Staatsolie en Zijin Rosebel Gold Mines willen hun goudactiviteiten uitbreiden, maar stuiten op een opvallende tegenstrijd, terwijl veel Surinamers werk zoeken, dreigt een tekort aan gekwalificeerd personeel. Met circa 3.600 nieuwe arbeidsplaatsen in het vooruitzicht en een geplande operationele start in 2027 staat Suriname voor een stevige uitdaging. De vraag is niet alleen hoeveel banen er komen, maar vooral wie ze daadwerkelijk zal kunnen invullen. De voorgenomen uitbreiding van het Saramacca Mining project zet de regering voor een belangrijke test. Staatsolie Maatschappij Suriname NV en Zijin Rosebel Gold Mines hebben president Jennifer Simons geïnformeerd over hun expansieplannen, die voortkomen uit de samenwerking tussen het staatsbedrijf en de Chinese goudmultinational. De plannen bieden uitzicht op duizenden arbeidsplaatsen en extra inkomsten voor de staat, maar leggen tegelijkertijd een hardnekkig probleem bloot, de aansluiting tussen de Surinaamse arbeidsmarkt en de behoeften van grote industriële projecten is nog niet vanzelfsprekend. Jerry Finisie, Community Relations and Development Manager van Zijin Rosebel Gold Mines en woordvoerder van beide ondernemingen, heeft tijdens het overleg duidelijk gemaakt dat het tekort aan arbeidskrachten een van de belangrijkste uitdagingen vormt bij de voorbereiding van de uitbreiding.
De bedrijven willen samen met de overheid onderzoeken hoe de kloof tussen de beschikbare werknemers en de vereiste vaardigheden kan worden verkleind. Het vooruitzicht van ongeveer 3.600 nieuwe arbeidsplaatsen klinkt aantrekkelijk in een land waar veel werkzoekenden moeite hebben om een passende baan te vinden. Toch betekent een groot aantal vacatures niet automatisch dat de lokale bevolking daarvan profiteert. Werkgevers zoeken immers niet alleen mensen die beschikbaar zijn, maar ook werknemers met de juiste technische kennis, opleiding en praktijkervaring. Wanneer die vaardigheden ontbreken, ontstaat het risico dat vacatures onvervuld blijven of dat bedrijven uiteindelijk arbeidskrachten van buiten Suriname aantrekken. Finisie benadrukt dat het nadrukkelijk niet de bedoeling is om buitenlandse werknemers binnen te halen voor functies die Surinamers zelf zouden kunnen vervullen. Dat voornemen is positief, maar de uitvoering ervan zal bepalend zijn. Zonder concrete opleidingsprogramma’s, meetbare doelstellingen en tijdige voorbereiding dreigt de ambitie om de eigen beroepsbevolking voorrang te geven vooral bij woorden te blijven. De uitdaging is bovendien niet uitsluitend een kwestie van individuele werkzoekenden.
Ook onderwijsinstellingen, opleidingscentra, werkgevers en de overheid zullen moeten aantonen dat zij snel genoeg kunnen inspelen op de veranderende vraag vanuit de mijnbouwsector. President Simons heeft volgens Finisie bereidheid getoond om samen met de bedrijven en de betrokken overheidsinstanties naar oplossingen te zoeken. Daarbij wordt onder meer gekeken naar het Natuurtechnisch Instituut (Natin) en naar kortlopende opleidingen die kandidaten moeten voorbereiden op functies binnen het project. Die aanpak kan perspectief bieden, mits opleidingen daadwerkelijk aansluiten op de functies die nodig zijn. Een training is immers pas waardevol wanneer deelnemers er concrete beroepsvaardigheden mee verwerven en vervolgens toegang krijgen tot werk. Het aantal cursisten alleen mag daarom niet de maatstaf voor succes zijn. Doorslaggevend is hoeveel mensen hun opleiding afronden en daadwerkelijk worden aangenomen. De tijd dringt. De bedrijven mikken erop dat de activiteiten in het kader van de expansie in 2027 operationeel zijn. Dat betekent dat de voorbereiding van de benodigde arbeidskrachten niet eindeloos kan worden uitgesteld. De overheid en de ondernemingen zullen snel duidelijkheid moeten verschaffen over de benodigde beroepen, de opleidingscapaciteit en het tijdpad waarbinnen Surinamers inzetbaar moeten zijn.
De samenwerking tussen Staatsolie en Zijin Rosebel wordt door Finisie gepresenteerd als een gedegen constructie waarmee Suriname meer kan verdienen aan zijn goudsector. De deelname van het staatsbedrijf kan de positie van de staat binnen de sector versterken. Maar hogere inkomsten zijn slechts één kant van het verhaal. Een uitbreiding van de goudwinning moet ook aantoonbare voordelen opleveren voor de Surinaamse samenleving. Daarbij gaat het niet alleen om overheidsinkomsten, maar ook om lokale werkgelegenheid, kennisoverdracht en de ontwikkeling van duurzame technische vaardigheden. Juist omdat Staatsolie een staatsbedrijf is, mag van deze samenwerking worden verwacht dat de maatschappelijke opbrengsten verder reiken dan de financiële resultaten. Transparantie over de werkgelegenheid, de verdeling van functies en de inzet van lokale werknemers is daarbij essentieel. Ook de gevolgen voor de omgeving, de beschikbaarheid van voorzieningen en de bredere maatschappelijke impact verdienen aandacht. Een expansieplan kan economisch aantrekkelijk zijn, maar het succes ervan mag niet uitsluitend worden afgemeten aan productiecapaciteit en inkomsten.
Finisie roept werkzoekenden op zich te laten trainen en bijscholen. Die oproep is begrijpelijk, zeker met het oog op de toekomstige olie en gassector, waar eveneens gespecialiseerde vaardigheden nodig zullen zijn. Maar de verantwoordelijkheid mag niet volledig bij de werkzoekende worden gelegd. Zonder toegankelijk onderwijs, betaalbare opleidingen en duidelijke kansen op aanstelling blijft bijscholing voor velen buiten bereik. De uitbreiding van Saramacca Mining kan Suriname een belangrijke economische impuls geven. Tegelijkertijd dreigt een pijnlijke tegenstelling wanneer duizenden banen worden aangekondigd, terwijl de lokale arbeidsmarkt onvoldoende voorbereid blijkt om die kansen te benutten. De komende periode zal moeten uitwijzen of de samenwerking tussen Staatsolie, Zijin Rosebel en de regering meer oplevert dan ambitieuze plannen. De echte winst zit niet alleen in extra goudproductie of hogere staatsinkomsten, maar in het vermogen om Surinamers daadwerkelijk klaar te stomen voor het werk dat eraan komt. Als de expansie in 2027 van start moet gaan, is er weinig ruimte voor vertraging. De goudsector staat klaar om uit te breiden. Nu moet blijken of Suriname ook klaar is om zijn eigen mensen die groei te laten dragen.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com