De samenwerking tussen het Ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer en het traditioneel gezag van Matawai wordt gepresenteerd als een nieuwe stap richting natuurbehoud en veiligheid, maar legt tegelijkertijd een veel hardere werkelijkheid bloot, omdat een gemeenschap pas om een permanente controlepost, intensiever toezicht en ondersteuning hoeft te vragen wanneer de staat er gedurende lange tijd onvoldoende zichtbaar, bereikbaar en handhavend aanwezig is geweest. Stroperij, illegale visserij, ongecontroleerde goudwinning, drugssmokkel en vrije toegang tot het bos vormen geen reeks losse overtredingen meer, maar een parallel systeem waarin onbekende personen natuurlijke rijkdommen kunnen exploiteren en zich door een traditioneel woongebied bewegen zonder dat bewoners weten wie zij zijn, onder wiens gezag zij werken en welke wapens, machines of handelsnetwerken zij meenemen.
Het Matawai gezag vraagt daarom terecht om een permanente controlepost, maar een gebouw langs een route levert nog geen veiligheid op wanneer personeel, bevoegdheden, communicatieapparatuur, vervoer en directe ondersteuning door politie, justitie en inspectiediensten ontbreken. Een controlepost moet niet uitsluitend registreren wie het gebied binnenkomt, maar ook voertuigen en materieel kunnen controleren, vergunningen verifiëren, verdachte transporten melden, overtredingen documenteren en snel versterking oproepen. Een post die alleen tijdens kantooruren wordt bemand en bij ernstige incidenten uren moet wachten op hulp uit Paramaribo, wordt al snel een zichtbaar symbool van overheid zonder de operationele macht die het symbool geloofwaardig maakt.
De ernst van het probleem werd eerder zichtbaar bij de goudwinning in het Matawai gebied, nadat vertegenwoordigers van de gemeenschap zelf hadden gevraagd om ordening omdat onbekende gouddelvers zich zonder controle vestigden en zelfs willekeurig schoten losten. Registratie en badges werden toen noodzakelijk geacht om vast te stellen wie in het gebied werkt, maar de vergelijking met een wetteloos grensgebied kwam niet van buitenstaanders, zij kwam uit de gemeenschap die dagelijks met de gevolgen wordt geconfronteerd. Daarmee verdwijnt het eenvoudige verhaal dat toezicht slechts een poging van de overheid zou zijn om lokale economische activiteit te beperken, want bewoners vragen juist om regels omdat ongereguleerde exploitatie hun veiligheid, gezag en bestaanszekerheid bedreigt.
De dodelijke ongevallen rond illegale goudwinning tonen bovendien dat chaos in het binnenland niet alleen bomen en rivieren beschadigt, maar ook mensenlevens kost. In het concessiegebied van Zijin kwamen in de eerste maanden van 2026 al vier illegale goudzoekers om het leven, onder meer door vallen en verdrinking, terwijl politie en militairen herhaaldelijk moesten optreden tegen personen die zich ondanks waarschuwingen in gevaarlijke mijnzones bevonden. Zulke incidenten laten zien dat een illegale mijn niet romantisch kan worden voorgesteld als een arme man met een schop die zelfstandig probeert te overleven, omdat diepe putten, instabiele hellingen, zwaar materieel, gewapende groepen en een gebrekkige veiligheidsorganisatie een omgeving creëren waarin één fout onmiddellijk fataal kan worden.
De regering heeft inmiddels erkend dat de problemen in de goudsector veel verder reiken dan belastingverlies, omdat ook smokkel, illegale buitenlandse operaties en criminelen met zware wapens onderdeel van het veiligheidsbeeld zijn. Een internationale operatie waaraan Suriname deelnam leidde begin 2026 in vier landen tot bijna tweehonderd arrestaties, nadat meer dan 24.500 personen en voertuigen waren gecontroleerd en onder meer goud, geld, kwik, vuurwapens en drugs in beslag waren genomen. Het Matawai gebied mag daarom niet uitsluitend worden behandeld als natuurdossier, want illegale goudwinning kan zich verbinden met witwassen, wapens, verdovende middelen en grensoverschrijdende georganiseerde misdaad, waardoor bosbeheer zonder recherchecapaciteit en financiële opsporing structureel tekortschiet.
Minister Stanley Soeropawiro heeft terecht benadrukt dat bescherming van bos en natuur een gezamenlijke verantwoordelijkheid is, maar gezamenlijkheid mag geen bestuurlijk woord worden waarmee de centrale overheid haar eigen wettelijke taak over meerdere organisaties verspreidt. Het traditioneel gezag kent de routes, personen, seizoenen en veranderingen in het gebied, de Stichting voor Bosbeheer en Bostoezicht beschikt over bosbouwkundige en technische taken, het Amazon Conservation Team heeft ervaring met gemeenschapsmonitoring en het ministerie draagt de politieke verantwoordelijkheid. Die rollen moeten elkaar aanvullen, maar de staat blijft verplicht om overtredingen te onderzoeken, bewijsmateriaal veilig te stellen en ervoor te zorgen dat een melding uiteindelijk leidt tot een sanctie.
De afspraak om een bestaande locatie tot controlepost om te vormen kan snel resultaat opleveren, mits vooraf duidelijk wordt vastgesteld wie de post beheert, welke diensten er permanent aanwezig zijn en hoe informatie wordt gedeeld. Een gezamenlijke bezetting door getrainde leden uit de gemeenschap en bevoegde overheidsfunctionarissen kan lokale kennis verbinden met formele handhaving, maar zonder rooster, brandstof, boot of terreinwagen, satellietcommunicatie, betrouwbare stroomvoorziening en een jaarlijks onderhoudsbudget zal de post na de openingsceremonie langzaam leeglopen. Het binnenland kent al te veel projecten die bij de ingebruikname indrukwekkend ogen en enkele maanden later nauwelijks functioneren omdat niemand de terugkerende kosten heeft begroot.
De inzet van Community Rangers kan een krachtige aanvulling worden, omdat bewoners sneller veranderingen waarnemen dan een inspectieteam dat enkele keren per jaar vanuit de stad arriveert. Het Amazon Conservation Team heeft sinds 2007 in Suriname meer dan zestig rangers helpen opleiden en verschillende posten ondersteund, waarbij gemeenschapsleden biodiversiteit, bosverlies en illegale activiteiten volgen met veldkennis, digitale kaarten en satellietinformatie. Ook in het Matawai landschap heeft houtkap nieuwe toegangsroutes gecreëerd, waardoor gebieden die vroeger moeilijk bereikbaar waren sneller kunnen worden binnengedrongen door jagers, delvers en andere exploitanten.
Community Rangers mogen echter niet worden gebruikt als goedkope vervanging voor politieagenten, jachtopzieners of bosinspecteurs. Zij worden mogelijk geconfronteerd met gewapende personen, criminele netwerken en ondernemers die grote financiële belangen verdedigen, waardoor opleiding in navigatie en natuurmonitoring alleen onvoldoende is. Een serieus programma vraagt een juridisch mandaat, loon of structurele vergoeding, verzekering, beschermingsmiddelen, communicatiemiddelen, afspraken over vertrouwelijkheid en een protocol dat bepaalt wanneer rangers observeren, wanneer zij rapporteren en wanneer bevoegde eenheden het optreden overnemen. De gemeenschap kan de ogen en oren van het gebied vormen, maar de staat mag haar niet zonder bescherming vooraan plaatsen tegenover de criminelen die hij zelf onvoldoende heeft bestreden.
De geplande krutu over jacht, visserij, natuurbeheer en de taken van de dienst Lands Bosbeheer moet daarom meer worden dan een bijeenkomst waarin ambtenaren wetten voorlezen aan bewoners. De gesprekken moeten duidelijk maken welke traditionele activiteiten zijn toegestaan, hoe commerciële exploitatie daarvan wordt onderscheiden, welke vergunningen bestaan, waar meldingen terechtkomen en welke rechten een bewoner heeft wanneer een controleur of concessiehouder zijn bevoegdheid overschrijdt. Regels krijgen pas legitimiteit wanneer zij begrijpelijk, consequent en voor iedereen gelijk worden toegepast, want een lokale jager streng aanpakken terwijl een grote onderneming onduidelijkheid behoudt over haar grenzen en verplichtingen zal het vertrouwen onmiddellijk vernietigen.
Informatie en verbodsborden kunnen helpen, maar hebben weinig betekenis zolang de grenzen van woongebieden, concessies, jachtzones en beschermde gebieden niet voor bewoners en controleurs op dezelfde kaart zichtbaar zijn. Iedere controlepost moet daarom toegang krijgen tot actuele digitale kaarten waarop verleende rechten, routes, waterlopen, dorpen en gevoelige natuurgebieden worden weergegeven. Meldingen van rangers kunnen vervolgens worden vastgelegd met locatie, tijd, foto’s en vervolgactie, zodat niet alleen bekend wordt hoeveel incidenten zijn waargenomen, maar ook welke instantie heeft gehandeld en wat het resultaat was.
De roep om Free Prior and Informed Consent raakt het hart van het probleem, omdat vroegtijdige betrokkenheid van traditioneel gezag niet hetzelfde is als een mededeling nadat een concessie of activiteit al bestuurlijk is voorbereid. Vrije toestemming betekent dat druk en manipulatie ontbreken, voorafgaande toestemming vereist betrokkenheid voordat beslissingen vaststaan en geïnformeerde toestemming vraagt volledige informatie over risico’s, opbrengsten, duur, gevolgen en alternatieven. De uitspraak van het Inter Amerikaanse Hof in de zaak van het Saramaka volk verplicht Suriname tot effectieve, voorafgaande en volledig geïnformeerde consultatie en in bepaalde omstandigheden tot toestemming wanneer ontwikkelingsprojecten het traditionele territorium en het voortbestaan van een tribaal volk ingrijpend kunnen raken.
Die verplichting mag niet worden gereduceerd tot een handtekening van één gezagsdrager of een vergadering waarin kritische bewoners pas aan het einde het woord krijgen. De overheid moet vooraf vaststellen wie volgens de gebruiken van de gemeenschap bevoegd is om mee te beslissen, hoe vrouwen, jongeren, dorpen en andere belanghebbenden worden gehoord en op welke wijze voordelen uit een project eerlijk terugvloeien naar het collectief. Een concessie kan formeel legaal zijn en toch sociaal onrechtvaardig worden wanneer de staat de gemeenschap alleen consulteert over de manier waarop een reeds genomen besluit wordt uitgevoerd.
De juridische onzekerheid rond collectieve grondenrechten maakt de situatie extra kwetsbaar, omdat Suriname nog steeds werkt aan wetgeving, institutionele procedures en tijdelijke bescherming van traditionele woon en leefgebieden. President Jennifer Simons heeft in juli 2026 met traditionele gezagsdragers gesproken over een beschermingswet die als noodoplossing moet functioneren en volgens haar niet bedoeld is om het bredere grondenrechtenproces te vervangen. De regering heeft daarnaast opnieuw inventarisaties en consultaties gestart over wettelijke erkenning, uitvoering van internationale vonnissen en het toepassen van FPIC. Die processen tonen politieke beweging, maar eveneens dat gemeenschappen nog altijd bescherming nodig hebben in een periode waarin de definitieve wettelijke ordening niet is voltooid.
Duurzaam toerisme kan Matawai economische mogelijkheden bieden, maar alleen wanneer de gemeenschap mede eigenaar wordt van het product en niet uitsluitend culturele optredens, gidsdiensten en laagbetaalde arbeid levert aan ondernemingen van buitenaf. Lokale regels moeten bepalen welke plaatsen toegankelijk zijn, hoeveel bezoekers het gebied kan dragen, wie inkomsten ontvangt en hoe natuur en cultureel erfgoed worden beschermd. Toerisme dat een weg opent voor grotere commerciële activiteiten, afval achterlaat en winsten afvoert, is geen duurzaam alternatief voor mijnbouw en houtkap maar dezelfde extractieve economie in een vriendelijker verpakking.
Het overleg tussen GBB en het Matawai gezag verdient daarom waardering, maar geloofwaardigheid ontstaat pas wanneer binnen korte termijn een operationeel plan wordt gepubliceerd met een locatie voor de controlepost, verantwoordelijke diensten, personeelsbezetting, budget, startdatum, bevoegdheden en een procedure voor meldingen en klachten. Suriname heeft geen behoefte aan nog een samenwerking waarvan het succes wordt afgemeten aan vergaderingen, trainingen en geplaatste borden, maar aan meetbare resultaten zoals minder illegale toegang, minder wapengeweld, minder verwoeste kreken, meer geregistreerde activiteiten en aantoonbare vervolging van overtreders, ongeacht hun politieke relaties of financiële omvang.
Het Matawai bos wordt uiteindelijk niet beschermd door de verklaring dat natuur een gezamenlijke verantwoordelijkheid is, maar door een staat die naast de gemeenschap blijft staan wanneer economische belangen, criminelen en concessiehouders weerstand bieden. De gemeenschap heeft het alarm al afgegeven, de bedreigingen zijn benoemd en de partners zijn bekend, waardoor iedere nieuwe vertraging niet langer kan worden verklaard door gebrek aan informatie. Een controlepost zonder mensen, een ranger zonder bescherming en FPIC zonder werkelijke beslissingsmacht zouden slechts drie nieuwe symbolen worden van dezelfde oude afwezigheid die het bos juist voor illegale exploitatie heeft opengesteld.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK and Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com