De internationale wedloop om kunstmatige intelligentie wordt steeds nadrukkelijker bepaald door de beschikbaarheid van elektriciteit, nu Amerikaanse technologiebedrijven miljarden investeren in eigen energievoorzieningen om te voorkomen dat hun datacenters jarenlang moeten wachten op aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. Volgens onderzoeksbureau Rystad Energy kunnen de jaarlijkse investeringen in brandstofcellen voor datacenters stijgen van 2,8 miljard Amerikaanse dollar in 2025 naar ongeveer 30 miljard dollar in 2030, een groei van bijna 971 procent binnen vijf jaar. Deze ontwikkeling toont aan dat de snelle uitbreiding van kunstmatige intelligentie niet uitsluitend afhankelijk is van geavanceerde computerchips en software, maar vooral van de fysieke infrastructuur die nodig is om omvangrijke rekensystemen continu operationeel te houden. Grote technologiebedrijven zoeken daarom naar mogelijkheden om zelf elektriciteit op te wekken en hun afhankelijkheid van overbelaste nationale elektriciteitsnetwerken te verminderen. Daarmee ontstaat een nieuwe internationale energiemarkt waarin producenten van brandstofcellen, aardgasleveranciers en ontwikkelaars van gespecialiseerde energiesystemen rechtstreeks profiteren van de toenemende vraag naar kunstmatige intelligentie.
Het grootste probleem voor ontwikkelaars van datacenters ligt bij de lange wachttijden voor nieuwe elektriciteitsaansluitingen, die in de Verenigde Staten volgens Rystad Energy kunnen oplopen tot drie tot zes jaar. Voor technologiebedrijven die miljarden investeren in computerapparatuur vertegenwoordigt iedere vertraging een aanzienlijk economisch risico, omdat kostbare installaties pas inkomsten kunnen genereren wanneer voldoende elektriciteit beschikbaar is. Brandstofcellen bieden hiervoor een alternatief doordat zij elektriciteit produceren via een elektrochemisch proces waarin de chemische energie van brandstoffen rechtstreeks wordt omgezet in elektrische energie. Anders dan traditionele gascentrales gebruiken deze systemen geen conventionele verbranding om mechanische turbines aan te drijven, waardoor de lokale uitstoot van bepaalde luchtverontreinigende stoffen lager kan uitvallen. De technologie kan functioneren op verschillende brandstoffen, waaronder aardgas en waterstof, afhankelijk van het gebruikte systeem. Vooral de mogelijkheid om elektriciteit rechtstreeks op het terrein van een datacenter te produceren maakt brandstofcellen aantrekkelijk voor ondernemingen die hun projecten sneller operationeel willen krijgen. Rystad verwacht dat ongeveer 40 procent van de geplande Amerikaanse datacentercapaciteit in 2030 mogelijkheden kan onderzoeken om geheel of gedeeltelijk gebruik te maken van eigen energieopwekking.
Een van de grootste commerciële winnaars van deze ontwikkeling is het Amerikaanse Bloom Energy, dat zich specialiseert in brandstofcellen op basis van vaste oxide elektrolyten. Deze technologie kan worden ingezet met aardgas en is technisch geschikt voor gebruik met volledig zuivere waterstof, waardoor bedrijven op termijn mogelijkheden krijgen om hun energievoorziening aan te passen wanneer andere brandstoffen beschikbaar komen. Bloom heeft inmiddels overeenkomsten gesloten met grote technologiebedrijven die hun datacenters willen voorzien van eigen elektriciteitsproductie. Volgens bestuursvoorzitter K.R. Sridhar leverde het bedrijf binnen twee maanden elektriciteit aan een project van Oracle in de Amerikaanse staat Utah. Ook bij een datacenterproject van Nebius in New Jersey werden binnen ongeveer drie maanden na ondertekening van de overeenkomst de noodzakelijke goedkeuringen voor de brandstofcellen verkregen. De snelheid waarmee dergelijke projecten kunnen worden gerealiseerd vormt een belangrijk concurrentievoordeel tegenover traditionele aansluitingen op overbelaste elektriciteitsnetwerken. Oracle heeft plannen om maximaal 2,8 gigawatt aan systemen van Bloom af te nemen, waarvan inmiddels ongeveer 1,2 gigawatt contractueel is vastgelegd. Het verschil tussen de aangekondigde capaciteit en de daadwerkelijk gecontracteerde hoeveelheid blijft daarbij van belang, omdat toekomstige afnames afhankelijk zijn van commerciële afspraken en de verdere ontwikkeling van datacenterprojecten.
De financiële resultaten van Bloom Energy maken duidelijk hoe sterk de vraag naar deze energieoplossingen inmiddels is toegenomen. Het bedrijf rapporteerde over het derde kwartaal van 2026 een omzet van 1,24 miljard dollar, een stijging van 138,1 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. De nettowinst voor gewone aandeelhouders bedroeg ongeveer 250,3 miljoen dollar, tegenover een verlies van 23,1 miljoen dollar een jaar eerder. De brutowinstmarge steeg naar 33,8 procent, terwijl de onderneming haar omzetverwachting voor heel 2026 verhoogde naar een bedrag tussen 4,4 miljard en 4,6 miljard dollar. Deze cijfers illustreren dat investeringen in de energievoorziening van datacenters inmiddels een omvangrijke commerciële markt vertegenwoordigen. Ook concurrent FuelCell Energy probeert zijn positie binnen deze sector te versterken. Het bedrijf verwacht dat datacenters en aanverwante activiteiten binnen twee tot drie jaar ongeveer 75 tot 85 procent van zijn bedrijfsactiviteiten kunnen vertegenwoordigen, tegenover ongeveer 25 tot 30 procent momenteel. Volgens bestuursvoorzitter Jason Few is de snelheid waarmee betrouwbare elektriciteit beschikbaar komt voor klanten inmiddels vrijwel even belangrijk geworden als de prijs die zij daarvoor moeten betalen.
De groeiende belangstelling voor brandstofcellen heeft geleid tot een gezamenlijke orderportefeuille en verzameling raamovereenkomsten van ongeveer negen gigawatt binnen de sector, waarbij ondernemingen zoals Oracle, American Electric Power, Equinix en Brookfield betrokken zijn. Deze hoeveelheid vertegenwoordigt een aanzienlijke potentiële markt, maar niet iedere aangekondigde overeenkomst vormt al een definitieve bestelling waarvoor levering en betaling gegarandeerd zijn. Rystad verwacht dat de jaarlijkse productiecapaciteit van brandstofcellen zal toenemen van ongeveer 1,8 gigawatt momenteel naar vier gigawatt in 2030. Daarmee ontstaat een nieuwe uitdaging, omdat producenten hun fabrieken, leveranciersnetwerken en technische dienstverlening aanzienlijk moeten uitbreiden om aan de verwachte vraag te kunnen voldoen. Bovendien verdwijnen infrastructurele beperkingen niet volledig wanneer datacenters hun elektriciteit zelfstandig produceren. Ook brandstofcellen vereisen vergunningen, geschikte locaties, aardgasaansluitingen, transformatoren en elektrische schakelinstallaties. Voor projecten met een vermogen van meer dan 100 megawatt kunnen juist deze voorzieningen bepalend zijn voor de uiteindelijke opleveringsdatum. Daarnaast moet onderscheid worden gemaakt tussen lagere lokale emissies en daadwerkelijke klimaatneutraliteit, omdat systemen die aardgas gebruiken nog altijd koolstofdioxide kunnen uitstoten. De verdere marktontwikkeling zal daarom afhangen van productiecapaciteit, energiekosten, leveringszekerheid en de mogelijkheid om de milieubelasting van deze systemen te beperken.
De internationale ontwikkeling biedt eveneens belangrijke aanknopingspunten voor Suriname, dat zich voorbereidt op toekomstige olie en gasproductie en tegelijkertijd mogelijkheden onderzoekt om de nationale economie sterker te verbinden aan digitale technologie en moderne dienstverlening. De verwachte beschikbaarheid van aardgas kan op termijn kansen creëren voor aanvullende elektriciteitsproductie en industriële toepassingen, waaronder gespecialiseerde datacenters en andere energie intensieve ondernemingen. De Amerikaanse ervaringen maken echter duidelijk dat de aanwezigheid van een energiebron op zichzelf onvoldoende is om dergelijke investeringen aantrekkelijk te maken. Internationale technologiebedrijven verlangen vooral een continue elektriciteitsvoorziening, concurrerende tarieven, betrouwbare digitale verbindingen en duidelijke afspraken over vergunningen en infrastructuur. Voor Suriname kan het daarom waardevol zijn om toekomstige gasontwikkelingen te verbinden aan een bredere strategie voor elektriciteitsopwekking, modernisering van het nationale netwerk en versterking van technische opleidingen. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat grote energieverbruikers een onevenredig deel van de beschikbare capaciteit opeisen zonder aantoonbare economische voordelen voor de samenleving. Een zorgvuldig investeringsbeleid kan ervoor zorgen dat nieuwe technologische activiteiten bijdragen aan werkgelegenheid, kennisontwikkeling en aanvullende inkomsten, terwijl huishoudens en bestaande ondernemingen toegang behouden tot betaalbare en betrouwbare elektriciteit.
De snelle opmars van brandstofcellen binnen de Amerikaanse datacenterindustrie maakt duidelijk dat kunstmatige intelligentie een ingrijpende verschuiving veroorzaakt binnen de internationale energiemarkt. De verwachte groei naar 30 miljard dollar aan jaarlijkse investeringen in 2030 bevestigt dat technologiebedrijven bereid zijn aanzienlijke bedragen uit te geven om hun energievoorziening minder afhankelijk te maken van overbelaste elektriciteitsnetwerken. De sterke omzetgroei van Bloom Energy en de uitbreiding van grote commerciële overeenkomsten laten zien dat deze ontwikkeling inmiddels concrete financiële resultaten oplevert. Tegelijkertijd blijven belangrijke onzekerheden bestaan over de uiteindelijke omvang van de vraag, de beschikbaarheid van brandstoffen, de productiecapaciteit van leveranciers en de economische haalbaarheid van afzonderlijke projecten. De mogelijkheid om elektriciteit sneller beschikbaar te stellen kan datacenterontwikkelaars een belangrijk concurrentievoordeel opleveren, maar vormt geen garantie dat iedere investering winstgevend zal zijn. De komende jaren zullen vooral uitwijzen welke ondernemingen erin slagen hun productie voldoende uit te breiden en tegelijkertijd betrouwbare systemen tegen concurrerende kosten te leveren. De internationale strijd om kunstmatige intelligentie wordt daarmee steeds nadrukkelijker ook een strijd om energie, waarbij landen en ondernemingen die beschikken over voldoende elektriciteit en moderne infrastructuur een strategische voorsprong kunnen opbouwen op concurrenten die afhankelijk blijven van langdurige uitbreidingen van bestaande elektriciteitsnetwerken.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com