De Domineestraat is weer opengesteld voor het verkeer. Een belangrijke binnenstedelijke verbinding is opnieuw toegankelijk en de renovatiewerkzaamheden zouden volgens aannemingsbedrijf Tjongalanga N.V. goed op schema liggen. Maar achter de feestelijke boodschap over een vernieuwde straat schuilt een ongemakkelijke werkelijkheid, Suriname is opnieuw bezig met het repareren van de gevolgen van tientallen jaren achterstallig onderhoud. De renovatie, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening (OWRO), laat zien hoe diep de problemen met de infrastructuur zitten. De oude asfaltverharding van de Domineestraat was naar schatting 60 tot 70 jaar oud. De riolering was ongeveer een halve eeuw oud. Dat deze infrastructuur zo lang heeft moeten functioneren zonder fundamentele vernieuwing, is geen teken van efficiënt bestuur. Het is het resultaat van jarenlang uitstel, gebrekkig onderhoud en een politieke cultuur waarin problemen vaak pas worden aangepakt wanneer ze niet langer te negeren zijn. De huidige werkzaamheden maken duidelijk wat er onder het asfalt verborgen lag. Nadat het oude wegdek was verwijderd, bleek de ondergrond in zeer slechte staat.
De weg moest tot ongeveer één meter diep worden uitgegraven en volledig opnieuw worden opgebouwd. Daar kwam circa 80 centimeter klinkzand en 20 centimeter basecourse voor in de plaats, gevolgd door een eerste asfaltlaag van ongeveer zes centimeter. Dat is geen simpele onderhoudsbeurt. Het is feitelijk een reconstructie van een straat die jarenlang aan haar lot is overgelaten. Ook de riolering moest volledig worden aangepakt. Nieuwe PVC-leidingen zijn aan beide zijden van het eerste traject aangelegd, ter vervanging van het oude systeem dat midden onder de weg liep. Huisaansluitingen en kolken zijn opnieuw aangesloten. Regen en afvalwater wordt via het vernieuwde systeem onder de Jodenbreestraat afgevoerd richting het pompgemaal en uiteindelijk naar de Surinamerivier. Daarmee wordt opnieuw bevestigd dat wegenbouw in Suriname onmogelijk los kan worden gezien van riolering, nutsvoorzieningen en waterafvoer. Een straat kan nog zo mooi worden geasfalteerd, maar als de onderliggende infrastructuur faalt, is het slechts een kwestie van tijd voordat het probleem opnieuw zichtbaar wordt. De Domineestraat is inmiddels toegankelijk, maar het werk is nog lang niet klaar.
Tijdelijke wegmarkeringen, waaronder zebrapaden, sorteervakken en een middenlijn, moeten voor 3 september worden aangebracht. De SWM moet nog enkele werkzaamheden afronden, terwijl EBS verantwoordelijk is voor de openbare verlichting. Daarna volgen de trottoirs en parkeervakken. Het tweede gedeelte, vanaf de Steenbakkerijstraat tot aan de Zwartenhovenbrugstraat, moet zelfs nog worden uitgevoerd. De verwachte oplevering van het volledige project ligt rond midden november. Daarmee blijft de vraag naar structureel onderhoud nadrukkelijk op tafel liggen. Want als een straat pas na tientallen jaren volledig wordt aangepakt, kan een overheid moeilijk spreken van een duurzaam infrastructuurbeleid. Dan is er vooral sprake van schadebeheersing. Minister Stephen Tsang presenteert de renovatie bovendien als onderdeel van een bredere ambitie om de binnenstad aantrekkelijker en representatiever te maken. Dat klinkt positief. Stadsverfraaiing en toerisme verdienen aandacht, maar een aantrekkelijke binnenstad begint niet bij een mooie asfaltlaag. Zij begint bij betrouwbare riolering, veilige trottoirs, goede verlichting, ordelijke parkeerplaatsen en een onderhoudssysteem dat voorkomt dat infrastructuur opnieuw decennialang aftakelt. De aangekondigde ambitie om landelijk minimaal 170 straten te asfalteren of te verharden, verdient daarom vooral een kritische blik.
Het aantal aangepakte straten zegt weinig als er geen degelijk onderhoudsprogramma achter zit. Nieuwe wegen aanleggen en oude wegen renoveren is zichtbaar en politiek aantrekkelijk. Regelmatig onderhoud uitvoeren is minder spectaculair, maar uiteindelijk veel goedkoper en verstandiger. Ook de oproep van de minister aan burgers om de openbare ruimte schoon te houden, is terecht. Afval kan afwateringssystemen verstoppen en bijdragen aan wateroverlast en schade aan wegen. Maar verantwoordelijkheid voor een leefbare stad ligt niet uitsluitend bij burgers. De overheid heeft eveneens de plicht om afvalbeheer, afwatering, onderhoud en handhaving structureel te organiseren. De heropening van de Domineestraat mag daarom worden gevierd, maar niet worden aangegrepen als bewijs dat het infrastructuurprobleem is opgelost. Integendeel, de straat laat zien hoeveel achterstallig werk zich onder het asfalt kan verbergen. Een nieuwe Domineestraat is welkom. Wat Suriname nodig heeft, is echter meer dan een reeks vernieuwde straten. Het land heeft een onderhoudscultuur nodig waarin infrastructuur niet eerst wordt afgeschreven voordat er wordt ingegrepen. Alleen dan wordt een investering als deze meer dan een tijdelijke overwinning op een oud probleem.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com