Caribisch gebied kunnen elk meer dan 12 miljoen extra mensen in acute voedselonzekerheid zien belanden. Regenvaltekorten worden verwacht in delen van Oost Afrika, de Sahel, Centraal Amerika en het Caribisch gebied, terwijl Somalië en omliggende gebieden juist met grotere overstromingsrisico’s te maken kunnen krijgen. In Zuid en Zuidoost Azië kunnen zwakke moessons, droogte en plaatselijke wateroverlast de landbouwproductie tegelijk ontregelen.
De wereldmarkt voor voedsel begint deze periode op het eerste gezicht vanuit een betere positie dan bij eerdere klimaatschokken, mede door behoorlijke oogsten in 2025. Dat biedt echter weinig garantie voor gezinnen die voedsel kopen in gebieden met beperkte productie en zwakke koopkracht. Een conflict in het Midden Oosten, hogere energiekosten, dure kunstmest, langere transportlijnen en nieuwe oogstverliezen kunnen regionale voedselprijzen alsnog omhoogduwen. Grote wereldwijde prijsstijgingen zijn niet onvermijdelijk, maar een lokale markt hoeft niet wereldwijd te ontploffen om een gezin zonder inkomen van voedsel af te snijden.
De gevaarlijkste ontwikkeling is dat de wereld minder zicht krijgt op de crisis terwijl zij dichterbij komt. Het Wereldvoedselprogramma voerde in 2024 ongeveer 1,1 miljoen huishoudonderzoeken uit, maar dat aantal daalde in 2025 naar ongeveer 800.000 en is dit jaar door financieringsbeperkingen verder teruggelopen. Minder gegevens betekenen dat droogte, honger en prijsdruk later worden herkend, waardoor hulp vaak pas arriveert wanneer gezinnen hun spaargeld hebben opgebruikt, schulden hebben gemaakt of maaltijden zijn gaan overslaan. Een gebrek aan informatie is in zo’n situatie niet administratief ongemak, maar een extra risico voor mensenlevens.
Het Wereldvoedselprogramma heeft in achttien landen al vooruitlopende steunprogramma’s opgeschaald en bereikte dit jaar meer dan 1,3 miljoen mensen met geldhulp en andere vormen van bescherming voordat extreem weer de schade volledig kan aanrichten. Die aanpak verdient meer aandacht dan noodhulp achteraf, omdat zaden, contant geld, wateropslag, veevoer, lokale voedselvoorraden en tijdige waarschuwingen veel goedkoper zijn dan een grootschalige humanitaire operatie nadat een landbouwseizoen verloren is gegaan. De onzekerheid in weersvoorspellingen blijft bestaan, maar onzekerheid is geen reden om niets te doen wanneer de gevolgen van te laat handelen voorspelbaar zijn.
De Surinaamse regering moet deze waarschuwing serieus nemen, omdat een droger of grilliger Caribisch seizoen niet alleen gevolgen heeft voor landbouwers. Waterbeschikbaarheid, binnenlandse voedselproductie, riviertransport, prijzen op markten en de inkomsten van kwetsbare gezinnen kunnen onder druk komen te staan. Investeren in weergegevens, irrigatie, zaden die beter bestand zijn tegen droogte, lokale opslag en snelle sociale steun geeft het land meer bescherming dan wachten totdat de prijzen al zijn gestegen en de schade niet meer kan worden teruggedraaid.
El Niño wordt vaak behandeld als een terugkerend natuurverschijnsel, maar honger is nooit alleen een gevolg van het weer. Honger ontstaat wanneer droogte een samenleving treft die te weinig reserves, te weinig informatie en te weinig bescherming heeft opgebouwd om een slechte oogst te overleven.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com