Wat zich dagelijks afspeelt bij de aanmeersteigers van Papatam in Albina, lijkt op het eerste gezicht een levendige economische hotspot. Bootsman na bootsman meert aan, reizigers stappen af en overal klinkt geroep van verkopers die eten, drank en groenten aanbieden. Maar achter deze bedrijvigheid schuilt een zorgwekkende realiteit, een groeiende informele economie die nauwelijks wordt gecontroleerd en serieuze risico’s met zich meebrengt. Een recente controle van de bestuursdienst van Marowijne Noord-Oost legt die problematiek bloot. Bij de aanmeersteiger van Trans America werden ongeveer tien verkopers aangetroffen die zonder de vereiste vergunningen opereerden. Wat nog alarmerender is, zijn de omstandigheden waaronder voedsel wordt bereid en verkocht. Bij één van de eetstandhouders troffen inspecteurs een ronduit onhygiënische situatie aan.
Bevroren voedsel werd opgeslagen samen met drank in een diepvries zonder duidelijke scheiding. In dezelfde ruimte hing een waslijn met baddoeken en ondergoed, een beeld dat niet alleen vragen oproept over hygiëne, maar ook over basiskennis van voedselveiligheid. De situatie was zo ernstig dat de stand direct ontruimd moest worden. Toch lijkt dit geen incident, maar eerder een symptoom van een groter probleem. Langs de oevers van de Marowijnerivier, bij Papatam, opereren tal van kleine verkopers die inspelen op de constante stroom van reizigers richting het binnenland. Zonder vergunningen en zonder voedselveiligheidskeuringen bieden zij maaltijden aan die potentieel gevaarlijk kunnen zijn voor de gezondheid van consumenten. De aantrekkingskracht van deze informele handel is begrijpelijk. Voor veel verkopers is het een manier om snel inkomen te genereren in een regio waar economische kansen beperkt zijn. Maar die realiteit botst met de verantwoordelijkheid van de overheid om de volksgezondheid en orde te waarborgen. Een ander aspect dat niet genegeerd kan worden, is de rol van de handelszaken zelf.
De zogenaamde hosselaars opereren vaak op of rondom het terrein van deze bedrijven. Daarmee rijst de vraag in hoeverre de eigenaren van deze handelszaken medeverantwoordelijk zijn voor de illegale activiteiten die op hun grond plaatsvinden. Wegkijken is geen neutrale houding meer wanneer de gevolgen zichtbaar worden in vervuiling en gezondheidsrisico’s. En die vervuiling is inmiddels een probleem op zich geworden. Door de intensieve handelsactiviteiten stapelt afval zich op rond de steigers en handelszaken. Zonder structurele aanpak dreigt het gebied niet alleen economisch, maar ook ecologisch te ontsporen. De overheid heeft inmiddels de eerste stappen gezet door verkopers aan te manen zich te melden bij de districtscommissaris. Zonder consistente handhaving en duidelijke alternatieven voor deze groep ondernemers, dreigt de informele economie zich verder te verdiepen. Papatam staat daarmee symbool voor een bredere uitdaging, hoe balanceer je economische overleving met regelgeving en veiligheid? Zolang daar geen helder antwoord op komt, zal de schaduwhandel langs de Marowijnerivier blijven groeien, met alle risico’s van dien.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com.