De Centrale Bank van Suriname (CBvS) kan met een gerust hart uitzien naar de komende jaren na de recente aanpassing van de zittingstermijn van governor Maurice Roemer. Waar zijn herbenoeming in Februari 2025 aanvankelijk voor slechts één jaar gold en daarmee niet voldeed aan de artikelen 28 en 29 van de Bankwet, is die termijn op 11 Juli 2025 formeel omgezet naar de wettelijk voorgeschreven zeven jaar, tot 2032.
Aftredend president Chan Santokhi benadrukte tijdens een gezamenlijke bespreking met president-elect Jennifer Geerlings-Simons dat de corrigenda noodzakelijk was om alle handelingen van de gouverneur onomstotelijk rechtsgeldig te maken. Door de verlenging ontstaat er toekomstbestendigheid in het financieel-economisch beleid en blijft het leiderschap van de CBvS ononderbroken gewaarborgd, aldus Santokhi.
De wijziging vloeit voort uit de nieuwe Bankwet van 2022, waarin de termijn van vijf naar zeven jaar is verruimd om te voorkomen dat de ambtstermijn van de governor samenviel met de politieke cyclus van een kabinet. Dankzij de snelle juridische correctie lopen alle besluiten en beleidsacties die sinds Februari 2025 door Roemer zijn genomen, geen enkel risico op ongeldigverklaring.
In de transitiegesprekken tussen het team van president Santokhi en het aankomende kabinet onder leiding van president Geerlings-Simons is unaniem vastgesteld dat de Bankwet te allen tijde leidend is. Tevens is afgesproken dat de Nationale Partij Suriname (NPS) inspraak houdt in de procedure voor een toekomstige gouverneursbenoeming, waarin de geldende wet- en regelgeving volledig wordt gerespecteerd.
Met deze heldere en rechtlijnige aanpak onderstreept Suriname zijn toewijding aan goed bestuur en versterkt het vertrouwen in de onafhankelijkheid en continuïteit van de Centrale Bank. De periode tot 2032 wordt daarmee een solide basis voor duurzame economische groei en vertrouwen in het monetaire stelsel.