Een uitzonderlijk krachtige aardbeving met een magnitude van 7,7 heeft Panama vrijdag opgeschrikt, duizenden mensen uit kantoren en woningen gejaagd en op verschillende plaatsen schade veroorzaakt, maar het land bleef wonderbaarlijk genoeg gespaard van de massale verwoesting en het zware menselijke verlies waarvoor aanvankelijk werd gevreesd.
De beving ontstond op een diepte van 12,6 kilometer in het zuiden van het land, met het epicentrum in een dunbevolkt gebied op ongeveer 200 kilometer van Panama Stad. Door de geringe diepte verspreidden de schokgolven zich krachtig over vrijwel het gehele nationale grondgebied. In de hoofdstad trilde de bodem naar schatting veertig seconden, al kan het geweld elders nog langer zijn gevoeld.
Meer dan veertig naschokken hielden de bevolking in de uren daarna in spanning. Toch bleven de strategische slagaders van de Panamese economie overeind. Het Panamakanaal bleef normaal functioneren, de grote kopermijn Cobre Panama rapporteerde geen verstoring van haar activiteiten en de internationale luchthaven Tocumen hervatte het vliegverkeer na een tijdelijke onderbreking.
In het financiële hart van Panama Stad stroomden duizenden werknemers uit hoge kantoorgebouwen naar buiten. De evacuaties verliepen snel, maar veroorzaakten vervolgens een verkeerschaos waarin veel mensen niet wisten hoe zij thuis moesten komen. Medewerkers die op de bovenste verdiepingen verbleven, beschreven een langdurige beweging die muren, ramen en meubilair zichtbaar liet schudden.
Ramenwassers aan de buitenzijde van een hoog gebouw werden tijdens de beving heen en weer geslingerd alsof hun werkplatform een hangmat was. Hun overleving werd door omstanders als een klein wonder beschouwd. In oudere gebouwen, waaronder constructies uit het voormalige Amerikaanse militaire tijdperk, was de angst extra groot omdat bewoners en werknemers niet konden inschatten of de muren de aanhoudende krachten zouden weerstaan.
President Raúl Mulino vertrok naar Penonomé, een stad die ongeveer halverwege het epicentrum en de hoofdstad ligt. Enkele gebouwen stortten daar gedeeltelijk in en ook een kerk raakte beschadigd. Auto’s werden getroffen door vallend puin, muren vertoonden scheuren en bewoners bleven uit voorzorg buiten zolang de naschokken aanhielden.
Ondanks deze schade waren er in de eerste uren geen bevestigde sterfgevallen of gewonden. Dat maakte het contrast met andere recente rampen in de regio bijzonder scherp. Twee opeenvolgende aardbevingen in Venezuela kostten in juni aan duizenden mensen het leven, terwijl in augustus meer dan driehonderd doden vielen bij een beving in Colombia.
Ongeveer 43.000 inwoners van Panama bevonden zich volgens een eerste blootstellingsanalyse in gebieden die minstens zwaar door de aardbeving werden getroffen. Dat aantal ligt aanzienlijk lager dan de bijna 1,4 miljoen mensen die werden blootgesteld aan het geweld van de bevingen in Venezuela en de ruim 1,6 miljoen bewoners in het getroffen deel van West Colombia. De beperkte bevolkingsdichtheid rond het epicentrum lijkt daardoor een belangrijke reden te zijn geweest waarom de menselijke tol uitbleef.
De oorsprong van de beving wordt gezocht in het breuksysteem van Azuero Sona, waar gedurende lange tijd enorme tektonische spanning kan worden opgebouwd. Zodra die druk vrijkomt, verspreiden seismische signalen zich over grote afstanden. Het systeem verklaart waarom de beving in het hele land werd gevoeld, ondanks de aanzienlijke afstand tussen het epicentrum en de hoofdstad.
Sterke aardbevingen komen in Panama niet vaak voor, waardoor de schrik diep zat. Oudere bewoners stonden huilend op straat en durfden niet terug naar woningen waarin scheuren waren ontstaan. Een 74 jarige inwoner van de provincie Herrera vreesde dat zijn beschadigde huis alsnog zou instorten. Ook uit Chitré, de hoofdstad van Herrera, en kustgebieden in de provincie Los Santos kwamen meldingen van schade.
De materiële rekening kan alsnog zwaar uitvallen. Eerste ramingen wijzen op mogelijke economische verliezen ter waarde van 1 tot 10 procent van het bruto binnenlands product. Elektriciteitsbedrijf Naturgy meldde stroomstoringen in zes provincies, waardoor duidelijk werd dat zelfs een land dat aan grootschalige verwoesting ontsnapt kwetsbaar blijft voor uitval van essentiële voorzieningen.
Een nationale evacuatieoefening stond toevallig al gepland voor de maandag na de aardbeving. Die oefening krijgt door de gebeurtenissen een geheel andere lading, omdat de autoriteiten niet langer met een theoretisch rampscenario werken, maar met verse ervaringen uit straten, kantoren, luchthavens en woonwijken. De komende inspecties moeten uitwijzen hoeveel gebouwen onveilig zijn geworden en welke delen van de infrastructuur verborgen schade hebben opgelopen.
Ook Suriname kan uit deze bijna ramp waardevolle lessen trekken, omdat een beperkte geschiedenis van zware aardbevingen nooit mag worden verward met volledige veiligheid. Regelmatige evacuatieoefeningen, strenge bouwcontrole, betrouwbare noodcommunicatie, reservevoorzieningen voor elektriciteit en duidelijke afspraken voor de continuïteit van havens, ziekenhuizen en overheidsdiensten kunnen op een beslissend moment het verschil maken tussen ontregeling en beheersing.
Panama heeft deze keer vooral geprofiteerd van de afstand tot dichtbevolkte gebieden, functionerende vitale infrastructuur en een flinke dosis geluk, maar de minuten waarin de bodem bleef bewegen hebben tegelijk een waarschuwing achtergelaten die geen regering lichtvaardig kan negeren. Rampenbestendigheid wordt immers niet opgebouwd wanneer de aarde al schudt, maar in de stille jaren waarin gevaar nog ver weg lijkt.
Volg Ko’W’ Checking voor nieuws, data en meer gesprekken over samenleving, ondernemerschap, leiderschap en ontwikkeling, op de Facebookpagina, TIKTOK en Youtube kanaal. Voor alle nieuws uit Suriname en de wereld check: www.kowchecking.com